Als ik iets ga proberen mee te nemen uit Zuid-Afrika, behalve de hernieuwde liefde voor literatuur en de opgelaaide passie voor historisch onderzoek, is het de welgemeende smile die je hier overal krijgt. En hoezeer het ook een cliché mag zijn, de lach die ik 's middags krijg van de zwarte dienster met haar gouden tanden is allesbehalve een cliché. Het is elke keer opnieuw een nieuwsgierig-ontwapenende glimlach die mij nieuwsgierig-vragend doet teruglachen.
En mij aan het denken zet, ongelovige Belg als ik ben ... Is het zo welgemeend als het er elke keer uitziet? Hoeft ze daar helemaal geen moeite voor te doen? Heeft ze ooit een mindere dag? Does she fancy me? Zal het ooit voorbijgaan als ik de kaart wat beter leer kennen? Als ik nog wat vaker kom en niet meer denk dat soda ook gewoon spuitwater kan zijn zonder Coca-Cola- of Spritesiroop, en Ice-Tea gewoon bubbels bevat zonder het lemon- of peach-dilemma?
Mijn huisgenoot Niels was het ook al opgevallen, dus het is niet iets wat ze alleen voor mij etaleert. Maar het is zo aanstekelijk dat ik er iets van hoop te bewaren. Wij Belgen, die onzekerheid vaak maskeren met arrogantie, die onhandigheid verbergen door onopgemerkt (not) de andere kant uit te kijken, kunnen daar best nog wat van leren. Wij, die 'lachen' soms als een teken van domheid zien, zouden weleens gebaat kunnen zijn bij wat meer gezichtsgymnastiek. En ik pleit schuldig.
Ook de smile van David, onze tuinman, die ik net niet liet oversteken toen ik donderdag met de auto op weg was naar de universiteit (omdat dat hier de gewoonte niet is en op een T-punt alleen maar iemand 'in je gat' zou doen rijden), doe je onrecht aan door het een cliché te noemen. Ik leek wel een oud lief van hem dat hij altijd graag is blijven zien, of zijn moeder, die hij na maanden ontbering terugzag. En ik stak alleen mijn hand naar hem op terwijl ik de straat inreed.
En vandaag, toen we een pint gingen drinken op een terras dat alleen bij ingewijden bekend is, waar toeristen nooit een voet zouden zetten, omdat het in een oase annex tuincentrum ligt waar tijdelijke bezoekers niets te zoeken hebben, en de dienster naar de juiste Engelse woorden zocht en vroeg of ze mocht weten welke taal we met Thelma spraken, was het weer van dat. Een wit meisje deze keer, maar met een glimlach die even ontwapenend als zelfverzekerd was.
Akkoord, het is niet altijd zo: bij de douane in Johannesburg lijken ze er een sport van te maken om je zo emotieloos en kil mogelijk aan te kijken, bij de politie duurde het ook een hele tijd voor het ijs gebroken was, en de kranten en literatuur die ik hier lees, geven allerminst een fraai beeld van de Zuid-Afrikaanse Jan en alleman, maar in de dagelijkse omgang is het een hemelsbreed verschil met wat wij in België kennen en gewoon zijn.
En het blijft niet beperkt tot diensters en tuinmannen: donderdag had ik een even hartelijk als motiverend gesprek met de onderzoeksdirecteur, en vrijdagmiddag kwam ik terug van mijn lunch en botste ik in de gang op de directeur van het talencentrum. Hij was net bij me komen aankloppen om te vragen of alles naar mijn zin was, en of ik en mijn gezin gelukkig zijn in Potchefstroom. Ja dus.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Je moet die glimlach eens in België proberen. Ik kan je verzekeren dat je er zowat alles mee gedaan krijgt :-) Ik cultiveer die glimlach al heel mijn leven. Niet dat ik er echt veel moeite moet voor doen, maar ik ben er mij wel van bewust: die mondhoeken net nog iets breder dan bij een gewone glimlach, een beetje de tanden bloot, de lach ook in mijn ogen laten fonkelen en mijn ogen net iets meer opentrekken zodat die een onschuldige uitstraling krijgen. Echt waar, het is een wondermiddel...
BeantwoordenVerwijderenYou make my day! Ik zat hier net een beetje triest te wezen over BDW, en nu blinkt er al een lach op mijn gezicht. Ik beantwoord een lach heel makkelijk met een lach, maar mijn default setting is meestal toch wat norser ... Ik hou je goede raad in gedachten!
BeantwoordenVerwijderen