Ongelooflijk: het is nog maar negen uur en Martha slaapt! En met slapen bedoel ik echt slapen: niet even een hazenslaapje plegen zoals Miss Micro-Sleep meestal doet, maar echt oprecht in dromenland vertoeven -- zonder dat ze mijn aanwezigheid opmerkt: zelfs mijn linkerborst laat ze links liggen. Ik heb dus eindelijk eens tijd om te bloggen. Wellicht niet over Zuid-Afrika, maar over het klompje goud dat ik meermaals per etmaal aan mijn borst mag leggen, en over mijn liefste oma, die 5 maart van me heen is gegaan.
Waarom ik nog niet eerder wat tijd vond? Martha is morgen drie maanden en drinkt nog altijd om de twee uur overdag en om de drie uur 's nachts. Mijn prioriteiten zijn dus nog altijd: eten, douchen, als het even kan even het zwembad induiken, en wat tot voor kort haast nooit lukte: van de Zuid-Afrikaanse zon genieten terwijl ik eens niet met Martha in de schaduw zit. 's Avonds kruip ik samen met Martha in bed, en gelukkig is dat niet meer rond middernacht zoals thuis, maar halen we meestal de klok van tien.
We zijn vorige week ook naar het nationaal park in Pilanesberg geweest en hebben dat drie dagen doorkruist, dus klagen doe ik hoegenaamd niet. Dat was trouwens heerlijk, ook voor Martha: twee volle dagen op mijn schoot, aan de borst, in een ronkende auto in slaap dommelen. Borstvoeden aan 20 km per uur: check! En ik zag eens wat meer dan de Hadeda's en hagedissen vanop ons terras: we hebben leeuwen, zebra's, giraffen en neushoorns van dichtbij gezien, en olifanten en nijlpaarden van veraf.
We maken hier ook andere uitstapjes natuurlijk, naar een tuinterras of naar Parys, we gaan bij vrienden barbecueën of bereiden zelf een braai voor, of we gaan een weekendje weg. Zo zijn we onlangs met de dochter, schoonzoon en kleinkinderen van Oma'Nette naar Jumbo geweest: haar buitenverblijf aan de rivier de Vaal, in een beschermd natuurgebied, waar de aapjes over het terras lopen en Thelma en Bernard gingen varen in een open kayak, onder de reigers, aalscholvers en hamerkoppen door. The good life, dat spreekt.
Dé grote revelatie van de laatste drie dagen was dat Martha 's voormiddags bij Bernard in de draagdoek haar tukje doet. Ze komt er helemaal bezweet uit, maar ze slaapt tenminste eens twee uur aan een stuk. Ook goed voor mijn gemoed dat Bernard haar bij thuiskomst nu ook zelf kan sussen en in slaap wiegen, want tot voor kort was dat privilege aan mij voorbehouden. Ze sliep enkel in mijn armen, op mijn schoot of aan de borst (wat dat volgende maand gaat geven als ze halftijds naar onze fantastische onthaalmoeder gaat: ik mag er niet aan denken).
Gisteren ben ik al om negen uur met Martha in bed gekropen en na een nacht uit de boekjes (lees: voeden om 1 uur, 4 uur en 7 uur) ben ik vandaag zo fris als een hoentje. Ik heb van de gewonnen tijd gebruik gemaakt om rekeningen te betalen, met Thelma choco zonder palmolie te maken (nadat ik haar verteld had over het verdwijnende regenwoud), met haar een duik te nemen in ons zwembad en (na een nieuwe voeding) een filmpje af te werken met Explain Everything: een app die vooral gebruikt wordt om powerpoints te animeren, maar waarmee ik nu met Thelma een filmpje heb gemaakt. Zodra er weer sneller internet is en ik het kan inladen in mijn Picasa app, zwier ik het online.
***
De week voor ons verblijf in het dierenpark is mijn allerliefste oma gestorven. Ze lag al enkele maanden in het ziekenhuis, nadat mijn opa een nieuwe knie had gekregen. Ze was 92, kon niet meer voor zichzelf zorgen en was dus tijdelijk naar een bejaardentehuis voor kortverblijf gegaan terwijl mijn opa opgenomen was, maar de veranderingen, de stress en de angst waren te groot. Ze heeft een trombose gehad en is in het ziekenhuis beland.
Ik ben haar voor ons vertrek nog twee keer gaan bezoeken met Martha, en had gehoopt dat ze april zou halen, maar het heeft niet mogen zijn. Ze kon niet meer eten en is zachtjes uitgedoofd. Het was wellicht ook beter voor haar om te gaan op haar moment, zonder extra pijn, zonder een nodeloos langgerekt einde. Ze vond het trouwens een goed idee van ons om naar Zuid-Afrika te gaan. Ze keek altijd in de toekomst. Een supervrouw.
Ik wou terugkeren met Martha, en had daar ook een verzekering voor, maar mijn familie heeft me uiteindelijk aangeraden om dat niet te doen. Vier extra vluchten op een week tijd zouden te veel kunnnen zijn voor het ukkie dat Martha nog maar is. Ze heeft de heenreis zo goed doorstaan en mijn oma komt er niet door terug.
Ik heb proberen rouwen hier in Zuid-Afrika, maar dat ging heel moeilijk zonder de familie in de buurt. Ik heb wel gewerkt aan een tekst voor de begrafenis, veel geskypet, ge-sms't en gebeld, maar dat leek meer op verdriet verdringen dan verwerken. Ik ga er thuis bewust tijd voor maken, mijn opa vaker opzoeken, uithuilen bij haar graf.
Ziehier mijn afscheidstekst:
Liefste Oma
(Lieve stoere gevoelige eigenzinnige top-oma)
Zou je dichterbij komen, als ik dichterbij kwam? Zou ik je hoge gibberlachje nog eens kunnen horen, als ik naar je toe kwam? Zou ik je regenboogsoep nog eens kunnen proeven, of je perziken op siroop? Zou dat kunnen, voor heel even? En laat je ons dan elk weer dertien speculoosjes doppen in de koffie? Dertien, en zo is het genoeg hoor!
Ik hoor je nog roepen 'Woetje, kom! Woetje, kom!' als je de varkens binnenriep, en 'Poews, poews, poews' om de katten te lokken naar je dooreengehusselde restjes. Ik hoor je af en toe eens snurken tijdens je broodnodige middagdut. Ik hoor nog je typische hoestje, waar ik mijn studenten nog vaak over vertel, en soms ook een zucht 'uut 't diepst van m'n erte'.
Ik hoor je vragen om een 'teusje' bier of een Picon, ik hoor je later Pepe uitgebreid loven en prijzen omdat hij zo goed voor je zorgt. Ik hoor je nog zeggen 'eentje op z'n oogsje, eentje op ze neuzetje' toen je ons 's avonds onderstopte -- en ik weet dat je ons midden in de nacht nog eens kwam toedekken.
Ik zie het harde werk op de boerderij en de zorgen die dat soms meebracht. Ik zie je boterhammen smeren voor Pepe op het veld, en kerrepap maken 's avonds tegen tienen. Ik zie je in de diepvries duiken op zondag, toen we weer naar huis reden en je ons nog meer vlees en brood wou meegeven, want we zouden eens moeten verhongeren, daar in het verre Gent. Ik zie je onze vrienden verwelkomen op de boerderij of thuis. En ik zie je genieten en knipogen als je mijn lief omhelst. Je had alles gezien, en alles gehoord.
En ik hoor je elke keer vragen of we nu echt al weer naar huis moeten. Of het weekend er al op zit, of de dag alweer voorbij is, of we echt al moeten gaan. Dat het toch zo jammer is dat we zo ver wonen, en of we je nu echt al gaan verlaten?' Wel, liefste oma, jij hebt ons nu verlaten. Op je 92ste, maar toch ook veel te vroeg.
Maar net als jij toen, houden we vast aan de herinnering, beleven we telkens opnieuw wat er geweest is, en ben je ver weg, maar toch nog zo dichtbij.
Lotje



