Niet dat ik er nu meteen alles over weet, over Zuid-Afrikaanse relaties en contacten, zeker niet met al die verschillende culturen hier, maar er valt toch wel heel wat op voor een Belgische zoals ik. En niet dat ik de witte gemeenschap in Potchefstroom als het hele Zuid-Afrika zie, maar er zal wellicht wel iets Zuid-Afrikaans zijn aan het leven hier.
Elkaar begroeten is in veel culturen anders. Je kent wellicht de onwennigheid als je Nederlanders of Fransen of Spanjaarden moet kussen: is het nu één, twee, drie of vier kussen? En meteen bij de eerste ontmoeting? Of het eerste afscheid? Wel, hier kust men niet. 't Is te zeggen: niet als men geen familie is. Bij de eerste ontmoeting krijg je een hand, maar onder vrienden geeft men 'drukkies': een soort hug zoals je politici wel eens ziet doen, maar dan aan één kant. Ik heb gehoord dat ze dat in Zweden en Noord-Duitsland ook doen, maar een 'drukkie' noemen ze dat daar wellicht niet.
Voor al dat gedruk zonder gekus moet er natuurlijk wel iets in de plaats komen, en dat is dan de kus op de mond. Alle familieleden doen het bij mijn weten: moeder, vader, kinderen, neven, nichten, kleinkinderen en oma's. Tenzij wij in een heel vooruitstrevende Zuid-Afrikaanse familie terecht zijn gekomen en mijn observaties niet kloppen natuurlijk. Dat moet ik nog even uitvissen volgende week, maar ik heb het toch best al vaak gezien.
Behalve de 'drukkies', zijn er ook de 'tannies'. Kennissen, vrienden of familieleden die een jaar of tien ouder zijn, worden uit beleefdheid ook niet aangesproken met 'meneer' of 'mevrouw', maar met 'oom' (spreek uit: 'oeum') en 'tannie'. Makkelijk in nieuw samengestelde gezinnen, want je hoeft niet meer te zoeken naar een betere term voor 'stiefouder', 'pappie' of 'plusmama': 'oom' en 'tannie' doen de job. Al zijn er ook veel vrouwen die er niet echt van houden. 't Is een beetje vergelijkbaar met 'juffrouw' bij ons, al slaat dat tegenwoordig vooral op 'jonge mevrouw'. Mij doet het nog altijd denken aan de tijd waarin enkel ongehuwde vrouwen werden gewezen op hun beschikbaarheid op de huwelijksmarkt, terwijl mannen veel sneller 'gemeneerd' werden.
Ik ben zelf ook al een duizendtal keer 'tannie' genoemd, onder meer tijdens de carnavalsstoet van de eerstejaars, die geld kwamen verzamelen voor hun jaarwerking. Echt niet goed voor je zelfbeeld. En één keer is er mij op de campus een auto voorbijgereden gevuld met een paar jonge gasten die luid: 'HELLO TANNIE' schreeuwden, om mij eens lekker om mijn plaats te zetten. Dat ik 'DAG OOMS' (of zo) had moeten roepen, kwam natuurlijk veel te laat in me op. Ik stond hen wellicht een beetje verbouwereerd-gechoqueerd en lacherig na te kijken en uit te vissen wat ze nu precies voor ogen hadden.
Tussen proffen en studenten gaat het er ook veel familiairder aan toe dan bij ons. De voornamen vliegen ons hier lustig om de oren: 'Hello prof Annette, hoe gaan dit?', 'Dankie prof Hein, lekker dag!' of 'Dankie Dr. Phil, tata!' zijn geen uitzonderingen. Merk wel dat de titel er altijd bijstaat, want titels, dat is iets om trots op te zijn. Ik word dus ook begroet met 'Môre Dr.! Hoe gaan dit?', waarop ik dan antwoord: 'Goed, dankie en jeself?', om daarna weer het standaardantwoord 'Lekker, dankie' te krijgen. Beetje zoals onze 'Hoe gaat het?', 'Goed, en met u?', maar dan iets langer.
En wat nog? Ah ja, de meeste mensen zijn hier veel religieuzer. Je hebt de katholieke kerk, de protestantse kerk, de calvinisten, de Hollandse Gereformeerde Kerk en wellicht nog een paar andere. Naar de mis gaan is hier nog heel gewoon, ook voor jongeren, en onze beste vrienden hier, in het geheel geen seuten of nerds, houden samen zelfs bijbelstudie op maandag. En op restaurant, of bij mijn promotor thuis, zie je mensen elkaars hand grijpen om voor het eten te bidden. Moet het nog gezegd dat er ook vaak geen seks is voor het huwelijk, en dat een koppel zonder toeschouwers zelfs in aparte slaapkamers slaapt voor de trouwerij? Baie tradisioneel!
En namen, da's nog zoiets. Heel vaak krijgt een nieuw geboren kind de naam van de vader van de vader, of de moeder van de moeder: Louis is bijvoorbeeld naar zijn grootvader genoemd. Soms wordt er wel wat aan geprutst om het wat te moderniseren, zoals 'Jaco' voor Jacques, of kiest men een dubbele naam als Pieter-Jacob om de kerk in het midden te houden. En soms worden die dubbele namen niet voluit gebruikt, maar neemt men enkel de initialen. Wij kennen hier dus een SJ (spreek uit: Esjé) die officieel Simon Johannes heet, een WD (spreek uit: Wieudieu) en DG (Dieugieu), wat in het begin als 'Deegje' klonk. Deegje, toch eens overwegen in België!
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
ik kreeg ook de naam van mijn vaders vader ,was hier ookde gewoonte
BeantwoordenVerwijderen