woensdag 12 juni 2013

Thelmataal (19)

  • [ik: 'Wat zou je kopen als je heel veel geld had? Maar echt heel veel?'] 'Een peer.'
  • 'Bas gaat mondharmonica spelen en ik xylofoon en mama trompet en papa trompet en ... Mohammed?' [ik: 'Piano misschien?'] 'En Mohammed piano.'
  • [tijdens het puzzelen:] 'De kip houdt een oogje in het zeil.'
  • [wil een drankje:] 'Ik gaat ook iets voor mijzelf pakken.'
  • [samen op café:] 'Wij moeten dat elke dag doen.'
  • 'Ik wil frietjes eten, want ik lust dat.' [ik: 'We hebben al eten voor vanavond. Zullen we morgen frietjes eten? Is dat geen goed idee?'] 'Een goeie idee is altijd voor nu.'
  • [heimwee naar haar speelgoed in Zuid-Afrika:] 'Ik wil mijn fiets niet hebben, want mijn fiets moet gestolen zijn. Ik wil mijn brommer hebben uit Potchefstroom.'
  • 'Waar rijden we nu?' [ik: 'Op de autosnelweg.'] 'Waarom rijdt de auto snel weg?'
  • 'Ik doe pipi in mijn pamper want die heeft dorst.'
  • [uit haar nieuwe bed gerold:] 'Mijn bed is weg!'
  • [op de fiets:] 'Wij zijn hier alleen hè. Gelukkig ben ik bij jou.'
  • [na een emotioneel afscheid met oma en opa:] 'Ik moest huilen om ik oma en opa zo graag zie.'
  • 'Wanneer krijg ik een piemel?' [ik: 'Jij gaat geen piemel krijgen... Zou je graag een piemel hebben?'] 'Ja.' ['Waarom zou je dat willen?] 'Om ik dan zo kan sturen.'

1 opmerking: