Thelma vermeed het dus een hele tijd om 'mama' te zeggen tegen mij. Wel 'mamama', 'mamamama', om mij ervan te verzekeren dat ze het kon, maar het gewoon nog even uitstelde. En ze keek ook naar mij als we vroegen waar mama was, dus ze wist wel van mijn bestaan af. Ook speeltjes kwamen vlot mijn kant uit als we vroegen om ze even naar mama te brengen. En ze kon de twee lettergrepen ook apart zeggen, en dan zei ze 'mama' tegen een deur, of een speeltje, of langsglijdende huizen vanuit de buggy. Maar nooit tegen mij.
Mijn moeder zei vorige week langs haar neus weg dat ik dat ook niet deed toen ik zo klein was, dus dat verklaart al een en ander. Ik zei als peuter trouwens ook 'Hugo' en 'Ingrid' tegen mijn ouders, niet 'mama' en 'papa', tot groot ongenoegen van mijn onthaalmoeder. Dat kwam natuurlijk omdat mijn ouders ook vooral elkaars voornamen zeiden, afgewisseld met de koosnamen 'bonus' en 'schete', omdat ze lichtjes allergisch waren aan ouders die ook tegen elkaar 'mama' en 'papa' zeiden.
Soit, Thelma zegt de laatste week opeens heel vlot 'mama'. En weet je tegen wie? Tegen papa.
Tegen mij zegt ze nu ook af en toe 'papa', gelukkig maar. Ik wil de vaderrol met plezier op mij nemen. Waar een genderkritische opvoeding al niet toe kan leiden, nietwaar?
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Hoe herkenbaar. Fien zei alleen papa, vooral tegen Bert maar ook algemeen als "ouder". Mama is pas maaaaanden later gekomen. Natuurlijk kon ze het zeggen, dat was het probleem niet, maar het woord koppelen aan mij, nee dat ging niet.
BeantwoordenVerwijderenMaar zolang haar armpjes vooral mijn richting uitgingen, had ik het daar niet echt lastig mee. En nu zegt ze écht mama tegen mij en papa tegen Bert. EINDELIJK.