Is het wel het juiste moment om nu over calamiteiten te beginnen? Misschien wel, want dan kunnen we ze achterlaten in 2012. En het waren enkel materiële calamiteiten, dus erger dan een beetje gevloek en ik-kan-mezelf-wel-voor-de-kop-schieten, werd het niet. Ik beperk het overzicht tot de voorbije vier maanden, de tijd dat we in Zuid-Afrika zaten.
Zuid-Afrika wordt gepercipieerd als een gevaarlijk land. Een land met hoge criminaliteitscijfers, dodelijk verkeer, werkloosheid en armoede. Geweld hebben we gelukkig haast nog niet gezien of meegemaakt, en ik duim met vingers en tenen dat het zo blijft. We hebben in Houtbay een gevecht gezien tussen 'coloureds', maar dergelijk geweld hadden we de voorbije twee jaar op de Muide helaas ook meer dan genoeg gezien.
Ik heb een witte ploegbaas een zwarte werknemer achterna zien zitten met een ladder, en ik zag aan zijn vluchtgedrag dat die laatste er al vaker onzacht mee in aanraking was gekomen. Maar verder niets. Mijn vingers en tenen schieten nog wat verder in een kramp. Waar we ondertussen wel lichtjes onze buik van vol hebben, is diefstal en verlies. Meestal hebben we er zelf een klein aandeel in en kan je dus echt niet voorzichtig genoeg zijn, maar dat het ons zo vaak zou overkomen, hadden we niet gedacht.
Het begon met onze fietsen. Drie dagen na aankoop bleken ze 's ochtends plots van ons terras verdwenen. Oké, ze stonden niet op slot omdat Bernard niet dacht dat iemand in het donker een hele oprijlaan zou afgaan, het automatische hek zou omzeilen, de tuin zou doorkruisen, het hekje over zou springen om onze gloednieuwe fietsen erover te heisen en ermee weg te rijden. Wel dus. Ik kan alleen maar hopen dat de dief er zijn kinderen mee te eten heeft gegeven of het schoolgeld heeft betaald.
We hadden overigens ook Barbiesloten, dus veel had het niet uitgehaald. Een U-slot willen ze hier blijkbaar alleen maar verkopen aan fietsers na veel ooggerol en wat gegniffel, en bij voorkeur aan een man die een dag later kordaat teruggaat, omdat zijn vrouw de dag ervoor niet genoeg overtuigingskracht had. Mijn tweede fiets, die we gekocht hebben met het verzekeringstegoed van onze eerste twee fietsen, heeft dus een U-slot. En als ik vertel dat ik in België ook een brommerslot heb, omdat er zo veel fietsen worden gestolen, kijken ze je met grote ogen aan. 'Want wie steelt er dan in België? Daar zijn toch geen zwarten?' (ongelooflijk maar waar)
Ons tweede transportmiddel dat eraan moest geloven, was onze auto. Een tweedehands Golf, gekocht voor 4200 euro, met maar 85.000 km op de teller, beveiligd met immobiliser, stuurslot, pookslot, transponder in de sleutel en anti-carjackingknop. Bedoeld om weer te verkopen aan het eind van ons verblijf, maar zover is het niet gekomen. Ons eerste avondje uit zonder Thelma, toen mijn ouders hier waren, op het eindejaarsetentje van mijn werk, eindigde in mineur. Zo vreemd om naar je auto toe te stappen en dan enkel een leegte te zien. Blijkbaar een misdaadsyndicaat uit Johannesburg dat steelt op bestelling. En een witte Citi Golf is hier zo populair, dat het een geliefd doelwit is.
Gelukkig ook verzekerd, dus dat geld krijgen we terug met een vermindering van 10%, maar wat het nog minder maakt, is dat er ook een autostoel inzat, visgerief van Bernard, én zijn paspoort, internationaal rijbewijs en visum. We zijn dus al naar de Belgische ambassade in Johannesburg mogen rijden voor een nieuw paspoort en moeten binnenkort ook nog naar de Home Affairs in Potchefstroom.
En toen we een week later onze valiezen pakten voor Pilanesberg en we Bernards fleece zochten, beseften we dat die ook in de auto lag, samen met mijn lievelings leren vest, die ik hier hoegenaamd nog niet nodig had gehad, maar beter dan een fleece paste bij mijn outfit van die avond ... De diefstal van de auto heb ik stoïcijns aanhoord, maar mijn leren vest, dat hebben ze toch wel geweten hierboven! Met het verzekeringsgeld, dat voorlopig nog virtueel is, huren we nu af en toe een auto en met het oude tweepersoons-pick-up'je van Annette doen we boodschappen, brengt Bernard Thelma naar school en gaat hij soms vissen.
In ons eerste gasthuis in Kaapstad zijn Bernards Campers dan weer spoorloos verdwenen, wat we pas gemerkt hebben toen we inpakten na ons tweede Kaapse huis, en in Stellenbosch hebben we gemerkt dat onze tas met Nutella, koffie, Weet-Bix, muesli, amandelen, cashewnoten, gedroogde mango en wie-weet-wat-nog ook spoorloos verdwenen was. Misschien per abuis bij het vuilnis gezet, omdat het ook in een plastic zak zat, maar zeker niet achtergelaten. Het huis leek spic-en-span toen we vertrokken, we kregen er zelfs een compliment van de eigenares bovenop, die het nog eens helemaal had gecontroleerd.
Soit, erg was dat niet, alleen hopen we dat het eten niet op een vuilnisbelt is beland, maar in de magen van zij die het nodig hadden. We hebben in Stellenbosch opnieuw een gelijkaardige voorraad eten moeten kopen, voor drie dagen maar, en we hebben de rest dan maar weggegeven aan een parkingwachter op de luchthaven van Kaapstad. De twee gehavende jongeren met de winkelkar vol zakken en plastiek in Stellenbosch waren al te ver weg voor we hen konden roepen, en de zwarte man met zijn zakje sperzieboontjes uit de hand te koop stond langs een veel te drukke weg om te kunnen stoppen.
In de luchthaven van Johannesburg zijn we dan weer echt gerold. Ongelooflijk hoe dat is kunnen gebeuren met vier volwassenen in de buurt, maar lepe trucs, een tweejarig kind, een blij weerzien met vrienden en geen communicatie over zijn raar gedrag verklaren veel. Het was een zwarte man, netjes gekleed, die ons op de parking van de huurwagens zag zoeken naar onze huurauto. Hij nam ons op sleeptouw, greep een trolley voor de bagage hoewel de standplaats niet ver was en we met gemak zelf onze valiezen konden dragen of trekken, maar zo kon hij al eens kijken wat voor vlees hij in de kuip had.
In ons busje begon hij alle valiezen op de zetels te ploffen, omgekeerd en geheel onlogisch, zodat Isabelle en ik de handen vol hadden om alles een beetje beter te schikken. Ondertussen zat Thelma in haar buggy te kijken, keek ik Isabelle ongelovig aan en dacht ik dat het gewoon een uitslover was die moeite deed om een fooi te krijgen en geen kaas had gegeten van bagageschikking. Bernard zat ondertussen al aan het stuur wat paperassen door te nemen en Geert liep ook rond, dus iedereen dacht dat de rest wel een oogje in het zeil hield. Niet dus.
Hij had alle bagage, dus ook onze handtassen, in de auto gezet en was die blijkbaar haastig aan het doorzoeken, onder het alziend oog van ... niemand. Hij had er wel niet op gerekend dat mijn handtas zo vol zou zitten en mijn portefeuille niet zo makkelijk te vinden was, maar zelfs daarvoor had hij een snood plan ontwikkeld. Hij bood me met verwilderde blik mijn handtas aan, vroeg om een fooi ('Give me one euro!') en wist nadien dus mijn portefeuille te spotten. Ik hield mijn tas aanvankelijk bij me, en zei zelfs 'No, I'll keep my bag' toen hij die weer in de auto wou zetten, tot hij die min of meer uit mijn handen snokte en ik hem naïefweg liet doen. Als hij echt wou kiezen waar ik zat, gunde ik hem dat pleziertje wel.
Tot hij er bedaard vandoor ging, Isabelle een fotootje van Thelma uit mijn portefeuille op de grond van ons huurbusje zag liggen en ik op zoek ging naar mijn portefeuille om het terug te steken ... En langzaam maar zeker begon te denken dat hij er met mijn geld vandoor zou zijn ... En toen zelfs moest toegeven dat hij er met mijn hele portefeuille vandoor was! Gelukkig geen kredietkaarten, paspoort of bankkaart, enkel geld, een postzegel en een ander fotootje van Thelma. Mijn kassaticketjes die ik terugbetaald krijg van mijn werk had hij er ook nog uitgeschud, maar mijn groen leren vintage portefeuilleke had hij mee met 700 rand (70 euro) en zonder euro's.
Isabelle zat natuurlijk met de piepers om in haar sacoche te voelen, maar haar portefeuille zat er nog in. Gelukkig maar, want bij haar zaten al haar bankkaarten, lidkaarten, identiteitskaart, SIS-kaart, euro's, rands en wat-nog-al wel nog samen. En voor de rest was er niets weg. Vanaf nu neem ik dus de raad van doorgewinterde reisgezel Geert over dat er niemand aan zijn spullen komt de eerste dagen in een nieuw land en zeker niet in een luchthaven. Dat ik hier al vier maanden zit, had me dus wat nonchalanter gemaakt, zeker omdat zich 's ochtends in ons guest house vrijwel een gelijkaardig tafereel had afgespeeld, waarbij een nette man zeer hulpvaardig al onze valiezen in het shuttle busje had getild, zonder erg.
En het laatste euvel was onze eigen dikke fout, maar heeft een happy ending. Op de terugweg van de Cradle of Humankind, een grot met resten van het eerste leven op aarde, moest Thelma plots pipi doen. We stappen uit aan de kant van de weg, ik laat Thelma plassen en vraag aan Bernard een papieren zakdoekje uit mijn tas. Bernard kan niet meteen iets vinden, zet mijn tas op de koffer en zoekt verder, tot Isabelle een zakdoekje aanreikt. Bernard kruipt terug achter het stuur, ik zet Thelma terug in de autostoel, ga naast haar zitten, sla het portier dicht en we rijden verder. Tot ik vijf minuten later mijn Kindle wil nemen uit een tas die niet meer aan mijn voeten staat ...
Ik besef meteen dat mijn tas echt weg is, Bernard beseft dat hij die op de koffer heeft laten staan, en drie rechtsommekeren later vinden we het plekje waar Thelma heeft geplast, maar geen tas, tot Bernard een paar tiental meter verder mijn gecamoufleerde tas in het gras vindt ... Met alles erin en niets gebroken, wat een klein wonder is in Zuid-Afrika, waar velen zonder fiets of auto kilometers te voet langs de baan afleggen en zo'n goedgevulde tas op hun pad best wel hadden weten te appreciëren. Mijn Kindle was dus mijn redding, en ik ben blij dat ik niet even een dutje wou doen toen.
En dat was onze laatste calamiteit van 2012, en laten we het daar nu maar bij houden. Gelukkig 2013 allemaal, met hoogstens wat materieel verlies, wat meer onthechting, en geen lichamelijke of emotionele verliezen!
maandag 31 december 2012
zondag 30 december 2012
Wowie
Ik zit op ons terras, en het geluid van de donder heeft de krekels verstomd. Thelma ligt in bed en haalt wat slaap van de voorbije dagen in. De zwembadpomp is hersteld en het water lijkt niet meer op erwtensoep, de wifi werkt weer nadat Bernard met ons bezoek de modem op het dak van de autobatterij heeft losgekoppeld, de 36 graden van vandaag worden stilletjes gehalveerd, en ik kijk tevreden terug op de administratieve Belgische berg die ik doorploeterd heb tijdens Thelma's middagdut. Nu nog mails inhalen, kerstkaartjes schrijven, het onderzoek van januari voorbereiden, een masterproef nalezen, uitgebreid bijskypen met het thuisfront.
Wat een maand was me dat. Twee weken Kaapstad, een paar dagen Stellenbosch, een nachtje Johannesburg en terug naar Potchefstroom met Belgisch bezoek voor Kerst en Nieuw. Kaapstad met eerst een paar dagen vakantie om de Tafelberg te verkennen, de stranden en haven te keuren, Cape Point te ontdekken, de botanische tuin te bezoeken, cafés en eethuisjes te leren kennen. En daarna drie archieven op het menu, wat ons na die paar volle vakantiedagen alleen na vijf uur wat tijd liet om samen de stad te verkennen. Gelukkig deed Thelma middagdutten van een uur of vier, zodat ze 's avonds mee uit eten kon. De haperende wifi in het surfersparadijs waar we eerst verbleven en het 3G-netwerk op ons volgende adres lieten ons weinig tijd en megabytes over om te bloggen, te skypen of te mailen, maar dat haal ik nu langzaam maar zeker in.
Kaapstad! Wat. Een. Stad. Als ik ooit een nieuwe bestemming voor mijn leven moet kiezen, wordt het Kaapstad. Zoals Berlijn niet Duitsland is, en New York niet de VS, zo is Kaapstad ook niet Zuid-Afrika, dat besef ik best. Het deed aan als een mix van Barcelona, Marrakesh en Hollywood, door de temperaturen, de stranden en de bergen, de straten vol kraampjes, de townships naast de fancy restaurants en cafés. Wat een sfeer, wat een eten, wat een diversiteit aan mensen, wat een natuur, wat een oceaan. Ben een beetje mijn hart verloren daar, zoals zovelen. Ik wil nu al terug!
Stellenbosch was zowat het Utrecht of Sint-Martens-Latem van Zuid-Afrika, maar dan met palmbomen en wijngaarden. Hele mooie huizen, water, terrasjes, restaurants, antiekwinkels en galerijen, een hele mooie campus, en ook een backpackers' waar we na een halfuur overleg toch maar weer zijn weggegaan. Kieskeurig zijn we niet, maar een kamertemperatuur van bijna 40 graden met een fan die je niet voelt, metalen latjes voor de ramen die alle kanten uitgeplooid zijn, uitzicht op een muur en een garage, een geur in de badkamer die je doet fronsen, een vuile frigo en geen bestek of handdoeken was te veel voor die 490 Rand (49 euro) die onze Trotter nochtans vol lof had aangeprezen.
We hebben dan maar snel wat adresjes gebeld en voor het dubbele van de prijs nog een vrije kamer gevonden in een chique spa, waar we verbleven in een soort koetshuis, de goedkoopste kamer van het hele guest house. Helaas zonder microgolf of keukentje, met een krakende vloer waarop er net wat plaats was om Thelma's tentje te zetten, en met een inloopdouche die meer leek op een uitloopdouche, wat het water betreft althans. Een heerlijk ontbijt, klein zwembad en een prachtige tuin, dat wel, maar niet echt een plek waar Bernard en Thelma makkelijk twee dagen konden doorbrengen terwijl ik aan het werk was. We hebben met mijn 3G-modempje de volgende dag dan maar weer iets anders gezocht én nog gevonden ook. Geen wonder dat die eerste backpackers' nog vrij was toen we maanden geleden reserveerden en de uitbater op zijn minst een beetje verrast klonk ...
Thelma is het ondertussen dus heel gewoon om telkens te verhuizen en kijkt met plezier uit naar het volgende huis waar we gaan blijven. Ik hoef de eerste nacht zelfs niet meer op haar kamer te zitten tot ze slaapt, zolang ze maar haar knuffels bij zich heeft en haar reistentje om zich heen. Ze doet ook niets liever dan op restaurant gaan, zegt nog steeds helleuw tegen Jan en alleman, en windt cafébazen en bazinnen probleemloos om haar vinger. Ze wil wel elke avond voorgelezen worden uit Big gaat logeren. Die regelmaat kiest ze zelf. En wij proberen natuurlijk ook om haar tussen al dat reizen door zoveel mogelijk structuur te bieden, haar lievelingslepel en favoriete speelgoed mee te nemen, en af en toe te trakteren op chocolademelk, frietjes, een trip naar de speeltuin of een duik in een fontein.
Ook toen we thuis kwamen met ons huidige bezoek en een paar dagen later alweer naar het wildpark in Pilanesberg vertrokken, was dat geheel naar haar zin. Voor vier uur in de auto zitten draait ze haar hand niet meer om. Een paar uur slapen, wat rondkijken, een boekje lezen, een banaan eten, haar drinkbus bestuderen, liedjes zingen, verhalen vertellen ... Ze doet het alsof het haar lust en haar leven is. Ze heeft wel eens een driftbui in de auto, maar dat vergeven we haar natuurlijk met oeverloos veel liefde, ze pikt een uitverkoren persoon uit die haar doekje en tuut telkens weer moet oprapen (en het is niet ondergetekende!), maar verder gaat het allemaal vlot. Ze slaapt soms wat moeilijker in 's avonds, door de vele indrukken, maar scènes hebben we niet echt meer meegemaakt.
Alleen de zindelijkheid is weer wat op zijn retour. Een droge-broekjes-kaart met twintig vakjes en een girafje als beloning bracht even soelaas, maar nu vindt ze dat toch de moeite niet meer om op tijd op het potje te gaan. Ze steekt liever haar poep achteruit, staat een beetje met haar kont te draaien en te kreunen, en als we dan ingrijpen is het na wat protest meestal al te laat. Doorgaans slechts een paar druppels, maar toch genoeg voor een nieuw onderbroekje, en af en toe een regelrechte ramp. Ik denk erover om haar 's nachts en tijdens haar dut ook geen pamper meer aan te doen zodat alles een beetje eenduidiger wordt, maar ik denk dat ik ga wachten op de Belgische regelmaat, na de kennismaking met haar nieuwe school en het weerzien met ons oude eigen huis.
Een bekende regelmaat die voor mij nog twee maanden mag wegblijven. Ik mis natuurlijk wel het echte contact met familie en vrienden, ik mis de cafés en de feestjes wel wat, de theatercultuur en het stadsleven, maar ik vind het nog steeds zo'n voorrecht om elke avond de krekels te mogen horen, overdag de palmbomen te zien en de zon te voelen, dat ik hier gerust nog een tijd met ons drietjes wil blijven wonen, zeker als we het redelijk saaie Potchefstroom mogen afwisselen met parels als Kaapstad en Stellenbosch, uitstapjes in de fantastische natuur eromheen, onderzoeksverblijven in Bloemfontein en Pretoria, of een paar dagen wilde dieren spotten in Pilanesberg. Ook al hebben we al best voor wat onaangename verrassingen gestaan (later meer!) of swingt de bureaucratie in staatsinstellingen hier de pan uit (later ook meer!).
Wat een maand was me dat. Twee weken Kaapstad, een paar dagen Stellenbosch, een nachtje Johannesburg en terug naar Potchefstroom met Belgisch bezoek voor Kerst en Nieuw. Kaapstad met eerst een paar dagen vakantie om de Tafelberg te verkennen, de stranden en haven te keuren, Cape Point te ontdekken, de botanische tuin te bezoeken, cafés en eethuisjes te leren kennen. En daarna drie archieven op het menu, wat ons na die paar volle vakantiedagen alleen na vijf uur wat tijd liet om samen de stad te verkennen. Gelukkig deed Thelma middagdutten van een uur of vier, zodat ze 's avonds mee uit eten kon. De haperende wifi in het surfersparadijs waar we eerst verbleven en het 3G-netwerk op ons volgende adres lieten ons weinig tijd en megabytes over om te bloggen, te skypen of te mailen, maar dat haal ik nu langzaam maar zeker in.
Kaapstad! Wat. Een. Stad. Als ik ooit een nieuwe bestemming voor mijn leven moet kiezen, wordt het Kaapstad. Zoals Berlijn niet Duitsland is, en New York niet de VS, zo is Kaapstad ook niet Zuid-Afrika, dat besef ik best. Het deed aan als een mix van Barcelona, Marrakesh en Hollywood, door de temperaturen, de stranden en de bergen, de straten vol kraampjes, de townships naast de fancy restaurants en cafés. Wat een sfeer, wat een eten, wat een diversiteit aan mensen, wat een natuur, wat een oceaan. Ben een beetje mijn hart verloren daar, zoals zovelen. Ik wil nu al terug!
Stellenbosch was zowat het Utrecht of Sint-Martens-Latem van Zuid-Afrika, maar dan met palmbomen en wijngaarden. Hele mooie huizen, water, terrasjes, restaurants, antiekwinkels en galerijen, een hele mooie campus, en ook een backpackers' waar we na een halfuur overleg toch maar weer zijn weggegaan. Kieskeurig zijn we niet, maar een kamertemperatuur van bijna 40 graden met een fan die je niet voelt, metalen latjes voor de ramen die alle kanten uitgeplooid zijn, uitzicht op een muur en een garage, een geur in de badkamer die je doet fronsen, een vuile frigo en geen bestek of handdoeken was te veel voor die 490 Rand (49 euro) die onze Trotter nochtans vol lof had aangeprezen.
We hebben dan maar snel wat adresjes gebeld en voor het dubbele van de prijs nog een vrije kamer gevonden in een chique spa, waar we verbleven in een soort koetshuis, de goedkoopste kamer van het hele guest house. Helaas zonder microgolf of keukentje, met een krakende vloer waarop er net wat plaats was om Thelma's tentje te zetten, en met een inloopdouche die meer leek op een uitloopdouche, wat het water betreft althans. Een heerlijk ontbijt, klein zwembad en een prachtige tuin, dat wel, maar niet echt een plek waar Bernard en Thelma makkelijk twee dagen konden doorbrengen terwijl ik aan het werk was. We hebben met mijn 3G-modempje de volgende dag dan maar weer iets anders gezocht én nog gevonden ook. Geen wonder dat die eerste backpackers' nog vrij was toen we maanden geleden reserveerden en de uitbater op zijn minst een beetje verrast klonk ...
Thelma is het ondertussen dus heel gewoon om telkens te verhuizen en kijkt met plezier uit naar het volgende huis waar we gaan blijven. Ik hoef de eerste nacht zelfs niet meer op haar kamer te zitten tot ze slaapt, zolang ze maar haar knuffels bij zich heeft en haar reistentje om zich heen. Ze doet ook niets liever dan op restaurant gaan, zegt nog steeds helleuw tegen Jan en alleman, en windt cafébazen en bazinnen probleemloos om haar vinger. Ze wil wel elke avond voorgelezen worden uit Big gaat logeren. Die regelmaat kiest ze zelf. En wij proberen natuurlijk ook om haar tussen al dat reizen door zoveel mogelijk structuur te bieden, haar lievelingslepel en favoriete speelgoed mee te nemen, en af en toe te trakteren op chocolademelk, frietjes, een trip naar de speeltuin of een duik in een fontein.
Ook toen we thuis kwamen met ons huidige bezoek en een paar dagen later alweer naar het wildpark in Pilanesberg vertrokken, was dat geheel naar haar zin. Voor vier uur in de auto zitten draait ze haar hand niet meer om. Een paar uur slapen, wat rondkijken, een boekje lezen, een banaan eten, haar drinkbus bestuderen, liedjes zingen, verhalen vertellen ... Ze doet het alsof het haar lust en haar leven is. Ze heeft wel eens een driftbui in de auto, maar dat vergeven we haar natuurlijk met oeverloos veel liefde, ze pikt een uitverkoren persoon uit die haar doekje en tuut telkens weer moet oprapen (en het is niet ondergetekende!), maar verder gaat het allemaal vlot. Ze slaapt soms wat moeilijker in 's avonds, door de vele indrukken, maar scènes hebben we niet echt meer meegemaakt.
Alleen de zindelijkheid is weer wat op zijn retour. Een droge-broekjes-kaart met twintig vakjes en een girafje als beloning bracht even soelaas, maar nu vindt ze dat toch de moeite niet meer om op tijd op het potje te gaan. Ze steekt liever haar poep achteruit, staat een beetje met haar kont te draaien en te kreunen, en als we dan ingrijpen is het na wat protest meestal al te laat. Doorgaans slechts een paar druppels, maar toch genoeg voor een nieuw onderbroekje, en af en toe een regelrechte ramp. Ik denk erover om haar 's nachts en tijdens haar dut ook geen pamper meer aan te doen zodat alles een beetje eenduidiger wordt, maar ik denk dat ik ga wachten op de Belgische regelmaat, na de kennismaking met haar nieuwe school en het weerzien met ons oude eigen huis.
Een bekende regelmaat die voor mij nog twee maanden mag wegblijven. Ik mis natuurlijk wel het echte contact met familie en vrienden, ik mis de cafés en de feestjes wel wat, de theatercultuur en het stadsleven, maar ik vind het nog steeds zo'n voorrecht om elke avond de krekels te mogen horen, overdag de palmbomen te zien en de zon te voelen, dat ik hier gerust nog een tijd met ons drietjes wil blijven wonen, zeker als we het redelijk saaie Potchefstroom mogen afwisselen met parels als Kaapstad en Stellenbosch, uitstapjes in de fantastische natuur eromheen, onderzoeksverblijven in Bloemfontein en Pretoria, of een paar dagen wilde dieren spotten in Pilanesberg. Ook al hebben we al best voor wat onaangename verrassingen gestaan (later meer!) of swingt de bureaucratie in staatsinstellingen hier de pan uit (later ook meer!).
zondag 2 december 2012
Thelmataal (15)
- 'De hond blaft.' [wij: 't is een duif] 'De duif blaft.'
- 'Waar is jouw gaatje?' [ik: hier in mijn trui, 't is nog niet genaaid] 'Moet 't naaien. Dokter?'
- 'Oh, een tandpasta!' [toen ze een nieuwe tandenborstel kreeg]
- 'Haha, die bollen op jouw buik!' [toen ze mij in kikvorsperspectief in bloot bovenlijf zag]
- 'Papa heeft mijn teen gebroken.' [toen ze een minipijntje aan haar teen had]
- 'Ik heeft met mijn blootje in bad gegaan.'
- 'Is dit jouw zwembroek?' [ziet mijn bikinibroekje] 'En is dit jouw borstel?' [ziet mijn bovenstuk]
- 'Dit zijn mijn borstelens.' [wijzend op haar bloot bovenlijfje]
- 'Ik wil een hapje met zonder banaan.' [telkens als ze een hap Weet-Bix wil, zonder banaan]
- 'Donkere wolken pakken samen aan de hemel.' [citaat uit Kikker is een held, toen de lucht betrok en er wat regen viel ...]
- 'Ik heef mijn knopje weggedaan.' [toen ze geen zin meer had in een eetspelletje waarbij opa op een imaginair knopje duwde om haar mond te doen opengaan; inclusief veegbeweging]
- 'Je moet niet kusjes geven op mijn jeuk.'
- [ik, nog een beetje triest omdat mijn ouders net zijn vertrokken: 'Ik hou van jou ... En papa houdt ook van jou. En oma en opa ook.'; Thelma, blij verrast:] 'Alle mensen houden van mij.'
donderdag 29 november 2012
Het Zuid-Afrikaanse ondermaanse (2): water
Het kraantjeswater smaakt en ruikt hier naar schimmel, en soms een beetje naar chloor. Aanvankelijk ging ik op zoek naar de schimmelhaard in badkamer en keuken, maar na een tijd heb ik beseft dat het dat water zelf was dat zo rook. Potchefstroom heeft dan wel een Blue Drop-label voor kwaliteitsvol water, maar ik ben toch blij met het aparte kraantje voor geurloos water dat in de keuken is geïnstalleerd.
Het belang van gewoon water wordt hier trouwens zwaar onderschat. Gewoon simpel spuitwater vind je moeilijker dan in België en tijdens de lunch zie je vooral grote cola's, cream soda's (groene mierzoete limonade, niet te drinken) of rock shandy's (limonade met spuitwater). In het eethuis op de campus en het studentencentrum is zelfs geen apart spuitwater te krijgen en ook het water in Thelma's drinkbus is na een dagje school telkens vervangen door kersensap of nectar.
Aan het kraantjeswater zit een reukje en aan het spuitwater zit haast altijd een smaakje: aardbei, litchi, papaya, appel, druif ... Het staat subtiel vermeld op de fles zodat je geheel onwetend de grootste rommel koopt. Vandaar dat we ooit onze dorst hebben moeten lessen met warmgeworden aardbeienwater toen we lichtjes verdwaald waren op zoek naar de kinderboerderij, en daardoor had ik ook bijna litchiwater meegegrist uit een tankstation op de terugweg van Bloemfontein.
Onze huisgenoot/bioloog Niels zegt dat Zuid-Afrika over tien jaar al in grote problemen zal raken door een nijpend tekort aan water, maar daar lijkt niemand zich voorlopig veel van aan te trekken. Rugbypleinen, grasmatten, gazonnen en bloemenperken worden hier overvloedig besproeid, lekkende kranen en toiletten lijken geen prioriteit en onze huisgenoot Johan staat met plezier een uurtje met een spuitende tuinslang in de hand de dingen te groeten.
Dit is een tweede postje in een reeks over dagelijkse bedenkingen zoals ik er nog honderden heb. Ik spaar ze niet op voor één onsamenhangende blogpost en laat ze niet oud worden op mijn eigen pc, maar geef ze af en toe eens tussendoor onder de titel 'Het Zuid-Afrikaanse ondermaanse'.
Het belang van gewoon water wordt hier trouwens zwaar onderschat. Gewoon simpel spuitwater vind je moeilijker dan in België en tijdens de lunch zie je vooral grote cola's, cream soda's (groene mierzoete limonade, niet te drinken) of rock shandy's (limonade met spuitwater). In het eethuis op de campus en het studentencentrum is zelfs geen apart spuitwater te krijgen en ook het water in Thelma's drinkbus is na een dagje school telkens vervangen door kersensap of nectar.
Aan het kraantjeswater zit een reukje en aan het spuitwater zit haast altijd een smaakje: aardbei, litchi, papaya, appel, druif ... Het staat subtiel vermeld op de fles zodat je geheel onwetend de grootste rommel koopt. Vandaar dat we ooit onze dorst hebben moeten lessen met warmgeworden aardbeienwater toen we lichtjes verdwaald waren op zoek naar de kinderboerderij, en daardoor had ik ook bijna litchiwater meegegrist uit een tankstation op de terugweg van Bloemfontein.
Onze huisgenoot/bioloog Niels zegt dat Zuid-Afrika over tien jaar al in grote problemen zal raken door een nijpend tekort aan water, maar daar lijkt niemand zich voorlopig veel van aan te trekken. Rugbypleinen, grasmatten, gazonnen en bloemenperken worden hier overvloedig besproeid, lekkende kranen en toiletten lijken geen prioriteit en onze huisgenoot Johan staat met plezier een uurtje met een spuitende tuinslang in de hand de dingen te groeten.
Dit is een tweede postje in een reeks over dagelijkse bedenkingen zoals ik er nog honderden heb. Ik spaar ze niet op voor één onsamenhangende blogpost en laat ze niet oud worden op mijn eigen pc, maar geef ze af en toe eens tussendoor onder de titel 'Het Zuid-Afrikaanse ondermaanse'.
woensdag 28 november 2012
Thelmataal (14): A real asjassie
In de twee weken waarin mijn ouders bij ons in Potchefstroom waren, was Thelma een echt schatje. Ondeugend, dat wel, een vlegelke met wat streken, een echt 'asjassie' (deugniet), maar lief en ontwapenend, en meestal redelijk gehoorzaam. Eerst was ze helemaal overdonderd door het reuzegeschenk in opa-en-omavorm dat we hadden laten overkomen, en kroop ze bij hen op schoot, genoot ze van de knuffels, de aandacht, de cadeautjes, de oude en nieuwe verhalen.
Later kwamen er wat meer krachtmetingen bij, keek ze hoever ze kon gaan, waar de grenzen lagen, maar alles bleef binnen de perken. Oma overtuigen voor een extra snoepje of een kom Choco Pops toen haar favoriete Weet-Bix nog niet op was; opa overhalen om onaangekleed, met pamper en tuut mee naar beneden te gaan; erop staan dat zij naast oma mocht zitten in de auto, want oma had dat beloohoofd.
Een duidelijke 'nee' is vaak de katalysator. Ik had mandarijntjes gesneden en ontpit, maar er was een pitje blijven zitten. Thelma spuwde het stuk uit en mocht het van mij in de vuilbak gooien. Wat ze uitermate tof vond en daarom ook het volgende 'billetje' na één keer kauwen de vuilbak inkegelde. Waarop ik natuurlijk kordaat zei dat ze dat niet mocht doen, dat we geen eten weggooien en dat ik dat niet meer wou zien, en zij in één beweging haar hele schaaltje vol ontpitte en doorgesneden mandarijntjes de vuilbak inkieperde. Zo gaat dat met duidelijke grenzen stellen aan een tweejarige. Ze besefte uiteindelijk wel wat ze had gedaan en als zoenoffer heeft ze haar tweede mandarijn braaf naarbinnen gespeeld.
Maar sinds maandag gaat Thelma weer naar Asjassies, en we zullen het geweten hebben. Soep uitsmeren op tafel, haar lepel op de grond gooien, flesje omgekeerd houden, hartverscheurend huilen om papa terwijl ik haar meestal probleemloos in bed krijg, huilen om dit, en huilen om dat. Gelukkig tussen het vrolijke play dough'en en de waterspelletjes door, maar toch.
Gisteravond net voor bedtijd wou ze haar stoeltje overal mee naartoe nemen om erop te klimmen: bij het grote bed voor een verhaal (oké), bij de lavabo om haar tanden te poetsen (oké), bij haar bed in haar slaapkamer (niet oké). Een stoeltje dat eigenlijk te zwaar is voor haar om het huis door te dragen, waar ze in de deuropening net niet over struikelde, waarvan ze mij dan de schuld gaf, en ga zo maar door. Haar hele lijf tot een boogje gekruld, horizontale grondoefeningen, en schreeuwen maar. Het schaap.
Vanmorgen weer van dat. Om twintig over zeven nog diep in slaap, gewekt iets voor half acht (te laat dus), aangemaand om kleren aan te doen en haar fles te drinken, maar o wee, ik had (zoals altijd) haar fles gehaald, en niet Bernard. En 'pahapa moehoet mijhijn flehesje halen! Niet mama!' Bernard ging even mee in haar grillen en stapte de kamer buiten met het flesje en meteen weer binnen, maar hij zal toch vroeger moeten opstaan om Thelma om te tuin te leiden. Hij deed later de oefening nog eens opnieuw met meer tijd tussen buiten- en binnengaan, maar noppes. Weet-Bix zou het worden en geen fles, tot ze tijdens het aankleden dan toch weer jammerde om haar fles. Het schaap.
Vanavond verliep beter, alleen het ein-de-lo-ze treuzelen was er weer bij. Een uur om van boven naar beneden te gaan. Onze aanmaningen negeren, oud speelgoed plotseling herontdekken, nog iets op een andere plaats willen zetten, op elke trede blijven stilstaan, vragen om haar naar beneden te dragen, tot je dat effectief ook wil doen, en dan heel verontwaardigd of onthutst weigeren. Oh boy.
Ik vraag me af waardoor dat komt, maar dat het schoolregime er voor iets tussenzit, staat in elk geval vast. Komt het doordat ze daar de helft minder slaapt dan tijdens haar super-de-luxe middagdut thuis, komt het doordat ze zoveel prikkels krijgt of foute voorbeelden ziet, of komt het doordat ze daar moet luisteren en gehoorzamen en dan thuis de boel wat op stelten probeert te zetten? Of alles samen?
En oh, on a completely different note: de Afrikaanse 'dubbele nie' is gearriveerd: 'de krokodil bijt nie in mijn bil nie!', 'ik wil nie slapen nie!', en 'moenie mij kriebelen nie!'. Het schatje.
Later kwamen er wat meer krachtmetingen bij, keek ze hoever ze kon gaan, waar de grenzen lagen, maar alles bleef binnen de perken. Oma overtuigen voor een extra snoepje of een kom Choco Pops toen haar favoriete Weet-Bix nog niet op was; opa overhalen om onaangekleed, met pamper en tuut mee naar beneden te gaan; erop staan dat zij naast oma mocht zitten in de auto, want oma had dat beloohoofd.
Een duidelijke 'nee' is vaak de katalysator. Ik had mandarijntjes gesneden en ontpit, maar er was een pitje blijven zitten. Thelma spuwde het stuk uit en mocht het van mij in de vuilbak gooien. Wat ze uitermate tof vond en daarom ook het volgende 'billetje' na één keer kauwen de vuilbak inkegelde. Waarop ik natuurlijk kordaat zei dat ze dat niet mocht doen, dat we geen eten weggooien en dat ik dat niet meer wou zien, en zij in één beweging haar hele schaaltje vol ontpitte en doorgesneden mandarijntjes de vuilbak inkieperde. Zo gaat dat met duidelijke grenzen stellen aan een tweejarige. Ze besefte uiteindelijk wel wat ze had gedaan en als zoenoffer heeft ze haar tweede mandarijn braaf naarbinnen gespeeld.
Maar sinds maandag gaat Thelma weer naar Asjassies, en we zullen het geweten hebben. Soep uitsmeren op tafel, haar lepel op de grond gooien, flesje omgekeerd houden, hartverscheurend huilen om papa terwijl ik haar meestal probleemloos in bed krijg, huilen om dit, en huilen om dat. Gelukkig tussen het vrolijke play dough'en en de waterspelletjes door, maar toch.
Gisteravond net voor bedtijd wou ze haar stoeltje overal mee naartoe nemen om erop te klimmen: bij het grote bed voor een verhaal (oké), bij de lavabo om haar tanden te poetsen (oké), bij haar bed in haar slaapkamer (niet oké). Een stoeltje dat eigenlijk te zwaar is voor haar om het huis door te dragen, waar ze in de deuropening net niet over struikelde, waarvan ze mij dan de schuld gaf, en ga zo maar door. Haar hele lijf tot een boogje gekruld, horizontale grondoefeningen, en schreeuwen maar. Het schaap.
Vanmorgen weer van dat. Om twintig over zeven nog diep in slaap, gewekt iets voor half acht (te laat dus), aangemaand om kleren aan te doen en haar fles te drinken, maar o wee, ik had (zoals altijd) haar fles gehaald, en niet Bernard. En 'pahapa moehoet mijhijn flehesje halen! Niet mama!' Bernard ging even mee in haar grillen en stapte de kamer buiten met het flesje en meteen weer binnen, maar hij zal toch vroeger moeten opstaan om Thelma om te tuin te leiden. Hij deed later de oefening nog eens opnieuw met meer tijd tussen buiten- en binnengaan, maar noppes. Weet-Bix zou het worden en geen fles, tot ze tijdens het aankleden dan toch weer jammerde om haar fles. Het schaap.
Vanavond verliep beter, alleen het ein-de-lo-ze treuzelen was er weer bij. Een uur om van boven naar beneden te gaan. Onze aanmaningen negeren, oud speelgoed plotseling herontdekken, nog iets op een andere plaats willen zetten, op elke trede blijven stilstaan, vragen om haar naar beneden te dragen, tot je dat effectief ook wil doen, en dan heel verontwaardigd of onthutst weigeren. Oh boy.
Ik vraag me af waardoor dat komt, maar dat het schoolregime er voor iets tussenzit, staat in elk geval vast. Komt het doordat ze daar de helft minder slaapt dan tijdens haar super-de-luxe middagdut thuis, komt het doordat ze zoveel prikkels krijgt of foute voorbeelden ziet, of komt het doordat ze daar moet luisteren en gehoorzamen en dan thuis de boel wat op stelten probeert te zetten? Of alles samen?
En oh, on a completely different note: de Afrikaanse 'dubbele nie' is gearriveerd: 'de krokodil bijt nie in mijn bil nie!', 'ik wil nie slapen nie!', en 'moenie mij kriebelen nie!'. Het schatje.
dinsdag 27 november 2012
Het Zuid-Afrikaanse ondermaanse (1): tanken
Weet je wat grappig is? In een benzinestation word je hier nog bediend. En als je 'fill it up, please' vraagt, vullen ze je tank tot het laatste druppeltje om je net dat ietsje meer te kunnen verkopen. Dat het een hele tijd duurt, al dat gepriegel om er nog vijf druppels bij te krijgen tot de tank net overloopt, maakt niets uit, als je tank maar vol is. Want een beetje vol bestaat niet.
Dit is een eerste postje in een reeks over dagelijkse bedenkingen zoals ik er nog honderden heb. Ik spaar ze niet op voor één onsamenhangende blogpost en laat ze niet oud worden op mijn eigen pc, maar geef ze af en toe eens tussendoor onder de titel 'Het Zuid-Afrikaanse ondermaanse'.
Dit is een eerste postje in een reeks over dagelijkse bedenkingen zoals ik er nog honderden heb. Ik spaar ze niet op voor één onsamenhangende blogpost en laat ze niet oud worden op mijn eigen pc, maar geef ze af en toe eens tussendoor onder de titel 'Het Zuid-Afrikaanse ondermaanse'.
zondag 25 november 2012
zaterdag 24 november 2012
Pilanesberg
En toen gingen we samen met mijn ouders naar het wildpark Pilanesberg met als gids en chauffeur onze house lady Annette a.k.a. ex-prof Engelse literatuur a.k.a. ex-vicerector van de NWU a.k.a. huidige directeur Internationale Relaties van de universiteit a.k.a. Oma'Nette, en werden we teruggereden door de nieuwe burgemeester van Potchefstroom. U leest het goed. De laatste nacht van ons verblijf daar in dat wildpark is onze, overigens voortreffelijke, gids en chauffeur tot burgemeester verkozen van Potchefstroom, een stad met ongeveer 350.000 inwoners.
Er waren al lang politieke spanningen in de gemeenteraad en de week voordien hadden ANC-schepenen een motion of no confidence ingediend tegen de huidige zwarte ANC-burgemeester, die van fraude en misbruik allerhande werd verdacht. Ze wilden hem laten vervangen door een ander lid van de ANC. Wat ze echter niet wisten, was dat de oppositiepartij Democratic Alliance in het geniep voor een tegenkandidaat had gezorgd, die uiteindelijk met 20 stemmen tegen 19 is verkozen.
En reed Annette ons niet rond in Pilanesberg, dan waren er zelfs 21 stemmen geteld ... Ze wist dat de woelige marathonvergadering van de week ervoor zou worden voortgezet zonder haar aanwezigheid, ze hield haar iPhone de hele avond in de gaten, maar dat het zo'n vaart zou lopen, had ze niet gedacht. Anders was ons geleide tripje wellicht ook in het water gevallen ... De publiekstribune zat rond middernacht bomvol en er steeg applaus op vanop alle banken toen haar verkiezing bekend gemaakt werd. Apart gevoel wellicht voor iemand die ons de hele dag wegwijs had gemaakt in de verschillende soorten antilopes en andere vreemde vogels.
Dat Annette de oppositie heeft weten te verenigen, verbaast ons niet. We hadden al van alle kanten zoveel goeds over haar gehoord. Ze straalt een natuurlijke autoriteit uit, heeft mensenkennis en levenswijsheid vergaard in haar voorbije leven en carrières, combineert humor met een gezond cynisme, zit in talrijke raden van bestuur, zorgt voor charity voor armblanke die met 130 euro staatspensioen moeten rondkomen, steunt haar vijf zwarte huisbedienden en hun kinderen waar ze kan, wil haar liefde voor Zuid-Afrika met iedereen delen en wil ervoor strijden om de corruptie het land uit te helpen en de zaken grondig en met een langetermijnvisie aan te pakken.
Haar partij is zeer gekant tegen president Zuma die bekend staat om zijn corruptie, genoemd wordt in een verkrachtingszaak en niet alleen zijn middelbaar niet heeft afgerond, maar zelfs zijn lagere school niet heeft beëindigd. Hij blijft enkel aan de macht door de historische erfenis van Mandela en zijn kennis van het doen en laten van haast alle ANC-partijleden.
Het voelde bijzonder raar, zo zei ze, om uit de handen van de vorige burgemeester de sleutels van zijn kantoor te krijgen, voorgesteld te worden aan de staff en meteen een wagen met kogelvrije ruiten, een chauffeur en lijfwacht te krijgen. Niet dat ze schrik heeft voor fysieke dreigementen: 'it will be a purely political threat'. 'Interesting times coming ahead', zo stelt ze ook, en 'it was a very very eventful day', toen ze de eerste keer terug thuis kwam. Blijkbaar heeft de overgang ook op nationaal niveau heel wat DA-hoop en ANC-alertheid gecreëerd.
Mijn ouders deelden een chalet met haar en wisten niet wat er aan de hand was woensdagnacht. Ze heeft de laatste nacht van ons verblijf daar ge-sms't en getelefoneerd, gaf 's ochtends al een radio-interview, werd op de terugweg gebeld door de DA-leider Helen Zille, en werd aan de kant van de weg nog eens geïnterviewd voor de radio over de gang van zaken en haar beleidsvisie. Diezelfde avond kwam ze op het regionale televisienieuws (en de regio's zijn hier groot!) en de dag erna stond ze op het voorblad van twee kranten. Thelma begreep niet goed wat er aan de hand was met haar Oma'Nette, die plotseling zowel op tv verscheen als naast haar fier stond mee te kijken.
Het ANC heeft een minuut na haar verkiezing al een motion of no confidence ingediend tegen haar. Haar mandaat loopt wellicht ook maar voor een drietal maanden, precies de rest van ons verblijf hier, maar het kan ook worden verlengd. Ze is zelf in elk geval overtuigd dat ze op die tijd de toon kan zetten, is van plan om de bekwame members of the municipal committee van het ANC opnieuw te benoemen, mensen te verzoenen en enkel de rotte appels weg te werken. Ze hoopt op drie maanden tijd het verschil te maken en haar mandaat te verlengen als eerste vrouwelijke burgemeester van Potchefstroom en eerste DA-burgemeester van het land (als ik me niet vergis).
Een groot contrast, dat hele politieke schouwspel, met onze eindeloze ritten door het wildpark. The Big Five hebben we niet gezien: enkel neushoorns en olifanten in alle soorten en maten, geen leeuw, luipaard of buffel. Maar de zebra's ver weg en heel dichtbij, de giraffen ver weg en ook zo dichtbij, de eenzame krokodil, de nijlpaarden, de water-, bos- en springbokken, bavianen, jakhals, zeearenden, wrattenzwijnen, impala's, kudu's, gnoes, maraboes, secretarisvogels enzovoort compenseerden dat moeiteloos.
Wat ik zeker ga onthouden: de twee zwart-geel-rode vogeltjes die zaten te kwelen op de rug van een zebra, het nijlpaard dat voor onze neus (we zaten in een hide waarin het ons niet goed kon zien) om zijn as rolde in het water en zijn keikoddige poten en roze buik liet zien, de optocht van zes wrattenzwijnen met de moeder vooraan, de vier kleintjes in het midden en de vader achteraan met hun dunne staartjes kaarsrecht in de lucht, de babyzebra en het wrattenbiggetje van ik schat een paar dagen oud, de gigantische olifantenstier die zijn ene achterpoot voor de andere schoof en zijn slurf op zijn slagtand legde voor de foto ...
En ook de uitgestrekte landschappen, het onweer dat de ongebruikelijke 39 graden brak zodat er nog een twintigtal graden overbleven, de heerlijke braais met mijn ouders en Annette (vis en papillotte met courgette, scampi, kerstomaat; kip en papillotte met olijven en citroen), de aapjes die de suikertjes kwamen stelen in het restaurant waar we bij aankomst iets aten, Thelma in het grote zwembad waar 's nachts de kikkers in kwaakten ... Mijn eerste echte dagen vakantie hier waren uitermate geslaagd, al voelt elk weekend hier als vakantie aan.
Over tien dagen gaan we twee weken naar Kaapstad en neem ik ook een paar dagen vrij voor mijn archiefwerk begint en daarna pikken we in Johannesburg twee vrienden op uit België om hier -- in de zomervakantie -- kerstmis, mijn verjaardag en oudejaar te vieren. Nog zo'n paradox: kerstbomen, poedersneeuw, elanden, slingers, kerstmutsen en kerstlichtjes in een land waar het stilaan elke dag een graad of dertig is, waar alles in bloei staat, waar ze smeken om de tropische 'donderstormen' die de watervoorraad van het volgende jaar moeten aanvullen.
Er waren al lang politieke spanningen in de gemeenteraad en de week voordien hadden ANC-schepenen een motion of no confidence ingediend tegen de huidige zwarte ANC-burgemeester, die van fraude en misbruik allerhande werd verdacht. Ze wilden hem laten vervangen door een ander lid van de ANC. Wat ze echter niet wisten, was dat de oppositiepartij Democratic Alliance in het geniep voor een tegenkandidaat had gezorgd, die uiteindelijk met 20 stemmen tegen 19 is verkozen.
En reed Annette ons niet rond in Pilanesberg, dan waren er zelfs 21 stemmen geteld ... Ze wist dat de woelige marathonvergadering van de week ervoor zou worden voortgezet zonder haar aanwezigheid, ze hield haar iPhone de hele avond in de gaten, maar dat het zo'n vaart zou lopen, had ze niet gedacht. Anders was ons geleide tripje wellicht ook in het water gevallen ... De publiekstribune zat rond middernacht bomvol en er steeg applaus op vanop alle banken toen haar verkiezing bekend gemaakt werd. Apart gevoel wellicht voor iemand die ons de hele dag wegwijs had gemaakt in de verschillende soorten antilopes en andere vreemde vogels.
Dat Annette de oppositie heeft weten te verenigen, verbaast ons niet. We hadden al van alle kanten zoveel goeds over haar gehoord. Ze straalt een natuurlijke autoriteit uit, heeft mensenkennis en levenswijsheid vergaard in haar voorbije leven en carrières, combineert humor met een gezond cynisme, zit in talrijke raden van bestuur, zorgt voor charity voor armblanke die met 130 euro staatspensioen moeten rondkomen, steunt haar vijf zwarte huisbedienden en hun kinderen waar ze kan, wil haar liefde voor Zuid-Afrika met iedereen delen en wil ervoor strijden om de corruptie het land uit te helpen en de zaken grondig en met een langetermijnvisie aan te pakken.
Haar partij is zeer gekant tegen president Zuma die bekend staat om zijn corruptie, genoemd wordt in een verkrachtingszaak en niet alleen zijn middelbaar niet heeft afgerond, maar zelfs zijn lagere school niet heeft beëindigd. Hij blijft enkel aan de macht door de historische erfenis van Mandela en zijn kennis van het doen en laten van haast alle ANC-partijleden.
Het voelde bijzonder raar, zo zei ze, om uit de handen van de vorige burgemeester de sleutels van zijn kantoor te krijgen, voorgesteld te worden aan de staff en meteen een wagen met kogelvrije ruiten, een chauffeur en lijfwacht te krijgen. Niet dat ze schrik heeft voor fysieke dreigementen: 'it will be a purely political threat'. 'Interesting times coming ahead', zo stelt ze ook, en 'it was a very very eventful day', toen ze de eerste keer terug thuis kwam. Blijkbaar heeft de overgang ook op nationaal niveau heel wat DA-hoop en ANC-alertheid gecreëerd.
Mijn ouders deelden een chalet met haar en wisten niet wat er aan de hand was woensdagnacht. Ze heeft de laatste nacht van ons verblijf daar ge-sms't en getelefoneerd, gaf 's ochtends al een radio-interview, werd op de terugweg gebeld door de DA-leider Helen Zille, en werd aan de kant van de weg nog eens geïnterviewd voor de radio over de gang van zaken en haar beleidsvisie. Diezelfde avond kwam ze op het regionale televisienieuws (en de regio's zijn hier groot!) en de dag erna stond ze op het voorblad van twee kranten. Thelma begreep niet goed wat er aan de hand was met haar Oma'Nette, die plotseling zowel op tv verscheen als naast haar fier stond mee te kijken.
Het ANC heeft een minuut na haar verkiezing al een motion of no confidence ingediend tegen haar. Haar mandaat loopt wellicht ook maar voor een drietal maanden, precies de rest van ons verblijf hier, maar het kan ook worden verlengd. Ze is zelf in elk geval overtuigd dat ze op die tijd de toon kan zetten, is van plan om de bekwame members of the municipal committee van het ANC opnieuw te benoemen, mensen te verzoenen en enkel de rotte appels weg te werken. Ze hoopt op drie maanden tijd het verschil te maken en haar mandaat te verlengen als eerste vrouwelijke burgemeester van Potchefstroom en eerste DA-burgemeester van het land (als ik me niet vergis).
Een groot contrast, dat hele politieke schouwspel, met onze eindeloze ritten door het wildpark. The Big Five hebben we niet gezien: enkel neushoorns en olifanten in alle soorten en maten, geen leeuw, luipaard of buffel. Maar de zebra's ver weg en heel dichtbij, de giraffen ver weg en ook zo dichtbij, de eenzame krokodil, de nijlpaarden, de water-, bos- en springbokken, bavianen, jakhals, zeearenden, wrattenzwijnen, impala's, kudu's, gnoes, maraboes, secretarisvogels enzovoort compenseerden dat moeiteloos.
Wat ik zeker ga onthouden: de twee zwart-geel-rode vogeltjes die zaten te kwelen op de rug van een zebra, het nijlpaard dat voor onze neus (we zaten in een hide waarin het ons niet goed kon zien) om zijn as rolde in het water en zijn keikoddige poten en roze buik liet zien, de optocht van zes wrattenzwijnen met de moeder vooraan, de vier kleintjes in het midden en de vader achteraan met hun dunne staartjes kaarsrecht in de lucht, de babyzebra en het wrattenbiggetje van ik schat een paar dagen oud, de gigantische olifantenstier die zijn ene achterpoot voor de andere schoof en zijn slurf op zijn slagtand legde voor de foto ...
En ook de uitgestrekte landschappen, het onweer dat de ongebruikelijke 39 graden brak zodat er nog een twintigtal graden overbleven, de heerlijke braais met mijn ouders en Annette (vis en papillotte met courgette, scampi, kerstomaat; kip en papillotte met olijven en citroen), de aapjes die de suikertjes kwamen stelen in het restaurant waar we bij aankomst iets aten, Thelma in het grote zwembad waar 's nachts de kikkers in kwaakten ... Mijn eerste echte dagen vakantie hier waren uitermate geslaagd, al voelt elk weekend hier als vakantie aan.
Over tien dagen gaan we twee weken naar Kaapstad en neem ik ook een paar dagen vrij voor mijn archiefwerk begint en daarna pikken we in Johannesburg twee vrienden op uit België om hier -- in de zomervakantie -- kerstmis, mijn verjaardag en oudejaar te vieren. Nog zo'n paradox: kerstbomen, poedersneeuw, elanden, slingers, kerstmutsen en kerstlichtjes in een land waar het stilaan elke dag een graad of dertig is, waar alles in bloei staat, waar ze smeken om de tropische 'donderstormen' die de watervoorraad van het volgende jaar moeten aanvullen.
maandag 19 november 2012
Ode aan mijn ouders
Ik ben weer dochter, en niet alleen moeder en lief en onderzoeker, want mijn ouders zijn sinds vorige zondag op bezoek. Een hele week al, en ik heb ze nog nooit zo gemist als nu. Het klinkt paradoxaal, maar zo voelt het. Nu weet ik pas hoe fijn het is om ze weer dichtbij te hebben, om over politiek en familie en wijn en de wereld te praten, en samen versteld te staan van Thelma's spraakwaterval, haar dansjes, haar ellenlange liedjes met zelfverzonnen woorden, haar spitsvondige opmerkingen. Om hen ons verleden hier voor te stellen, terwijl ze deel uitmaken van ons 'nu'.
Toen we vertrokken in Zaventem tweeënhalf maanden geleden, had ik het ook even lastig. De tranen prikten toen ik zag wat mijn ouders voor Thelma hadden meegebracht: een vierkant kleuterboekje met alle foto's van haar lievelingsplekjes bij oma en opa thuis. Haar badspeelgoed, haar lievelingsboekjes, de tomaatjes in de tuin, de paprika's waar ze aan ging ruiken, de okkernoten die ze samen met opa kraakt, en natuurlijk ook foto's van de hele familie. Het zat samen in een tasje met Thelma's favoriete Playmobilhondje en een plastieken Nijntje waar ze zo graag mee speelt, en toen ik dat zag, moest ik vechten tegen de tranen.
Het deed me wat, die kleine speelgoedjes waar Thelma zo aan gehecht was, als symbool voor de enorme band die ze heeft met haar grootouders. Het attente gebaar om een boekje samen te stellen met het verhaal van haar leven thuis, om samen in te bladeren als de herinneringen vervagen. Een boekje waar Thelma aanvankelijk niet zoveel in keek, omdat alles nog zo vers in haar geheugen lag, maar waar ze de laatste weken vaker om vroeg. Het deed me denken aan de oeverloze liefde die ik zelf altijd gekregen heb, en de steun en raad bij alles wat ik ondernam. Ook het project Zuid-Afrika. Mijn moeder had het moeilijk met mijn plannen, dat wel, maar ze wist dat ze me niet kon tegenhouden.
Het was een once in a lifetime experience die we niet mochten laten schieten, de kans om ergens anders te leven en te werken, in een cultuur die tegelijk vreemd en vertrouwd aanvoelt. De kans om ons leven in België eens vanop een afstand te bekijken, wat er goed zat en wat fout, wat we verkeerd inschatten en wat niet. De kans om nieuwe mensen te leren kennen, maar ook met z'n drieën wat dichter op elkaars vel te zitten. Ik ben blij dat ik er alles aan gedaan heb om die kans realiteit te laten worden, blij dat we het onzekere voor het zekere hebben gekozen, blij dat het hier tot dusver zo goed meevalt.
Tijdens alle voorbereidingen in augustus heb ik de emotionele kant van ons vertrek een beetje uit de weg geduwd. Want je weet toch niet wat er komt, en je moet van alles regelen, en zes maanden zijn zo voorbij, en er is Skype, en we krijgen bezoek, en zo'n sterke band vervaagt toch niet. En hier in Zuid-Afrika kwam er ook van alles op ons af, is elke week weer anders, ben ik nieuw onderzoek gestart en maken we ons nieuwe gewoontes eigen, zijn we blij om tussendoor te kunnen bloggen en skypen, om dan voort te gaan met de orde van de dag, die dringend geplukt moet worden.
En dan zijn plots je ouders hier, maken ze deel uit van de alledaagsheid, en staat je vorige leven even on hold. Ik ging nog wel werken de voorbije week, maar ik had veel meer zin om 's middags met hen op een terras te zitten, om hun interactie met Thelma gade te slaan, om samen te winkelen, of over koetjes en kalfjes te praten in een eindeloos Skypegesprek van topkwaliteit. En dat ga ik missen. Ik weet dat twee weken bij ons inwonen van een intensiteit is die we zelfs in België niet meemaken, maar ze hebben ondertussen wel een plek verworven in ons grote huis die leeg gaat aanvoelen na volgende week.
Toen we vertrokken in Zaventem tweeënhalf maanden geleden, had ik het ook even lastig. De tranen prikten toen ik zag wat mijn ouders voor Thelma hadden meegebracht: een vierkant kleuterboekje met alle foto's van haar lievelingsplekjes bij oma en opa thuis. Haar badspeelgoed, haar lievelingsboekjes, de tomaatjes in de tuin, de paprika's waar ze aan ging ruiken, de okkernoten die ze samen met opa kraakt, en natuurlijk ook foto's van de hele familie. Het zat samen in een tasje met Thelma's favoriete Playmobilhondje en een plastieken Nijntje waar ze zo graag mee speelt, en toen ik dat zag, moest ik vechten tegen de tranen.
Het deed me wat, die kleine speelgoedjes waar Thelma zo aan gehecht was, als symbool voor de enorme band die ze heeft met haar grootouders. Het attente gebaar om een boekje samen te stellen met het verhaal van haar leven thuis, om samen in te bladeren als de herinneringen vervagen. Een boekje waar Thelma aanvankelijk niet zoveel in keek, omdat alles nog zo vers in haar geheugen lag, maar waar ze de laatste weken vaker om vroeg. Het deed me denken aan de oeverloze liefde die ik zelf altijd gekregen heb, en de steun en raad bij alles wat ik ondernam. Ook het project Zuid-Afrika. Mijn moeder had het moeilijk met mijn plannen, dat wel, maar ze wist dat ze me niet kon tegenhouden.
Het was een once in a lifetime experience die we niet mochten laten schieten, de kans om ergens anders te leven en te werken, in een cultuur die tegelijk vreemd en vertrouwd aanvoelt. De kans om ons leven in België eens vanop een afstand te bekijken, wat er goed zat en wat fout, wat we verkeerd inschatten en wat niet. De kans om nieuwe mensen te leren kennen, maar ook met z'n drieën wat dichter op elkaars vel te zitten. Ik ben blij dat ik er alles aan gedaan heb om die kans realiteit te laten worden, blij dat we het onzekere voor het zekere hebben gekozen, blij dat het hier tot dusver zo goed meevalt.
Tijdens alle voorbereidingen in augustus heb ik de emotionele kant van ons vertrek een beetje uit de weg geduwd. Want je weet toch niet wat er komt, en je moet van alles regelen, en zes maanden zijn zo voorbij, en er is Skype, en we krijgen bezoek, en zo'n sterke band vervaagt toch niet. En hier in Zuid-Afrika kwam er ook van alles op ons af, is elke week weer anders, ben ik nieuw onderzoek gestart en maken we ons nieuwe gewoontes eigen, zijn we blij om tussendoor te kunnen bloggen en skypen, om dan voort te gaan met de orde van de dag, die dringend geplukt moet worden.
En dan zijn plots je ouders hier, maken ze deel uit van de alledaagsheid, en staat je vorige leven even on hold. Ik ging nog wel werken de voorbije week, maar ik had veel meer zin om 's middags met hen op een terras te zitten, om hun interactie met Thelma gade te slaan, om samen te winkelen, of over koetjes en kalfjes te praten in een eindeloos Skypegesprek van topkwaliteit. En dat ga ik missen. Ik weet dat twee weken bij ons inwonen van een intensiteit is die we zelfs in België niet meemaken, maar ze hebben ondertussen wel een plek verworven in ons grote huis die leeg gaat aanvoelen na volgende week.
woensdag 7 november 2012
Brood in Bloemfontein
Ik ben vandaag met een schat in mijn rugzak naar huis getroond. Een vers en stevig roggebrood, om het uitgewoonde woord 'kraakvers' eens niet te gebruiken, of het gruwelijke en vaak totaal misplaatste 'ovenvers'. Maar een roggebrood dus, zo eentje met bloem op en een gebarsten korst. Wat heb ik daar al naar verlangd in het Brits gekleurde Zuid-Afrika, waar je met enige moeite roggebrood uit plastiek kunt vinden, maar meestal genoegen moet nemen met wegwaaitoastbrood van twaalf in een dozijn. Zelfs geen 'afbakbaguettes' of broodjes die je in je eigen oven semi-vers kunt laten lijken.
Met een beetje geluk is het toastbrood hier bruin in plaats van wit, en met een beetje ongeluk zitten er dan weer wholegrains in, en dan bedoelen ze echt whole grains, niet geplet of vermalen, maar gewoon een keiharde graankorrel die je niet plat krijgt geknabbeld. Als dat brood dan nog eens getoast is, zakt de warme watte een beetje in en steken de graantjes ertussenuit. Donkerder brood met dikkere sneden heb je hier wel, maar alles is prefab, zit in plastiek, is verrijkt met weet-ik-welke mineralen en vitaminen en is een eeuwigheid houdbaar. En zuurdesem vind je soms, in pakjes van vijf sneden, waar de witte puntjes schimmel twee dagen later op staan te blinken.
Maar niet hier, in Bloemfontein. Hier, in het groezelige en lawaaierige Bloemfontein dat me meer aan Caïro doet denken dan aan Bloemen en Fonteinen, is er in de Waterfront Mall een doening die Picnic heet, en die me getipt was door mijn Duitse huisgenoot. Danku Niels, duizendmaal dank, want ik was er anders geheel onwetend voorbijgelopen. Ik heb er tussen mijn archiefwerk door belegde rogge- en speltboterhammen gegeten met gisteren geroosterde groenten, flinterdunne mozzarella en pesto, en vandaag gemarineerde artisjok en paprika, gekarameliseerde ui, basilicumblaadjes, spinazie en een fijn sneetje halfbelegen kaas. Kaas, alweer (zie onder), maar oh boy, wat heeft me dat gesmaakt.
Ik was in de zevende hemel. Supervriendelijke bediening, gezellige drukte, heerlijke koffie, vegetarische boterhammen met meer dan cheddar en tomaat, zicht op water dat baadde in het zonlicht, grote krijtborden aan de muur met de suggesties, én een déli-shop waar ze die broden ook nog eens verkopen, naast cupcakes en granenkoekjes, speciale kazen, artisjok in olijfolie en paprika in balsamico ... Het Walhalla!
En oké, het was in de shopping mall waar ze wel massa's bloemen en fonteinen hebben, waar de kerstballen hangen te blinken en de vloer zo glad en schoon is dat je ervan kunt eten, waar de gigantische keuze aan schoenen en kleren je snel weer buiten doet hollen, maar ik heb er toch maar fijn mijn archiefdag mee opgeleukt. Gisteren, vandaag, morgen en overmorgen weer. En zaterdag misschien nog even halt houden daar om een paar broden, kaas en délicatessen in te slaan.
De terrasjes, koffiehuisjes of sushi-bars die je in België vindt, vind je in Zuid-Afrika ook en mis ik niet, maar wat ik wel mis, is eerlijk eten. Eten waar niet overal gesmolten kaas in gefoefeld is, waar niet altijd frieten bij geserveerd worden, dat niet bestaat uit een uitgelezen selectie van gefrituurde inktvis, gefrituurde viscakes en gefrituurde scampi's, mét frieten, en dat net iets geïnspireerder is dan het enige gezonde alternatief: de Griekse salade die je hier overal kunt krijgen, maar die geserveerd wordt met de doorsneedressing die ook bij de frieten wordt gegeven en zonder brood, zodat je een uur later alweer honger hebt.
En vegetarische opties waar je een paar uur mee voortkunt, dat mis ik dus ook. Niet gewoon hetzelfde waaruit het vlees is weggelaten zonder enige vorm van compensatie, tenzij kaas, als er al zoiets op de kaart staat, maar verrassende, lekkere en gezonde veggie stuff. Ik ben dus een beetje ten node en een beetje uit luiheid weer vleeseter geworden, hoewel ik buitenshuis nog altijd de kaart afspeur naar de veggie opties.
Vleesvervangers zijn in een kleine stad als Potchefstroom haast niet te krijgen, tenzij je ook kaas tot die groep rekent, wat geen steek houdt als je vlees wilt minderen om je voetafdruk te verkleinen en het mooi meegenomen vindt dat ondertussen ook het dierenleed in de vleesindustrie vermindert. Maar groenteburgers, loempia's zonder kip, falafels of quornblokjes zijn in de reguliere supermarkten als Checkers en The Friendly Grocer niet te vinden, en kleinere biowinkels heb je hier niet, tenzij ik die ene telkens voorbij ben gelopen.
Thuis kookte ik een à twee keer per week een vegetarisch gerecht waar er wat meer werk en ingrediënten in kropen, liet ik mijn lief op andere dagen mijn virtuele biefstuk of worst door iets snel-klaars uit de koelkast vervangen, kon ik hem af en toe ook overhalen om ook zijn gehakt door seitangehakt te vervangen, heeft hij een Libanese kikkererwten-korianderschotel tot ons standaardmenu verheven, en vond hij het zelf ook soms net iets te makkelijk en smakelijk om mijn veggievoorraad aan te spreken in plaats van zelf nog naar de supermarkt of slager te lopen. Vegetarisch eten, da's dus echt een eitje, ook met een carnivoor in huis.
Maar hier in Zuid-Afrika kookt Bernard fulltime, zijn er geen handige vervangopties, en waag ik het niet om hem te vragen zelf seitan te maken (alhoewel, liefje?) of het internet af te speuren naar vegetarische recepten in plaats van hem uit zijn blote hoofd te laten koken, wat hij het liefst doet. Ik ben wel ontzettend overtuigd om in België thuis en op restaurant weer vegetariër te worden na deze vleesepisode. Ik vond de vegetarische opties minstens even lekker, was een paar kilo lichter (komt natuurlijk ook door de kaas hier en de frieten 's middags, de volleybalpauze, het werk dat op vijf in plaats van twintig minuten fietsen ligt, ...), en ik voelde mij er mentaal ook beter bij, plofkip- en voetafdrukgewijs.
Met een beetje geluk is het toastbrood hier bruin in plaats van wit, en met een beetje ongeluk zitten er dan weer wholegrains in, en dan bedoelen ze echt whole grains, niet geplet of vermalen, maar gewoon een keiharde graankorrel die je niet plat krijgt geknabbeld. Als dat brood dan nog eens getoast is, zakt de warme watte een beetje in en steken de graantjes ertussenuit. Donkerder brood met dikkere sneden heb je hier wel, maar alles is prefab, zit in plastiek, is verrijkt met weet-ik-welke mineralen en vitaminen en is een eeuwigheid houdbaar. En zuurdesem vind je soms, in pakjes van vijf sneden, waar de witte puntjes schimmel twee dagen later op staan te blinken.
Maar niet hier, in Bloemfontein. Hier, in het groezelige en lawaaierige Bloemfontein dat me meer aan Caïro doet denken dan aan Bloemen en Fonteinen, is er in de Waterfront Mall een doening die Picnic heet, en die me getipt was door mijn Duitse huisgenoot. Danku Niels, duizendmaal dank, want ik was er anders geheel onwetend voorbijgelopen. Ik heb er tussen mijn archiefwerk door belegde rogge- en speltboterhammen gegeten met gisteren geroosterde groenten, flinterdunne mozzarella en pesto, en vandaag gemarineerde artisjok en paprika, gekarameliseerde ui, basilicumblaadjes, spinazie en een fijn sneetje halfbelegen kaas. Kaas, alweer (zie onder), maar oh boy, wat heeft me dat gesmaakt.
Ik was in de zevende hemel. Supervriendelijke bediening, gezellige drukte, heerlijke koffie, vegetarische boterhammen met meer dan cheddar en tomaat, zicht op water dat baadde in het zonlicht, grote krijtborden aan de muur met de suggesties, én een déli-shop waar ze die broden ook nog eens verkopen, naast cupcakes en granenkoekjes, speciale kazen, artisjok in olijfolie en paprika in balsamico ... Het Walhalla!
En oké, het was in de shopping mall waar ze wel massa's bloemen en fonteinen hebben, waar de kerstballen hangen te blinken en de vloer zo glad en schoon is dat je ervan kunt eten, waar de gigantische keuze aan schoenen en kleren je snel weer buiten doet hollen, maar ik heb er toch maar fijn mijn archiefdag mee opgeleukt. Gisteren, vandaag, morgen en overmorgen weer. En zaterdag misschien nog even halt houden daar om een paar broden, kaas en délicatessen in te slaan.
De terrasjes, koffiehuisjes of sushi-bars die je in België vindt, vind je in Zuid-Afrika ook en mis ik niet, maar wat ik wel mis, is eerlijk eten. Eten waar niet overal gesmolten kaas in gefoefeld is, waar niet altijd frieten bij geserveerd worden, dat niet bestaat uit een uitgelezen selectie van gefrituurde inktvis, gefrituurde viscakes en gefrituurde scampi's, mét frieten, en dat net iets geïnspireerder is dan het enige gezonde alternatief: de Griekse salade die je hier overal kunt krijgen, maar die geserveerd wordt met de doorsneedressing die ook bij de frieten wordt gegeven en zonder brood, zodat je een uur later alweer honger hebt.
En vegetarische opties waar je een paar uur mee voortkunt, dat mis ik dus ook. Niet gewoon hetzelfde waaruit het vlees is weggelaten zonder enige vorm van compensatie, tenzij kaas, als er al zoiets op de kaart staat, maar verrassende, lekkere en gezonde veggie stuff. Ik ben dus een beetje ten node en een beetje uit luiheid weer vleeseter geworden, hoewel ik buitenshuis nog altijd de kaart afspeur naar de veggie opties.
Vleesvervangers zijn in een kleine stad als Potchefstroom haast niet te krijgen, tenzij je ook kaas tot die groep rekent, wat geen steek houdt als je vlees wilt minderen om je voetafdruk te verkleinen en het mooi meegenomen vindt dat ondertussen ook het dierenleed in de vleesindustrie vermindert. Maar groenteburgers, loempia's zonder kip, falafels of quornblokjes zijn in de reguliere supermarkten als Checkers en The Friendly Grocer niet te vinden, en kleinere biowinkels heb je hier niet, tenzij ik die ene telkens voorbij ben gelopen.
Thuis kookte ik een à twee keer per week een vegetarisch gerecht waar er wat meer werk en ingrediënten in kropen, liet ik mijn lief op andere dagen mijn virtuele biefstuk of worst door iets snel-klaars uit de koelkast vervangen, kon ik hem af en toe ook overhalen om ook zijn gehakt door seitangehakt te vervangen, heeft hij een Libanese kikkererwten-korianderschotel tot ons standaardmenu verheven, en vond hij het zelf ook soms net iets te makkelijk en smakelijk om mijn veggievoorraad aan te spreken in plaats van zelf nog naar de supermarkt of slager te lopen. Vegetarisch eten, da's dus echt een eitje, ook met een carnivoor in huis.
Maar hier in Zuid-Afrika kookt Bernard fulltime, zijn er geen handige vervangopties, en waag ik het niet om hem te vragen zelf seitan te maken (alhoewel, liefje?) of het internet af te speuren naar vegetarische recepten in plaats van hem uit zijn blote hoofd te laten koken, wat hij het liefst doet. Ik ben wel ontzettend overtuigd om in België thuis en op restaurant weer vegetariër te worden na deze vleesepisode. Ik vond de vegetarische opties minstens even lekker, was een paar kilo lichter (komt natuurlijk ook door de kaas hier en de frieten 's middags, de volleybalpauze, het werk dat op vijf in plaats van twintig minuten fietsen ligt, ...), en ik voelde mij er mentaal ook beter bij, plofkip- en voetafdrukgewijs.
dinsdag 30 oktober 2012
Nooitgedacht
Thelma's tantrums zijn een beetje gaan liggen, gelukkig maar. Wat meer regelmaat in de schooldagen, een groter aanbod eten meteen als ze van school komt (gisteren at ze twee balkjes Weet-Bix, een kom soep én een puddinkje), beetje laten uitrazen en ondertussen semi-ongeïnteresseerd een boekje lezen tot ze bijdraait ... Dat doet de truc. Wij kennen haar aanvallen ondertussen wat beter en zij kent de oninteressante gevolgen ook wat beter. Fair deal.
Zaterdag zijn we naar Nooitgedacht gereden, een van de vele (vijf!) Nooitgedachts in Zuid-Afrika: niet die van Peter Pan en ook niet die van de lekkere wijn, maar een onbeduidend plekje in Noord-West, op uitnodiging van onze Zuid-Afrikaanse huisgenoten. Zij huurden daar met hun twee dochters, schoonzoon en kleinkinderen twee 'barakskes' van de universiteit met een keukentje en telkens één slaapkamer. Lekker basic, maar meer heb je niet nodig als je ook een tuin hebt die grenst aan de prachtige Vaal, waar reigers en visarenden de boel versieren, en een afdak om te schuilen voor de tropische onweren in dit regenseizoen.
Zeer handig trouwens het onweer in Zuid-Afrika: je ziet het van kilometers ver aankomen, het regent een dik uur onophoudelijk, met felle donders en bliksem, in een soort l'heure bleue dat het uitzicht adembenemend maakt en daarna breekt de zon door en kan alles weer herleven. Geen druilerige dagen hier met onophoudelijk miezeren, of vijftien buien na elkaar bij voorkeur tijdens ochtend- én avondshift, zodat je 's avonds opnieuw je natte KWay mag aantrekken. Veel studenten laten zich dan ook gewillig natregenen, of trekken de schoenen uit en lopen gewoon een beetje gillend naar huis.
Ik wou Thelma koste wat het kost een middagdut laten doen in Nooitgedacht, niet omwille van de mooie naam, maar enkel omdat ik de ellendige scènes al zag aankomen. Ik was dus totally not amused toen ze na twee keer twintig seconden proberen al onmiddellijk weer aan de deur stond en ze daarna, na Bernard zijn poging, na vijfentwintig minuten alweer wakker was. Maar ja, met twee kinderen van drie en vier die geen middagdut meer moeten doen, kan je natuurlijk geen wonderen verwachten, ook al mocht ze in haar lievelingstentje slapen waar ze de voorbije week ook al in had overnacht.
En kijk: het was een perfecte zaterdag. Geen scènes, geen ambras, vader die een dikke vis heeft gevangen met een Barbievislijn (tot frustratie van de professioneel vissende schoonzoon), en moeder die een beetje kon relaxen toen Thelma even deed alsof ze sliep en zich daarna bij het idee van de ontbrekende middagdut kon neerleggen. Lekker 'gebraaid', beetje 'gecricket' en geaperitiefd in de Zuid-Afrikaanse zon. Op weg naar huis met open mond gekeken naar de magnifieke zonsondergang, thuis nog een fles melk en bedje binnen. Met slechts één scène, tot ik haar met bezwerende woorden in haar reistentje kon lokken en het hele avondritueel gewoon halveerde.
De dag erna hebben we een rustig dagje thuis ingelast, met waterspelletjes in de tuin, een flinke middagdut en een duik in het zwembad, waarbij haar nieuwe zwemeend de geest heeft gegeven toen Bernard ermee aan het poortje bleef hangen. Ik die dacht dat je dat met fietsgerief nog kon herstellen, maar blijkbaar plakt dat op plastiek toch niet. Driedubbeldikke brol dus, voor te veel geld gekocht van de venters die op elk kruispunt met de meest waanzinnige dingen staan te leuren: zwemeenden, zitzakken en palmbomen, naast de obligate kranten, gsm-laders of zonnebrillen.
Vandaag trouwens gehoord dat het gemiddelde maandloon van de zwarte bevolking 5.000 ZAR (Zuid-Afrikaanse Rand) bedraagt, een kleine 500 euro, tegenover 30.000 ZAR of 3000 euro voor een witte werknemer. Alle affirmative action en quota ten spijt. Je hebt uiteraard veel uitzonderingen (rijke 'zwartmense' of 'bruinmense' in SUV's en 'armblanke' die bedelen bij de supermarkt), maar het zijn de uitzonderingen die de regel helaas nog steeds bevestigen.
Ik had trouwens eerst 'Thelmataal' als titel genomen, omdat ik een kort berichtje wou schrijven over Thelma's recente meertaligheid. Behalve Nederlandse woorden die ons achterover doen vallen, zoals 'hersenschudding', 'kikkervisje' en 'hooiberg' uit haar voorleesboekjes, brengt ze nu ook Afrikaanse woorden mee naar huis. En heeft ze sinds kort ook het Engels ontdekt, de taal die we meestal met onze huisgenoten spreken.
'Blommetjie' ('bloemekie' of bloempje) zei ze al, maar nu komen daar zinnen en woordgroepen bij als 'papa lekker kos maak' (papa maakt lekker eten); 'in die kombuis' (in de keuken); 'my kop' (mijn hoofd), 'nie pyn maak' of 'nie eina maak' (elkaar geen pijn doen) en het welbekende 'baie' (veel). Grappig zijn ook de dubbele meervouden: vrouwen zijn hier 'vrouwens' en Thelma maakt van Nederlandse meervouden als 'lampen' sinds kort ook 'lampens'. En we schrokken ons een hoedje toen ze het oer-Gentse 'nieje!' bovenhaalde, maar 'nieja!' is gewoon een heel sterke nee in het Afrikaans.
In het Engels vindt ze het bijzonder grappig om iedereen met het Zuid-Afrikaans-Engelse 'helleuw!' aan te spreken en dan te kijken hoe de omstaanders reageren op zoveel branie. Ze weet ondertussen ook dat na 'hello' meestal 'how are you?' volgt, en dat er daarna iets met een herhaling komt. Een klassieke Engelse conversatie tussen Thelma en onze house lady Annette is dan ook: [T:] 'Helleuw Oma'Nette!', [A:] 'Hello Thelma, how are you?', [T:] 'Helleuw Oma'Nette, hawayoe?', [A:] Fine, thank you, and how are you?', [T:] 'Fajn, denkjoe, en hawayoe?', [A:] 'Fine, thank you!', [T:] 'Fajn, denkjoe!', met op het eind een welgemeende: 'Baibai!'.
Zaterdag zijn we naar Nooitgedacht gereden, een van de vele (vijf!) Nooitgedachts in Zuid-Afrika: niet die van Peter Pan en ook niet die van de lekkere wijn, maar een onbeduidend plekje in Noord-West, op uitnodiging van onze Zuid-Afrikaanse huisgenoten. Zij huurden daar met hun twee dochters, schoonzoon en kleinkinderen twee 'barakskes' van de universiteit met een keukentje en telkens één slaapkamer. Lekker basic, maar meer heb je niet nodig als je ook een tuin hebt die grenst aan de prachtige Vaal, waar reigers en visarenden de boel versieren, en een afdak om te schuilen voor de tropische onweren in dit regenseizoen.
Zeer handig trouwens het onweer in Zuid-Afrika: je ziet het van kilometers ver aankomen, het regent een dik uur onophoudelijk, met felle donders en bliksem, in een soort l'heure bleue dat het uitzicht adembenemend maakt en daarna breekt de zon door en kan alles weer herleven. Geen druilerige dagen hier met onophoudelijk miezeren, of vijftien buien na elkaar bij voorkeur tijdens ochtend- én avondshift, zodat je 's avonds opnieuw je natte KWay mag aantrekken. Veel studenten laten zich dan ook gewillig natregenen, of trekken de schoenen uit en lopen gewoon een beetje gillend naar huis.
Ik wou Thelma koste wat het kost een middagdut laten doen in Nooitgedacht, niet omwille van de mooie naam, maar enkel omdat ik de ellendige scènes al zag aankomen. Ik was dus totally not amused toen ze na twee keer twintig seconden proberen al onmiddellijk weer aan de deur stond en ze daarna, na Bernard zijn poging, na vijfentwintig minuten alweer wakker was. Maar ja, met twee kinderen van drie en vier die geen middagdut meer moeten doen, kan je natuurlijk geen wonderen verwachten, ook al mocht ze in haar lievelingstentje slapen waar ze de voorbije week ook al in had overnacht.
En kijk: het was een perfecte zaterdag. Geen scènes, geen ambras, vader die een dikke vis heeft gevangen met een Barbievislijn (tot frustratie van de professioneel vissende schoonzoon), en moeder die een beetje kon relaxen toen Thelma even deed alsof ze sliep en zich daarna bij het idee van de ontbrekende middagdut kon neerleggen. Lekker 'gebraaid', beetje 'gecricket' en geaperitiefd in de Zuid-Afrikaanse zon. Op weg naar huis met open mond gekeken naar de magnifieke zonsondergang, thuis nog een fles melk en bedje binnen. Met slechts één scène, tot ik haar met bezwerende woorden in haar reistentje kon lokken en het hele avondritueel gewoon halveerde.
De dag erna hebben we een rustig dagje thuis ingelast, met waterspelletjes in de tuin, een flinke middagdut en een duik in het zwembad, waarbij haar nieuwe zwemeend de geest heeft gegeven toen Bernard ermee aan het poortje bleef hangen. Ik die dacht dat je dat met fietsgerief nog kon herstellen, maar blijkbaar plakt dat op plastiek toch niet. Driedubbeldikke brol dus, voor te veel geld gekocht van de venters die op elk kruispunt met de meest waanzinnige dingen staan te leuren: zwemeenden, zitzakken en palmbomen, naast de obligate kranten, gsm-laders of zonnebrillen.
Vandaag trouwens gehoord dat het gemiddelde maandloon van de zwarte bevolking 5.000 ZAR (Zuid-Afrikaanse Rand) bedraagt, een kleine 500 euro, tegenover 30.000 ZAR of 3000 euro voor een witte werknemer. Alle affirmative action en quota ten spijt. Je hebt uiteraard veel uitzonderingen (rijke 'zwartmense' of 'bruinmense' in SUV's en 'armblanke' die bedelen bij de supermarkt), maar het zijn de uitzonderingen die de regel helaas nog steeds bevestigen.
Ik had trouwens eerst 'Thelmataal' als titel genomen, omdat ik een kort berichtje wou schrijven over Thelma's recente meertaligheid. Behalve Nederlandse woorden die ons achterover doen vallen, zoals 'hersenschudding', 'kikkervisje' en 'hooiberg' uit haar voorleesboekjes, brengt ze nu ook Afrikaanse woorden mee naar huis. En heeft ze sinds kort ook het Engels ontdekt, de taal die we meestal met onze huisgenoten spreken.
'Blommetjie' ('bloemekie' of bloempje) zei ze al, maar nu komen daar zinnen en woordgroepen bij als 'papa lekker kos maak' (papa maakt lekker eten); 'in die kombuis' (in de keuken); 'my kop' (mijn hoofd), 'nie pyn maak' of 'nie eina maak' (elkaar geen pijn doen) en het welbekende 'baie' (veel). Grappig zijn ook de dubbele meervouden: vrouwen zijn hier 'vrouwens' en Thelma maakt van Nederlandse meervouden als 'lampen' sinds kort ook 'lampens'. En we schrokken ons een hoedje toen ze het oer-Gentse 'nieje!' bovenhaalde, maar 'nieja!' is gewoon een heel sterke nee in het Afrikaans.
In het Engels vindt ze het bijzonder grappig om iedereen met het Zuid-Afrikaans-Engelse 'helleuw!' aan te spreken en dan te kijken hoe de omstaanders reageren op zoveel branie. Ze weet ondertussen ook dat na 'hello' meestal 'how are you?' volgt, en dat er daarna iets met een herhaling komt. Een klassieke Engelse conversatie tussen Thelma en onze house lady Annette is dan ook: [T:] 'Helleuw Oma'Nette!', [A:] 'Hello Thelma, how are you?', [T:] 'Helleuw Oma'Nette, hawayoe?', [A:] Fine, thank you, and how are you?', [T:] 'Fajn, denkjoe, en hawayoe?', [A:] 'Fine, thank you!', [T:] 'Fajn, denkjoe!', met op het eind een welgemeende: 'Baibai!'.
woensdag 24 oktober 2012
Paparazzi
Zoals beloofd nog een paar foto's van het konsert. Ik heb al spijt dat al mijn filmpjes niet langer duren en we niet nog meer foto's hebben gemaakt, maar we zaten op rij vijf en wisten niet goed hoe de kwaliteit zou zijn. Ik vreesde ook dat mijn toestel in een-twee-drie vol zou staan met filmpjes voor ik Thelma kon spotten en moest tussendoor zelfs af en toe een filmpje wissen omdat het geheugen van mijn toestel volraakte. Oh stress van jonge ouders die hun kroost willen vereeuwigen!
Er zaten bovendien ook twee professionele cameramannen in de zaal die ons via de school vast nog wel een dvd'tje zouden bezorgen, maar of dat ook effectief zo zal zijn, weten we nog niet. 't Zou wel tof zijn voor Thelma om echte beelden mee naar België te kunnen nemen die de obligate gaten in het geheugen van een tweejarige een beetje kunnen opvullen ...
Bij de foto's, die Bernard heeft gemaakt, was het aanvankelijk zoeken doordat het licht op scène steeds weer veranderde en de flits uiteraard niet ver genoeg reikte, maar na Thelma's optreden had hij het onder de knie. Gelukkig was er ook één lucky shot van Thelma bij, die er in haar lieflijk omajurkje met bloemetjeshoed en die chubby witte baby-armpjes om te stelen uitzag.
Voor het optreden begon, hebben we achter de schermen als volleerde paparazzi ook nog enkele beelden geschoten, toen de ukkies van Asjassies Witrand nog in openlucht stonden te popelen om de show te stelen. Thelma's afdeling van Asjassies zat toen al in het auditorium en konden we niet meer strikken voor een fotoshoot, maar ik betwijfel of die witte scheetjes wel even fotogeniek waren geweest ...
En wie zich vragen stelt over het kleurenpalet van de foto's: de overwegend zwarte kindjes zijn leerlingen van Witrand, no pun intended, de Engelstalige afdeling van Asjassies. In Thelma's afdeling is de voertaal Afrikaans en zijn er dus overwegend witte kindjes. De Apartheid mag dan al achttien jaar achter de rug zijn, de moedertaal en voertaal op school bepalen nog steeds het coloriet ...
Er zaten bovendien ook twee professionele cameramannen in de zaal die ons via de school vast nog wel een dvd'tje zouden bezorgen, maar of dat ook effectief zo zal zijn, weten we nog niet. 't Zou wel tof zijn voor Thelma om echte beelden mee naar België te kunnen nemen die de obligate gaten in het geheugen van een tweejarige een beetje kunnen opvullen ...
Bij de foto's, die Bernard heeft gemaakt, was het aanvankelijk zoeken doordat het licht op scène steeds weer veranderde en de flits uiteraard niet ver genoeg reikte, maar na Thelma's optreden had hij het onder de knie. Gelukkig was er ook één lucky shot van Thelma bij, die er in haar lieflijk omajurkje met bloemetjeshoed en die chubby witte baby-armpjes om te stelen uitzag.
Voor het optreden begon, hebben we achter de schermen als volleerde paparazzi ook nog enkele beelden geschoten, toen de ukkies van Asjassies Witrand nog in openlucht stonden te popelen om de show te stelen. Thelma's afdeling van Asjassies zat toen al in het auditorium en konden we niet meer strikken voor een fotoshoot, maar ik betwijfel of die witte scheetjes wel even fotogeniek waren geweest ...
En wie zich vragen stelt over het kleurenpalet van de foto's: de overwegend zwarte kindjes zijn leerlingen van Witrand, no pun intended, de Engelstalige afdeling van Asjassies. In Thelma's afdeling is de voertaal Afrikaans en zijn er dus overwegend witte kindjes. De Apartheid mag dan al achttien jaar achter de rug zijn, de moedertaal en voertaal op school bepalen nog steeds het coloriet ...
dinsdag 23 oktober 2012
30th Extravaganza
Thelma heeft met haar twee jaar en drie maanden voor het eerst een podium beklommen. Samen met haar klasje Gansies vertolkte ze een van de vijftien scènes van de '30th Extravaganza'-show om het dertigjarige bestaan van haar eerste schooltje te vieren. Elke klas beeldde een memorabele gebeurtenis uit die een van de voorbije jaren kenmerkte: een geldinzameling waarbij iedereen verkleed liep, een bezoek van het leger, een kleuterkookwedstrijd, een uitstapje naar de brandweer, het eerste optreden in het auditorium van de universiteit ...
't Was een mix van dansjes en toneeltjes op de tonen van Grease, I'm a Train, Great Balls of Fire en ... Goggatjie oefen saam, het liedje van Thelma's klas. Echt extravagant kon je haar scène dus niet noemen, want ze moesten een uitstapje naar een rusthuis ('ouetehuis', spreek uit 'ouwe-tehuis') en de jaarlijkse grootouderdag in de verf zetten, door verkleed als opa's en oma's spelletjes uit die laatsten hun kindertijd na te doen. Dubbele bodems en metatheater, dat wel!
Thelma had er geen benul van dat er zevenhonderd mensen in de zaal zaten, en had twee dagen ervoor al gezegd dat ze geoefend hadden met 'de lampen' en 'gespeeld', want dat was het toch vooral voor haar: de glijbaan afglijden, op het hobbelpaard wippen, beetje rondlopen op het podium, verbaasd kijken naar een huilend maatjie (spreek uit 'moaikie': vriendje), terwijl vier andere kleuters op de voorgrond met de juf een dansje deden.
Om zes uur begon de show, om acht uur werd het hele spektakel afgerond met een gezamenlijk lied op het podium en we kregen dus een dolgedraaid en hondsmoe meisje mee naar huis. We hadden ze wel 's middags al van school afgehaald om haar 'n ruskansie te gee voor die konsert en daar had ze dankbaar gebruik van gemaakt, maar de adrenaline en lichte sterallures maakten het toch nog een heel karwei om haar rond tien uur in bed te krijgen.
't Was een mix van dansjes en toneeltjes op de tonen van Grease, I'm a Train, Great Balls of Fire en ... Goggatjie oefen saam, het liedje van Thelma's klas. Echt extravagant kon je haar scène dus niet noemen, want ze moesten een uitstapje naar een rusthuis ('ouetehuis', spreek uit 'ouwe-tehuis') en de jaarlijkse grootouderdag in de verf zetten, door verkleed als opa's en oma's spelletjes uit die laatsten hun kindertijd na te doen. Dubbele bodems en metatheater, dat wel!
Morgen zet ik een selectie foto's op de blog van de ruim driehonderd peuters, kleuters en eersteleerjaarderkes die aan de show meewerkten, vandaag enkel een filmpje met Thelma in een glansrol. Ah ja, zo hoort dat. En 't is ook een beetje overdreven hoor, die glansrol. Ze was een uitstekende figurant, op een hobbelpaard, laat ik het zo stellen. En jammer dat ik geen professionele cameravrouw ben, want anders had ik iets meer oog gehad voor het geheel ...
Thelma had er geen benul van dat er zevenhonderd mensen in de zaal zaten, en had twee dagen ervoor al gezegd dat ze geoefend hadden met 'de lampen' en 'gespeeld', want dat was het toch vooral voor haar: de glijbaan afglijden, op het hobbelpaard wippen, beetje rondlopen op het podium, verbaasd kijken naar een huilend maatjie (spreek uit 'moaikie': vriendje), terwijl vier andere kleuters op de voorgrond met de juf een dansje deden.
Om zes uur begon de show, om acht uur werd het hele spektakel afgerond met een gezamenlijk lied op het podium en we kregen dus een dolgedraaid en hondsmoe meisje mee naar huis. We hadden ze wel 's middags al van school afgehaald om haar 'n ruskansie te gee voor die konsert en daar had ze dankbaar gebruik van gemaakt, maar de adrenaline en lichte sterallures maakten het toch nog een heel karwei om haar rond tien uur in bed te krijgen.
zondag 14 oktober 2012
Smile
Als ik iets ga proberen mee te nemen uit Zuid-Afrika, behalve de hernieuwde liefde voor literatuur en de opgelaaide passie voor historisch onderzoek, is het de welgemeende smile die je hier overal krijgt. En hoezeer het ook een cliché mag zijn, de lach die ik 's middags krijg van de zwarte dienster met haar gouden tanden is allesbehalve een cliché. Het is elke keer opnieuw een nieuwsgierig-ontwapenende glimlach die mij nieuwsgierig-vragend doet teruglachen.
En mij aan het denken zet, ongelovige Belg als ik ben ... Is het zo welgemeend als het er elke keer uitziet? Hoeft ze daar helemaal geen moeite voor te doen? Heeft ze ooit een mindere dag? Does she fancy me? Zal het ooit voorbijgaan als ik de kaart wat beter leer kennen? Als ik nog wat vaker kom en niet meer denk dat soda ook gewoon spuitwater kan zijn zonder Coca-Cola- of Spritesiroop, en Ice-Tea gewoon bubbels bevat zonder het lemon- of peach-dilemma?
Mijn huisgenoot Niels was het ook al opgevallen, dus het is niet iets wat ze alleen voor mij etaleert. Maar het is zo aanstekelijk dat ik er iets van hoop te bewaren. Wij Belgen, die onzekerheid vaak maskeren met arrogantie, die onhandigheid verbergen door onopgemerkt (not) de andere kant uit te kijken, kunnen daar best nog wat van leren. Wij, die 'lachen' soms als een teken van domheid zien, zouden weleens gebaat kunnen zijn bij wat meer gezichtsgymnastiek. En ik pleit schuldig.
Ook de smile van David, onze tuinman, die ik net niet liet oversteken toen ik donderdag met de auto op weg was naar de universiteit (omdat dat hier de gewoonte niet is en op een T-punt alleen maar iemand 'in je gat' zou doen rijden), doe je onrecht aan door het een cliché te noemen. Ik leek wel een oud lief van hem dat hij altijd graag is blijven zien, of zijn moeder, die hij na maanden ontbering terugzag. En ik stak alleen mijn hand naar hem op terwijl ik de straat inreed.
En vandaag, toen we een pint gingen drinken op een terras dat alleen bij ingewijden bekend is, waar toeristen nooit een voet zouden zetten, omdat het in een oase annex tuincentrum ligt waar tijdelijke bezoekers niets te zoeken hebben, en de dienster naar de juiste Engelse woorden zocht en vroeg of ze mocht weten welke taal we met Thelma spraken, was het weer van dat. Een wit meisje deze keer, maar met een glimlach die even ontwapenend als zelfverzekerd was.
Akkoord, het is niet altijd zo: bij de douane in Johannesburg lijken ze er een sport van te maken om je zo emotieloos en kil mogelijk aan te kijken, bij de politie duurde het ook een hele tijd voor het ijs gebroken was, en de kranten en literatuur die ik hier lees, geven allerminst een fraai beeld van de Zuid-Afrikaanse Jan en alleman, maar in de dagelijkse omgang is het een hemelsbreed verschil met wat wij in België kennen en gewoon zijn.
En het blijft niet beperkt tot diensters en tuinmannen: donderdag had ik een even hartelijk als motiverend gesprek met de onderzoeksdirecteur, en vrijdagmiddag kwam ik terug van mijn lunch en botste ik in de gang op de directeur van het talencentrum. Hij was net bij me komen aankloppen om te vragen of alles naar mijn zin was, en of ik en mijn gezin gelukkig zijn in Potchefstroom. Ja dus.
En mij aan het denken zet, ongelovige Belg als ik ben ... Is het zo welgemeend als het er elke keer uitziet? Hoeft ze daar helemaal geen moeite voor te doen? Heeft ze ooit een mindere dag? Does she fancy me? Zal het ooit voorbijgaan als ik de kaart wat beter leer kennen? Als ik nog wat vaker kom en niet meer denk dat soda ook gewoon spuitwater kan zijn zonder Coca-Cola- of Spritesiroop, en Ice-Tea gewoon bubbels bevat zonder het lemon- of peach-dilemma?
Mijn huisgenoot Niels was het ook al opgevallen, dus het is niet iets wat ze alleen voor mij etaleert. Maar het is zo aanstekelijk dat ik er iets van hoop te bewaren. Wij Belgen, die onzekerheid vaak maskeren met arrogantie, die onhandigheid verbergen door onopgemerkt (not) de andere kant uit te kijken, kunnen daar best nog wat van leren. Wij, die 'lachen' soms als een teken van domheid zien, zouden weleens gebaat kunnen zijn bij wat meer gezichtsgymnastiek. En ik pleit schuldig.
Ook de smile van David, onze tuinman, die ik net niet liet oversteken toen ik donderdag met de auto op weg was naar de universiteit (omdat dat hier de gewoonte niet is en op een T-punt alleen maar iemand 'in je gat' zou doen rijden), doe je onrecht aan door het een cliché te noemen. Ik leek wel een oud lief van hem dat hij altijd graag is blijven zien, of zijn moeder, die hij na maanden ontbering terugzag. En ik stak alleen mijn hand naar hem op terwijl ik de straat inreed.
En vandaag, toen we een pint gingen drinken op een terras dat alleen bij ingewijden bekend is, waar toeristen nooit een voet zouden zetten, omdat het in een oase annex tuincentrum ligt waar tijdelijke bezoekers niets te zoeken hebben, en de dienster naar de juiste Engelse woorden zocht en vroeg of ze mocht weten welke taal we met Thelma spraken, was het weer van dat. Een wit meisje deze keer, maar met een glimlach die even ontwapenend als zelfverzekerd was.
Akkoord, het is niet altijd zo: bij de douane in Johannesburg lijken ze er een sport van te maken om je zo emotieloos en kil mogelijk aan te kijken, bij de politie duurde het ook een hele tijd voor het ijs gebroken was, en de kranten en literatuur die ik hier lees, geven allerminst een fraai beeld van de Zuid-Afrikaanse Jan en alleman, maar in de dagelijkse omgang is het een hemelsbreed verschil met wat wij in België kennen en gewoon zijn.
En het blijft niet beperkt tot diensters en tuinmannen: donderdag had ik een even hartelijk als motiverend gesprek met de onderzoeksdirecteur, en vrijdagmiddag kwam ik terug van mijn lunch en botste ik in de gang op de directeur van het talencentrum. Hij was net bij me komen aankloppen om te vragen of alles naar mijn zin was, en of ik en mijn gezin gelukkig zijn in Potchefstroom. Ja dus.
donderdag 11 oktober 2012
Onveiligheid in Zuid-Afrika
Onlangs nam ik 'n lifter mee, 'n zwarte jongeman die zwijgend naast me
kwam zitten. We reden 'n kilometer of tien, en toen we bijna in de stad
waren, zag ik zijn hand stilletjes in zijn broekzak glijden. Even
flitste het door mijn hoofd: 'n mes? Een revolver?
Hij heeft zitten twijfelen, en nu we bijna aangekomen zijn, moet hij zijn kans wagen ... Ik bedenk hoe ik moet reageren. Keihard op de rem gaan staan, of nee, gas geven en beginnen te zwalpen, en roepen dat-ie mee de gracht in gaat, met auto en al. Of nee, ik sla hem met mijn linkerhand keihard op zijn neus, doe 'n noodstop en ren uit de auto ...
Zijn hand zit in zijn broekzak, en hij haalt ze er nu stilletjes uit. Ik zie het briefje van 100 Rand (10 euro) tussen zijn vingers, en hij zegt aarzelend: 'I only have a hundred. Can you change?' Hij wil me betalen voor de lift. Ik voel me betrapt op mijn achterdocht. Belachelijk. Ik zeg hem dat hij niet hoeft te betalen, dat ik toch met de auto op weg was, waarop hij verrast reageert.
Omgekeerde wereld, de armen betalen de rijken. Hoewel, omgekeerd, is het niet altijd zo, jammer genoeg? Met 'n welgemeende 'God bless you' en 'n brede glimlach neemt hij afscheid... Onveiligheid? Waarschijnlijk wel, maar met paranoia zal het er niet op verbeteren.
Hij heeft zitten twijfelen, en nu we bijna aangekomen zijn, moet hij zijn kans wagen ... Ik bedenk hoe ik moet reageren. Keihard op de rem gaan staan, of nee, gas geven en beginnen te zwalpen, en roepen dat-ie mee de gracht in gaat, met auto en al. Of nee, ik sla hem met mijn linkerhand keihard op zijn neus, doe 'n noodstop en ren uit de auto ...
Zijn hand zit in zijn broekzak, en hij haalt ze er nu stilletjes uit. Ik zie het briefje van 100 Rand (10 euro) tussen zijn vingers, en hij zegt aarzelend: 'I only have a hundred. Can you change?' Hij wil me betalen voor de lift. Ik voel me betrapt op mijn achterdocht. Belachelijk. Ik zeg hem dat hij niet hoeft te betalen, dat ik toch met de auto op weg was, waarop hij verrast reageert.
Omgekeerde wereld, de armen betalen de rijken. Hoewel, omgekeerd, is het niet altijd zo, jammer genoeg? Met 'n welgemeende 'God bless you' en 'n brede glimlach neemt hij afscheid... Onveiligheid? Waarschijnlijk wel, maar met paranoia zal het er niet op verbeteren.
zondag 7 oktober 2012
Grmbl
Al een geluk dat er zoiets bestaat als The Terrible Two's, ik zou me anders serieus zorgen beginnen te maken. Dat onze opvoeding de mist ingaat, dat we een spoiled brat aan het kweken zijn, die overal de baas speelt en voor alles altijd een nieuwe uitleg klaar heeft, dat we altijd net het verkeerde doen en hoegenaamd niet tegen haar kuren, eisen en koppigheid opgewassen zijn ... Maar ik dwaal: het is de leeftijd! Ze wil helemaal niet stout zijn, tegenspreken of saboteren, ze heeft het gewoon moeilijk met haar groter wordende wereld ...
Ik dacht vroeger dat ik geen opvoedingsboekjes nodig zou hebben, dat het met liefde en duidelijkheid, zoals Adriaenssens zegt, en onze intuïtie wel zou werken, maar we krabben ons hier de laatste tijd soms echt in het haar. Om daarna weer het internet te consulteren op zoek naar de gouden tip, te lezen dat het steeds weer om rustig en consequent reageren draait, terwijl we maar al te goed beseffen dat elk kind en elke situatie anders is, en we het verder met onze pogingen tot consequentie zullen moeten rooien ... Zelfs mijn vier jaar ervaring bij de zes- en zevenjarigen in de jeugdbeweging, en alles wat ik opgepikt heb van mijn vader die jarenlang therapie aan kinderen heeft gegeven: het mag allemaal niet baten!
Vrijdag was Thelma uitgeslapen, poeslief, grappig, constructief, ontwapenend, maar gisteren en vandaag haalde ze bij momenten het bloed van onder onze nagels. Akkoord, gisteren was ze moe en dus hyper, waardoor ik wel een beetje coulanter ben en zie waar het gedrag vandaan komt, maar soms is ze zo onredelijk dat het echt niet meer mooi is. En dan zijn er theoretisch de volgende opties: terechtwijzen, negeren, afleiden, redeneren, pedagogisch kwaad worden, écht je geduld verliezen of al je geloof in je opvoedingscapaciteiten in rook zien opgaan ...
In zo'n noodgeval is het een kwestie van de juiste optie à la minute te selecteren, eventueel met trial and error, maar liever niet natuurlijk, desgewenst na kort overleg met je wederhelft (op fluistertoon of in een vreemde taal), tot je kordaat het heft in handen neemt om achteraf het resultaat van je actie te evalueren. En we hebben nog veel te evalueren! Want hoewel we weten dat de eerste drie opties de beste zijn, met optie vier erbij als ze weer gekalmeerd is, zie ik mijn geduld soms ook slinken en kan ik mijn kwaadheid niet altijd naar wens kanaliseren. 'Jij moet niet altijd alles zelf kiezen!', hoor ik mezelf kwaad zeggen, waarop Thelma simpelweg antwoordt: 'Wel kiezen!'. En wat doe je dan?
Ook al besef ik dat ze van onze kwaadheid dingen opsteekt, dat ze van onze kordate bevelen de essentie overneemt, en bij een volgende driftbui ook een vermanend vingertje opsteekt, me kwaad aankijkt, zegt dat het stout is wat ik doe, en dat ik weg moet, in de keuken, of streng gebiedt dat mama het moet doen (als papa iets wil doen), of papa het moet doen (als mama iets wil doen), of semi-volwassen stelt dat je haar gewoon efkes gerust moet laten, het lukt me niet altijd mijn gebruikelijke stoïcisme te bewaren ... Of mijn lach in te houden, dat soms ook.
Zaterdag waren we 's ochtends rond half tien naar een wildpark in Klerksdorp vertrokken, en had ze na onze rondrit van twee uur in een redelijk warme auto, waarbij ze de dieren niet allemaal even indrukwekkend vond, op de terugweg maar een uurtje geslapen, wat duidelijk te weinig was en de latere crises van die dag kon verklaren. We hadden 's namiddags ook gezwommen, waardoor ze hongeriger was dan normaal, en dat waren we uit het oog verloren tot ze als een wild dier de nootjes aanviel en wij er prompt een paar boterhammen achteraan gooiden. Maar vrijdag had ze lekker bijgeslapen, zaterdagochtend was ze niet extreem vroeg wakker, had ze stevig ontbeten, en keek ze uit naar de giraffen, de zebra's en de neushoorn die we in het park zouden zien ...
En toch zette ze het in dat vredevolle Zuid-Afrikaanse landschap op een brullen toen ze de drinkbus met de veel te grote teut na een paar volle teugen terug moest geven. Ze wou die drinkbus, en enkel en alleen die drinkbus, smeet haar eigen drinkbus weg, en vond mijn ingreep om mijn rechtmatige bezit om gegronde redenen (de reële kans op een nat kind in een autostoel en mijn overtuiging niet telkens al haar wensen in te willigen) terug te krijgen het grootste onrecht ooit. Toen ze hem na haar dutje nog eens kreeg en ik vooraf gezegd had dat ze hem daarna weer terug moest geven, ging ze wel helemaal akkoord. (Onthouden!)
En hoezeer we ook consequent proberen te zijn, het lukt niet altijd. Gisteren in de auto wel, omdat we door een godverlaten wildpark reden en alleen onze trommelvliezen het te verduren kregen, omdat ze vastzat in haar autostoel en zichzelf niets kon aandoen, en omdat er op het eind een grote antilope tevoorschijn kwam waarmee we haar konden afleiden terwijl we toch voet bij stuk hielden, maar op andere momenten is het soms echt moeilijk.
Als ze schreeuwend wil weglopen op een parking, als er nog medebewoners in ons huis aan het slapen zijn, als er publiek bij betrokken is dat het schijnbaar beter weet, als ze naar bed moet en ik geen zin heb in nog een scène, of als haar wens ons bij nader inzien nog niet zo slecht lijkt. We proberen ons dan niet van ons stuk te laten brengen, maar soms is een klein en instant compromis noodzakelijk, waarna we soms weer aan het twijfelen slaan of van mening verschillen.
En ze weet soms zelf ook niet wat ze wil, en wil gewoon het tegenovergestelde van wat wij willen. Dan wordt haar 'niet' plots een 'wel', haar 'uit' plots een 'in', haar 'nee' een 'ja', en dat kan zo wel even doorgaan, met een huilbui na elke keuzewissel. Probeer dan maar eens consequent te zijn, of haar duidelijk te maken dat het menens is. Je zou alles op voorhand moeten voorspellen, en inplannen, of afspreken, tot het gekkenwerk wordt. Als ze naar school moet, is het duidelijk wat er moet gebeuren, maar in het weekend steekt het niet zo nauw. En toch wil je dat er nog iets gebeurt en liefst niet na eindeloos dralen, of zeuren, of tien scènes, of honderd koerswijzigingen.
We zijn natuurlijk ook met twee, en hoezeer we ook proberen om dezelfde regels te volgen, je verschilt toch van elkaar, je geduld is niet in dezelfde hoeveelheden voorhanden, en veel situaties zijn nieuw en voor diverse interpretaties vatbaar. Je wil haar niet voortdurend haar zin geven, maar toch verdedig je haar recht op eigen keuzes, en kan je het eigenlijk wel begrijpen dat ze graag 's op tafel klimt, wil kiezen waar ze zit, zelf haar melk wil inschenken of cornflakes wil als ze halverwege haar Weet-Bix zit. En soms ben je moe van al dat nee-zeggen. Of denk je dat wat positieve aandacht de boel gaat ontmijnen, en krijgt ze toch een tussenoplossing die wel heel erg lijkt op wat zij wou. Keuzes en keuzestress!
Pas op, door dat hier zo op te sommen, lijkt het wel alsof het hier alle dagen kermis is en er geen land met ons bloedje te bezeilen is, maar het gaat natuurlijk vaker goed dan fout. En af en toe denken we dat het allemaal om zeep is, om dan een hele week nadien weer spontaan de juiste toon te vinden en in hemelse harmonie samen te leven. Maar vijf crises op een dag zijn soms echt te veel van het goeie, en soms heeft ze na een superdag ook weer een baaldag die de voorbije week en alle goeie voornemens helemaal doet vergeten.
Er zijn twee kanten aan haar gedrag die ons soms de muren doen oplopen, en ik verontschuldig mij nu al bij haar oudere zelf voor het openlijk fileren van haar gedrag hier. Een gedrag waarin ik ook wel dingen van mezelf herken, ik geef het toe ... Ik was ook een treuzelkont, ik denk er ook pas aan dat ik naar het toilet moet als we net vertrokken zijn, ik ben evenmin een ochtendmens, ik heb graag dat de dingen gebeuren zoals ik het wil, had ooit last van een paar dwangneuroses, en ik verander ook graag eens van gedacht of outfit op het allerlaatste nippertje.
Thelma doet alles vaak tergend langzaam, zeker als we haar gevraagd hebben om te komen, om haar kleren aan te doen, ingesmeerd te worden met zonnecrème, of in haar autostoel te kruipen. Dan ziet ze daar nog een boekje dat ze eerst absoluut in de kast wil leggen, en daar nog een beker die dringend op de rand van het bad moet staan, en daar een speelgoedje dat ze eerst nog eens goed moet onderzoeken, en daar een valiesje dat ze zonder tegenspraak open en dicht moet maken om er iets in te stoppen wat er eigenlijk niet in past. Procrastineren to the max!
En dan horen wij onszelf commanderen en gebieden en bevelen, maar lijkt dat simpelweg langs haar heen te gaan. Onze 'eerst' is ook bijlange niet zo sterk als haar 'eerst'. Als zij zegt 'eerst dit' dan doet ze dat eerst, en als wij zeggen 'eerst dit' en dan pas dat, soms met een beloning in het verschiet, dan werkt dat langs geen kanten. Dan wil ze eerst die beloning en zullen we dan wel weer zien. Ah ja, je reinste peuterlogica.
Waar wij uiteraard niet aan meedoen, tenzij we echt niet anders kunnen, denken we dan, daar heb je het weer. Afleiden en verwonderen lukken beter, maar je voelt je dan echt soms een slaaf van je kind. En het zou best kunnen dat al die aandacht net averechts werkt, denkt de neuroot in mij ... Maar wat dan? Blij zijn dat er zoiets is als de Terrible Two's, hopen dat het over een jaar weer overgaat, weten dat elke leeftijd zijn typische problemen heeft?
Het tweede soort gedrag is moord en brand schreeuwen als ze haar zin niet krijgt, als het niet de volgorde is die zij in gedachten had, als ik in de auto kom zitten terwijl ze dat niet wil. 'Mama moet weg', schreeuwde ze onlangs toen Bernard en Thelma me ophaalden bij het werk. De hele rit, tot we thuis waren, en daarna nog een poosje, ook al zei ik dat ik dat helemaal niet leuk vond, en zei Bernard dat ze daarmee moest ophouden. Met lange, diepe uithalen van frustratie, hoge schreeuwtonen, veel tranen en dikke snottebellen. Het kind.
Alleen maar omdat ze ten onrechte dacht dat de vrouw die eerst door het toegangspoortje kwam, mama was, maar ze uiteindelijk moest erkennen dat ik pas nadien tevoorschijn kwam. Oh ramp en onheil, dat was falen! En ze kon de situatie niet meer rechttrekken! En ook toen ze mij de volgende dag kwamen ophalen, leek alles peis en vree, tot ik de auto instapte en zij weer maar eens genoegen moest nemen met een situatie waar ze hoegenaamd niet om had gevraagd ... Ze heeft me ondertussen wel beloofd dat ze de volgende keer niet meer boos gaat zijn als ik instap, dus helemaal hopeloos is het nog niet.
En als huilen en schreeuwen niet genoeg indruk maken, begint ze soms ook te slaan of te roepen dat ik stout ben. Vaak nog een beetje schoorvoetend, zodat ik kan zien dat ze grenzen uittest, dat ze kijkt hoever ze kan gaan, wat mijn reactie zal zijn, wat de sanctie zal zijn, maar niettemin doet ze het toch. En hoezeer ik ook probeer om rustig maar kordaat te zijn, soms ook wel eens roep omdat het me echt tot daar zit ('mama is 't beu?', vraagt ze dan), haar af en toe straf omdat ik weet dat het louterend werkt, sommige zaken krijg ik haar gewoon niet diets gemaakt zoals het hoort.
Ik voel me soms echt gefrustreerd of falen in mijn opvoeding. Thelma is bijwijlen niet tot rede te brengen, en luistert gewoon niet naar wat we vragen. Ik heb hoegenaamd geen zin om haar te chanteren, te bedreigen, te straffen, en als ik daar al zin in zou hebben, dan werkt het vaak niet eens. Een time-out van een minuut in haar kamer werkt wel, en is het toppunt van negeren, maar dan moet je wel weer door een paar minuten pokkeherrie, een kind dat rood aanloopt en met zichzelf geen blijf weet. Ik ga dan om de minuut binnen om te vragen of ze gaat luisteren, tot ze capituleert. Frustrerend én meelijwekkend.
In de hoek werkt ook soms, als ze net haar tafeltje omver wil stoten, iets kapot wil gooien of ergens tegenaan slaat, en ik net op tijd ben om in te grijpen met een straf. Dan schreeuwt ze het uit, maar vindt ze snel nadien wel haar rust weer, draait ze zich om en zegt ze beduusd dat ze flink gaat zijn. 'Tafeltje omgooien mag niet, hè?' en dan komt ze doen wat ik gevraagd had. En even later hernieuwen we dan onze vriendschap, of begrijpen we elkaar dat constructief samenwerken toch veel fijner is, en nog een paar uur later zie ik haar de scène naspelen met haar knuffels.
Maar vermoeiend dat dat is! Niet alleen voor mij, maar vooral voor haar. Ik herken het ergens wel, zo kwaad of gefrustreerd zijn dat je met jezelf geen blijf weet en iets kapot wil gooien, maar het gaat hier om de dagelijkse dingen als kleren aandoen, mee naar beneden gaan of uit het bad komen. Doen wat wij vragen, kortom. Structuur en regelmaat helpen, maar alleen structuur is ook maar saai. Je wil haar ook eens iets laten zien, een beetje voortmaken door iets over te slaan, dingen doen zoals jij ze had gepland, leren dat het leven niet enkel uit regelmaat bestaat en haar een klein beetje wapenen tegen onvoorziene omstandigheden.
En op kwaaie momenten denk ik soms (niet geheel van ironie ontspeend): 'Je bent je kansen op een broertje of zusje hier gevoelig aan het verkleinen, mijn kind!' Terwijl ik hoop dat ze niet alleen blijft, al was het maar, denk ik dan, om niet aan het cliché van het verwende enig kind te voldoen. Omdat ze dan niet elke keer in het middelpunt van de belangstelling staat, de aandacht leert delen. Maar natuurlijk ook omdat ik hoop dat ze ooit het plezier en de waarde van een broer of zus mag leren kennen.
Omdat ik rationeel én emotioneel ontzettend graag een tweede kindje wil, ook al vindt Bernard het welletjes zo en vindt hij twee ouders met twee kinderen niet de evidentie zelve. En ook al wordt dat duo misschien ooit de echte Terrible Two, die elkaar andere dingen leren dan delen en samen spelen. Zoals bondgenootschappen tegen de wereld vormen en complotten smeden tegen hun ouders ... Of eeuwig en altijd ruziemaken en zo met z'n tweeën het bloed van onder hun ouders' nagels halen.
| Terrible Thelma |
Ik dacht vroeger dat ik geen opvoedingsboekjes nodig zou hebben, dat het met liefde en duidelijkheid, zoals Adriaenssens zegt, en onze intuïtie wel zou werken, maar we krabben ons hier de laatste tijd soms echt in het haar. Om daarna weer het internet te consulteren op zoek naar de gouden tip, te lezen dat het steeds weer om rustig en consequent reageren draait, terwijl we maar al te goed beseffen dat elk kind en elke situatie anders is, en we het verder met onze pogingen tot consequentie zullen moeten rooien ... Zelfs mijn vier jaar ervaring bij de zes- en zevenjarigen in de jeugdbeweging, en alles wat ik opgepikt heb van mijn vader die jarenlang therapie aan kinderen heeft gegeven: het mag allemaal niet baten!
Vrijdag was Thelma uitgeslapen, poeslief, grappig, constructief, ontwapenend, maar gisteren en vandaag haalde ze bij momenten het bloed van onder onze nagels. Akkoord, gisteren was ze moe en dus hyper, waardoor ik wel een beetje coulanter ben en zie waar het gedrag vandaan komt, maar soms is ze zo onredelijk dat het echt niet meer mooi is. En dan zijn er theoretisch de volgende opties: terechtwijzen, negeren, afleiden, redeneren, pedagogisch kwaad worden, écht je geduld verliezen of al je geloof in je opvoedingscapaciteiten in rook zien opgaan ...
In zo'n noodgeval is het een kwestie van de juiste optie à la minute te selecteren, eventueel met trial and error, maar liever niet natuurlijk, desgewenst na kort overleg met je wederhelft (op fluistertoon of in een vreemde taal), tot je kordaat het heft in handen neemt om achteraf het resultaat van je actie te evalueren. En we hebben nog veel te evalueren! Want hoewel we weten dat de eerste drie opties de beste zijn, met optie vier erbij als ze weer gekalmeerd is, zie ik mijn geduld soms ook slinken en kan ik mijn kwaadheid niet altijd naar wens kanaliseren. 'Jij moet niet altijd alles zelf kiezen!', hoor ik mezelf kwaad zeggen, waarop Thelma simpelweg antwoordt: 'Wel kiezen!'. En wat doe je dan?
Ook al besef ik dat ze van onze kwaadheid dingen opsteekt, dat ze van onze kordate bevelen de essentie overneemt, en bij een volgende driftbui ook een vermanend vingertje opsteekt, me kwaad aankijkt, zegt dat het stout is wat ik doe, en dat ik weg moet, in de keuken, of streng gebiedt dat mama het moet doen (als papa iets wil doen), of papa het moet doen (als mama iets wil doen), of semi-volwassen stelt dat je haar gewoon efkes gerust moet laten, het lukt me niet altijd mijn gebruikelijke stoïcisme te bewaren ... Of mijn lach in te houden, dat soms ook.
Zaterdag waren we 's ochtends rond half tien naar een wildpark in Klerksdorp vertrokken, en had ze na onze rondrit van twee uur in een redelijk warme auto, waarbij ze de dieren niet allemaal even indrukwekkend vond, op de terugweg maar een uurtje geslapen, wat duidelijk te weinig was en de latere crises van die dag kon verklaren. We hadden 's namiddags ook gezwommen, waardoor ze hongeriger was dan normaal, en dat waren we uit het oog verloren tot ze als een wild dier de nootjes aanviel en wij er prompt een paar boterhammen achteraan gooiden. Maar vrijdag had ze lekker bijgeslapen, zaterdagochtend was ze niet extreem vroeg wakker, had ze stevig ontbeten, en keek ze uit naar de giraffen, de zebra's en de neushoorn die we in het park zouden zien ...
En toch zette ze het in dat vredevolle Zuid-Afrikaanse landschap op een brullen toen ze de drinkbus met de veel te grote teut na een paar volle teugen terug moest geven. Ze wou die drinkbus, en enkel en alleen die drinkbus, smeet haar eigen drinkbus weg, en vond mijn ingreep om mijn rechtmatige bezit om gegronde redenen (de reële kans op een nat kind in een autostoel en mijn overtuiging niet telkens al haar wensen in te willigen) terug te krijgen het grootste onrecht ooit. Toen ze hem na haar dutje nog eens kreeg en ik vooraf gezegd had dat ze hem daarna weer terug moest geven, ging ze wel helemaal akkoord. (Onthouden!)
En hoezeer we ook consequent proberen te zijn, het lukt niet altijd. Gisteren in de auto wel, omdat we door een godverlaten wildpark reden en alleen onze trommelvliezen het te verduren kregen, omdat ze vastzat in haar autostoel en zichzelf niets kon aandoen, en omdat er op het eind een grote antilope tevoorschijn kwam waarmee we haar konden afleiden terwijl we toch voet bij stuk hielden, maar op andere momenten is het soms echt moeilijk.
Als ze schreeuwend wil weglopen op een parking, als er nog medebewoners in ons huis aan het slapen zijn, als er publiek bij betrokken is dat het schijnbaar beter weet, als ze naar bed moet en ik geen zin heb in nog een scène, of als haar wens ons bij nader inzien nog niet zo slecht lijkt. We proberen ons dan niet van ons stuk te laten brengen, maar soms is een klein en instant compromis noodzakelijk, waarna we soms weer aan het twijfelen slaan of van mening verschillen.
En ze weet soms zelf ook niet wat ze wil, en wil gewoon het tegenovergestelde van wat wij willen. Dan wordt haar 'niet' plots een 'wel', haar 'uit' plots een 'in', haar 'nee' een 'ja', en dat kan zo wel even doorgaan, met een huilbui na elke keuzewissel. Probeer dan maar eens consequent te zijn, of haar duidelijk te maken dat het menens is. Je zou alles op voorhand moeten voorspellen, en inplannen, of afspreken, tot het gekkenwerk wordt. Als ze naar school moet, is het duidelijk wat er moet gebeuren, maar in het weekend steekt het niet zo nauw. En toch wil je dat er nog iets gebeurt en liefst niet na eindeloos dralen, of zeuren, of tien scènes, of honderd koerswijzigingen.
We zijn natuurlijk ook met twee, en hoezeer we ook proberen om dezelfde regels te volgen, je verschilt toch van elkaar, je geduld is niet in dezelfde hoeveelheden voorhanden, en veel situaties zijn nieuw en voor diverse interpretaties vatbaar. Je wil haar niet voortdurend haar zin geven, maar toch verdedig je haar recht op eigen keuzes, en kan je het eigenlijk wel begrijpen dat ze graag 's op tafel klimt, wil kiezen waar ze zit, zelf haar melk wil inschenken of cornflakes wil als ze halverwege haar Weet-Bix zit. En soms ben je moe van al dat nee-zeggen. Of denk je dat wat positieve aandacht de boel gaat ontmijnen, en krijgt ze toch een tussenoplossing die wel heel erg lijkt op wat zij wou. Keuzes en keuzestress!
Pas op, door dat hier zo op te sommen, lijkt het wel alsof het hier alle dagen kermis is en er geen land met ons bloedje te bezeilen is, maar het gaat natuurlijk vaker goed dan fout. En af en toe denken we dat het allemaal om zeep is, om dan een hele week nadien weer spontaan de juiste toon te vinden en in hemelse harmonie samen te leven. Maar vijf crises op een dag zijn soms echt te veel van het goeie, en soms heeft ze na een superdag ook weer een baaldag die de voorbije week en alle goeie voornemens helemaal doet vergeten.
Er zijn twee kanten aan haar gedrag die ons soms de muren doen oplopen, en ik verontschuldig mij nu al bij haar oudere zelf voor het openlijk fileren van haar gedrag hier. Een gedrag waarin ik ook wel dingen van mezelf herken, ik geef het toe ... Ik was ook een treuzelkont, ik denk er ook pas aan dat ik naar het toilet moet als we net vertrokken zijn, ik ben evenmin een ochtendmens, ik heb graag dat de dingen gebeuren zoals ik het wil, had ooit last van een paar dwangneuroses, en ik verander ook graag eens van gedacht of outfit op het allerlaatste nippertje.
Thelma doet alles vaak tergend langzaam, zeker als we haar gevraagd hebben om te komen, om haar kleren aan te doen, ingesmeerd te worden met zonnecrème, of in haar autostoel te kruipen. Dan ziet ze daar nog een boekje dat ze eerst absoluut in de kast wil leggen, en daar nog een beker die dringend op de rand van het bad moet staan, en daar een speelgoedje dat ze eerst nog eens goed moet onderzoeken, en daar een valiesje dat ze zonder tegenspraak open en dicht moet maken om er iets in te stoppen wat er eigenlijk niet in past. Procrastineren to the max!
En dan horen wij onszelf commanderen en gebieden en bevelen, maar lijkt dat simpelweg langs haar heen te gaan. Onze 'eerst' is ook bijlange niet zo sterk als haar 'eerst'. Als zij zegt 'eerst dit' dan doet ze dat eerst, en als wij zeggen 'eerst dit' en dan pas dat, soms met een beloning in het verschiet, dan werkt dat langs geen kanten. Dan wil ze eerst die beloning en zullen we dan wel weer zien. Ah ja, je reinste peuterlogica.
Waar wij uiteraard niet aan meedoen, tenzij we echt niet anders kunnen, denken we dan, daar heb je het weer. Afleiden en verwonderen lukken beter, maar je voelt je dan echt soms een slaaf van je kind. En het zou best kunnen dat al die aandacht net averechts werkt, denkt de neuroot in mij ... Maar wat dan? Blij zijn dat er zoiets is als de Terrible Two's, hopen dat het over een jaar weer overgaat, weten dat elke leeftijd zijn typische problemen heeft?
Het tweede soort gedrag is moord en brand schreeuwen als ze haar zin niet krijgt, als het niet de volgorde is die zij in gedachten had, als ik in de auto kom zitten terwijl ze dat niet wil. 'Mama moet weg', schreeuwde ze onlangs toen Bernard en Thelma me ophaalden bij het werk. De hele rit, tot we thuis waren, en daarna nog een poosje, ook al zei ik dat ik dat helemaal niet leuk vond, en zei Bernard dat ze daarmee moest ophouden. Met lange, diepe uithalen van frustratie, hoge schreeuwtonen, veel tranen en dikke snottebellen. Het kind.
Alleen maar omdat ze ten onrechte dacht dat de vrouw die eerst door het toegangspoortje kwam, mama was, maar ze uiteindelijk moest erkennen dat ik pas nadien tevoorschijn kwam. Oh ramp en onheil, dat was falen! En ze kon de situatie niet meer rechttrekken! En ook toen ze mij de volgende dag kwamen ophalen, leek alles peis en vree, tot ik de auto instapte en zij weer maar eens genoegen moest nemen met een situatie waar ze hoegenaamd niet om had gevraagd ... Ze heeft me ondertussen wel beloofd dat ze de volgende keer niet meer boos gaat zijn als ik instap, dus helemaal hopeloos is het nog niet.
En als huilen en schreeuwen niet genoeg indruk maken, begint ze soms ook te slaan of te roepen dat ik stout ben. Vaak nog een beetje schoorvoetend, zodat ik kan zien dat ze grenzen uittest, dat ze kijkt hoever ze kan gaan, wat mijn reactie zal zijn, wat de sanctie zal zijn, maar niettemin doet ze het toch. En hoezeer ik ook probeer om rustig maar kordaat te zijn, soms ook wel eens roep omdat het me echt tot daar zit ('mama is 't beu?', vraagt ze dan), haar af en toe straf omdat ik weet dat het louterend werkt, sommige zaken krijg ik haar gewoon niet diets gemaakt zoals het hoort.
Ik voel me soms echt gefrustreerd of falen in mijn opvoeding. Thelma is bijwijlen niet tot rede te brengen, en luistert gewoon niet naar wat we vragen. Ik heb hoegenaamd geen zin om haar te chanteren, te bedreigen, te straffen, en als ik daar al zin in zou hebben, dan werkt het vaak niet eens. Een time-out van een minuut in haar kamer werkt wel, en is het toppunt van negeren, maar dan moet je wel weer door een paar minuten pokkeherrie, een kind dat rood aanloopt en met zichzelf geen blijf weet. Ik ga dan om de minuut binnen om te vragen of ze gaat luisteren, tot ze capituleert. Frustrerend én meelijwekkend.
In de hoek werkt ook soms, als ze net haar tafeltje omver wil stoten, iets kapot wil gooien of ergens tegenaan slaat, en ik net op tijd ben om in te grijpen met een straf. Dan schreeuwt ze het uit, maar vindt ze snel nadien wel haar rust weer, draait ze zich om en zegt ze beduusd dat ze flink gaat zijn. 'Tafeltje omgooien mag niet, hè?' en dan komt ze doen wat ik gevraagd had. En even later hernieuwen we dan onze vriendschap, of begrijpen we elkaar dat constructief samenwerken toch veel fijner is, en nog een paar uur later zie ik haar de scène naspelen met haar knuffels.
Maar vermoeiend dat dat is! Niet alleen voor mij, maar vooral voor haar. Ik herken het ergens wel, zo kwaad of gefrustreerd zijn dat je met jezelf geen blijf weet en iets kapot wil gooien, maar het gaat hier om de dagelijkse dingen als kleren aandoen, mee naar beneden gaan of uit het bad komen. Doen wat wij vragen, kortom. Structuur en regelmaat helpen, maar alleen structuur is ook maar saai. Je wil haar ook eens iets laten zien, een beetje voortmaken door iets over te slaan, dingen doen zoals jij ze had gepland, leren dat het leven niet enkel uit regelmaat bestaat en haar een klein beetje wapenen tegen onvoorziene omstandigheden.
En op kwaaie momenten denk ik soms (niet geheel van ironie ontspeend): 'Je bent je kansen op een broertje of zusje hier gevoelig aan het verkleinen, mijn kind!' Terwijl ik hoop dat ze niet alleen blijft, al was het maar, denk ik dan, om niet aan het cliché van het verwende enig kind te voldoen. Omdat ze dan niet elke keer in het middelpunt van de belangstelling staat, de aandacht leert delen. Maar natuurlijk ook omdat ik hoop dat ze ooit het plezier en de waarde van een broer of zus mag leren kennen.
Omdat ik rationeel én emotioneel ontzettend graag een tweede kindje wil, ook al vindt Bernard het welletjes zo en vindt hij twee ouders met twee kinderen niet de evidentie zelve. En ook al wordt dat duo misschien ooit de echte Terrible Two, die elkaar andere dingen leren dan delen en samen spelen. Zoals bondgenootschappen tegen de wereld vormen en complotten smeden tegen hun ouders ... Of eeuwig en altijd ruziemaken en zo met z'n tweeën het bloed van onder hun ouders' nagels halen.
zondag 30 september 2012
Asjassies / Allemachies
Donderdag was de laatste dag van het derde kwartaal in het Zuid-Afrikaanse onderwijssysteem. We hebben Thelma uiteindelijk toch niet laten overnachten en ook de 'nagmars' met 'flitslig' hebben we geskipt. Ik kwam net van een congres terug en we kregen vrienden over de vloer, dus het zou allemaal wat te hectisch worden. Thelma kreeg wel haar knutselwerkjes mee naar huis, samen met een brief van het schoolhoofd en haar juf om haar nog eens officieel welkom te heten bij Asjassies en tegelijk te verklaren waarom ze nog niet 'geassesseer' is ...
Twee jaar en al een eerste assessment, waar gaat dat heen? Voor mij hoeven ze dat echt niet te doen. Ik ben natuurlijk wel benieuwd naar wat er in zo'n kleuterrapportje staat, omdat het over Thelma gaat, maar dingen als 'knipvaardigheden', zoals Paul Verhaeghe soms aanhaalt, hoop ik er toch niet in tegen te komen. Vrijheid-blijheid zou ik zeggen. Laat de vergelijkingen, tekorten of remediëringen op zo'n jonge leeftijd nog maar even in de kast. In plaats van zo'n formele beoordeling was er nu wel het volgende mooie stukje, en daar ben ik al lang blij mee.
Thelma smeekt dus niet alleen meer om woorden maar ook al om letters en het lijkt wel alsof die bij een eerste aanblik al in haar geheugen gegrift staan. Gisteren heeft ze zelfs een L 'gekakt', zoals ze trots verkondigde, en vandaag wou ze ook de letter van de poes en het konijn leren kennen. Ik heb de P en de K met een tekeningetje erbij in haar boek gezet, maar ga nu toch even ophouden met dat letteraanbod. Straks leert ze zichzelf nog vroeger lezen dan haar nichtje Eva, die op vijf jaar al vlot de gebruiksaanwijzing van een broodmachine debiteerde ...
Ik begrijp ondertussen zelf ook vlot het ABC van het Afrikaans, vooral na het driedaagse taalbad tijdens het congres van de Afrikaanse Literatuur-Vereniging in Pretoria vorige week, waar alle lezingen en babbeltjes tussendoor in het Afrikaans waren. De basis van de taal is natuurlijk ook makkelijk te begrijpen, ik lees bovendien wel wat Afrikaans voor mijn onderzoek, en als je een beetje oplet voor onbekende woorden, gaat het snel. Populaire woorden hier zijn:
Twee jaar en al een eerste assessment, waar gaat dat heen? Voor mij hoeven ze dat echt niet te doen. Ik ben natuurlijk wel benieuwd naar wat er in zo'n kleuterrapportje staat, omdat het over Thelma gaat, maar dingen als 'knipvaardigheden', zoals Paul Verhaeghe soms aanhaalt, hoop ik er toch niet in tegen te komen. Vrijheid-blijheid zou ik zeggen. Laat de vergelijkingen, tekorten of remediëringen op zo'n jonge leeftijd nog maar even in de kast. In plaats van zo'n formele beoordeling was er nu wel het volgende mooie stukje, en daar ben ik al lang blij mee.
Die tydjie was te kort om formele assessering te doen maar ons noem graag dat Thelma a pragtige klein dogtertjie is wat baie vinnig aangepas het in die Gansie klas. Dit is elke dag 'n plesier om haar in my klas te hê.We zien trouwens thuis hoe snel ze vooruitgaat. [insert stoef-alert] Donderdagavond heeft ze tussen de lettermagneetjes op de diepvriezer haar eigen letter T gevonden ('dit is mijn naam è?') en haalde ze ook mijn letter L er moeiteloos tussenuit. En sindsdien heeft ze ook de B met zijn twee buikjes ontdekt en de N van Niels, onze huisgenoot. Gisteravond wou ze de letter van oma en opa leren kennen ('hoe noemt die letter?'), en kwam de C van haar meter Christine erbij omdat ze dacht dat dat ook een O was, en vandaag zit ze al aan de S van pépé Sam. Ze ziet ook dat een 5 en een S niet hetzelfde zijn, en een L en een omgekeerde 7 al evenmin.
Thelma smeekt dus niet alleen meer om woorden maar ook al om letters en het lijkt wel alsof die bij een eerste aanblik al in haar geheugen gegrift staan. Gisteren heeft ze zelfs een L 'gekakt', zoals ze trots verkondigde, en vandaag wou ze ook de letter van de poes en het konijn leren kennen. Ik heb de P en de K met een tekeningetje erbij in haar boek gezet, maar ga nu toch even ophouden met dat letteraanbod. Straks leert ze zichzelf nog vroeger lezen dan haar nichtje Eva, die op vijf jaar al vlot de gebruiksaanwijzing van een broodmachine debiteerde ...
Ik begrijp ondertussen zelf ook vlot het ABC van het Afrikaans, vooral na het driedaagse taalbad tijdens het congres van de Afrikaanse Literatuur-Vereniging in Pretoria vorige week, waar alle lezingen en babbeltjes tussendoor in het Afrikaans waren. De basis van de taal is natuurlijk ook makkelijk te begrijpen, ik lees bovendien wel wat Afrikaans voor mijn onderzoek, en als je een beetje oplet voor onbekende woorden, gaat het snel. Populaire woorden hier zijn:
- baie: heel (baie lekker! baie dankie!)
- 'n klomp: een hoop ('n klomp mense, 'n klompie geld)
- lekker: goed (lekker slaap!, lekker werk!, ek hoop jy het 'n lekker tyd in Suid-Afrika!)
- glad: helemaal (ek het dat glad nie gedoen!)
vrijdag 28 september 2012
Kleuterplaas
Maandag was het Heritage Day in Zuid-Afrika, een dag waarop de verschillende origines van de Zuid-Afrikanen in de verf worden gezet. Een vrije dag voor mij, want de universiteit was dicht, maar de meeste winkels waren open, de straatwerkers waren actief en het huispersoneel deed zaterdagdienst. Omdat het concept voor veel mensen nogal vaag blijft, heeft men het ondertussen in de volksmond National Braai Day genoemd, ofte nationale barbecuedag, een activiteit die alle Zuid-Afrikanen met elkaar moet verbinden ... Als ze tenminste vlees kunnen betalen, denk ik dan, of betaald vrijaf hebben ...
Zelf ben ik deel van de gefortuneerden, dat besef ik maar al te goed, maar een barbecue hebben we toch aan ons voorbij laten gaan. Het vlees op de befaamde braais hier is soms ook maar een flauw afkookseltje van onze bourgondische zevengangenbarbecues, al wil ik dat niet hardop gezegd hebben! De ribbetjes, worsten, steaks of koteletjes worden hier niet opgediend als ze net à point zijn, maar allemaal ineens gebakken, zo goed zelfs dat een medium van bij hen een ontzettende bien cuit is van bij ons. Daarna wordt het vlees op een schaal gelegd met flink wat zout erop en tussen de rest van het buffet geschoven. Even wennen dus voor de bleu chaud-liefhebbers die de meeste Belgen zijn. De bijgerechten waren wel overheerlijk tot dusver: aardappelen in de schil met avocado-olie, braaikruiden, boter en kaas onder de grill, of 'pap' (een soort couscous of sémoule), een groente-fruitslaatje (typische mix hier) en overheerlijke chutney.
Maar niet voor ons dus. Wij zijn op Heritage Day naar een Zuid-Afrikaanse kinderboerderij geweest, ook wel 'kleuterplaas' genoemd (spreek uit: 'kluterplaus'), want plaas = boerderij. Het heeft ons best wat moeite gekost om er te geraken. Twee dagen ervoor hadden we voor het eerst gebeld rond een uur of negen om te vragen of het open was, en toen zei een sympathieke vrouw aan de lijn dat ze eigenlijk naar Klerksdorp wilde gaan, maar dat ze gerust kon wachten tot na ons bezoek. Druk zou het er dus niet zijn ... We spraken om tien uur af, maar we zijn zozeer verkeerd gereden, bijna tot in Klerksdorp, en moesten via een zandweg terug, dat de enige impressionante dieren die we die dag gezien hebben, twee eenzame struisvogels waren, naast de gigantische kuddes grazende koeien, waar men hier goedkoop barbecuevlees van maakt.
Twee dagen later hebben we het dus nog een keer geprobeerd, en toen met meer succes. We zijn er zonder bellen naartoe gereden, werden vriendelijk uitgenodigd om te claxonneren voor het hek, en konden toen het domein oprijden. Het erf stond vol felgekleurde metalen speeltuigen, een autowrak met houten zeteltjes in, een glijbaan in een betonnen buis waar je via een zelfgemaakte loopbrug of een trap van boomstronken bij moest komen, een kabelliftje over een ondiep meer ... Avontuurlijke speeltuigen waar je in België waarschijnlijk twintig vergunningen voor moet aanvragen (om ze dan uiteindelijk niet te krijgen), maar authentiek én sympathiek. Hier moeten de kinderen geen cursus gaan volgen om weer buiten te leren spelen ...
Na de speeltuigen werd onze aandacht meteen getrokken door twee paarden, die elkaar in een helse vaart achterna zaten rond het meer. Geen braaf grazende paarden op deze kinderboerderij, maar een wilde kermiskoers waarbij we op de eerste rij zaten, weliswaar achter een hek. We mochten bij de paarden gaan, zo verzekerde men ons, maar we moesten Thelma wel op de arm houden, want de hengst durfde wel eens te stampen als we te dicht bij zijn merrie kwamen. Ik ben dus niet binnengegaan, wat dacht je? Paarden die je niet kent en die zo-even voorbijzoefden, een duo dat een kop groter is dan jezelf, waarvan de hengst nogal protectionistische trekjes heeft, vind ik niet meteen uitnodigend voor een bezoekje. Bernard is even wat actiefoto's gaan nemen, maar voelde toch ook de adrenaline toen ze hem rakelings voorbijscheerden.
Tussen de andere dieren hebben we uiteraard wel zorgeloos rondgelopen: de zwarte biggetjes die zich gewillig lieten krabben, de bokkende geiten die uit je hand aten, een kalkoen die zich voor je neervlijde om gestreeld te worden, nieuwsgierige kippen, hupse konijntjes, eenden, een troep landschildpadden ... Ik weet niet wie het allemaal het leukst vond: Thelma of ik. Er stond ook eten klaar voor de dieren: een emmer maïs die we aan eender welke dieren mochten geven, en een kom sla met aubergines voor de biggen. Thelma was aanvankelijk niet zo happig om mee te doen, omdat de mannetjeskalkoen toch iets te parmantig voorbijliep en zo'n zwart zwijntje tot halverwege haar benen kwam, maar toen een klein kleutertje van een jaar of drie haar op sleeptouw nam, was ze vertrokken.
'Het Pablootje' noemde ze hem, omdat hij haar deed denken aan het zoontje van vrienden uit Gent, maar eigenlijk heette hij Duncan. Een lief mannetje dat maar wat graag andere kinderen zijn boerderijtje toonde. Bruin vel, zwart piekhaar, vuile botten en een snotneus. Hij sprak een mengeling van Afrikaans en universele kleutertaal en leek helemaal niet op de witte maar getaande man die hem af en toe optilde. 'He's not our real child', vertrouwde de boer ons toe, 'his mother left him here'. Zijn moeder was een prostituee die hem niet meer hoefde, zijn vader was onbekend. Sinds december had het koppel hem bij zich en de procedure voor adoptie was in gang gezet. 'So we're old people with a young child now', voegde boer Bruce er nog aan toe, want hij had blijkbaar al twee dochters die het huis uit waren, en zelfs al een kleinkind.
Hij had grootse plannen met de boerderij. Ongeveer een jaar geleden hadden ze de boel overgenomen van een oude vrouw die de dieren nogal verwaarloosde. Ze kregen nu veel scholen over de vloer, soms tot 250 kinderen per keer, ze lieten hen vrij spelen met de dieren of op de speeltuin, lieten hen elk om beurt over het meertje glijden met de stoeltjeslift, of een rit maken met de pony die al vijftien jaar lang kinderen vervoert. Een mak beest dat Duncan gewillig achternaliep. Bruce ging ook nog een terrarium maken met wat slangen en andere reptielen, een klein terrasje om iets te kunnen drinken en zijn dochter, die lerares is, zou er het jaar nadien een play group beginnen voor kinderen van achttien maanden tot vijf jaar, waar Duncan bij kon aansluiten.
Het was een wonderlijke plek voor een kind om op te groeien, zei ik, en ik bewonderde hun keuze om dat jochie te adopteren, ook al waren ze ondertussen al aan kleinkinderen toe. Het was een ontzettend warme man, 'and Duncan was wonderful', zo zei hij. Misschien wat overenthousiast of bazig als hij andere kinderen 'zijn' dieren toonde, maar verder een echt schatje. En vlak voor we de auto instapten om naar huis toe te gaan, toen we wat geld gedoneerd hadden om zijn project te steunen en Bernard een uitnodiging op zak had om samen eens te gaan vissen, zei hij dat ze hun enige zoon waren verloren in een auto-ongeluk. Dertien was hij, en Duncan maakt een beetje van dat gemis goed. 'My wife feels very blessed having another son', en ik kon alleen maar zielsgelukkig zijn voor dat jochie om in zo'n nest te mogen opgroeien.
Zelf ben ik deel van de gefortuneerden, dat besef ik maar al te goed, maar een barbecue hebben we toch aan ons voorbij laten gaan. Het vlees op de befaamde braais hier is soms ook maar een flauw afkookseltje van onze bourgondische zevengangenbarbecues, al wil ik dat niet hardop gezegd hebben! De ribbetjes, worsten, steaks of koteletjes worden hier niet opgediend als ze net à point zijn, maar allemaal ineens gebakken, zo goed zelfs dat een medium van bij hen een ontzettende bien cuit is van bij ons. Daarna wordt het vlees op een schaal gelegd met flink wat zout erop en tussen de rest van het buffet geschoven. Even wennen dus voor de bleu chaud-liefhebbers die de meeste Belgen zijn. De bijgerechten waren wel overheerlijk tot dusver: aardappelen in de schil met avocado-olie, braaikruiden, boter en kaas onder de grill, of 'pap' (een soort couscous of sémoule), een groente-fruitslaatje (typische mix hier) en overheerlijke chutney.
Maar niet voor ons dus. Wij zijn op Heritage Day naar een Zuid-Afrikaanse kinderboerderij geweest, ook wel 'kleuterplaas' genoemd (spreek uit: 'kluterplaus'), want plaas = boerderij. Het heeft ons best wat moeite gekost om er te geraken. Twee dagen ervoor hadden we voor het eerst gebeld rond een uur of negen om te vragen of het open was, en toen zei een sympathieke vrouw aan de lijn dat ze eigenlijk naar Klerksdorp wilde gaan, maar dat ze gerust kon wachten tot na ons bezoek. Druk zou het er dus niet zijn ... We spraken om tien uur af, maar we zijn zozeer verkeerd gereden, bijna tot in Klerksdorp, en moesten via een zandweg terug, dat de enige impressionante dieren die we die dag gezien hebben, twee eenzame struisvogels waren, naast de gigantische kuddes grazende koeien, waar men hier goedkoop barbecuevlees van maakt.
Twee dagen later hebben we het dus nog een keer geprobeerd, en toen met meer succes. We zijn er zonder bellen naartoe gereden, werden vriendelijk uitgenodigd om te claxonneren voor het hek, en konden toen het domein oprijden. Het erf stond vol felgekleurde metalen speeltuigen, een autowrak met houten zeteltjes in, een glijbaan in een betonnen buis waar je via een zelfgemaakte loopbrug of een trap van boomstronken bij moest komen, een kabelliftje over een ondiep meer ... Avontuurlijke speeltuigen waar je in België waarschijnlijk twintig vergunningen voor moet aanvragen (om ze dan uiteindelijk niet te krijgen), maar authentiek én sympathiek. Hier moeten de kinderen geen cursus gaan volgen om weer buiten te leren spelen ...
Na de speeltuigen werd onze aandacht meteen getrokken door twee paarden, die elkaar in een helse vaart achterna zaten rond het meer. Geen braaf grazende paarden op deze kinderboerderij, maar een wilde kermiskoers waarbij we op de eerste rij zaten, weliswaar achter een hek. We mochten bij de paarden gaan, zo verzekerde men ons, maar we moesten Thelma wel op de arm houden, want de hengst durfde wel eens te stampen als we te dicht bij zijn merrie kwamen. Ik ben dus niet binnengegaan, wat dacht je? Paarden die je niet kent en die zo-even voorbijzoefden, een duo dat een kop groter is dan jezelf, waarvan de hengst nogal protectionistische trekjes heeft, vind ik niet meteen uitnodigend voor een bezoekje. Bernard is even wat actiefoto's gaan nemen, maar voelde toch ook de adrenaline toen ze hem rakelings voorbijscheerden.
Tussen de andere dieren hebben we uiteraard wel zorgeloos rondgelopen: de zwarte biggetjes die zich gewillig lieten krabben, de bokkende geiten die uit je hand aten, een kalkoen die zich voor je neervlijde om gestreeld te worden, nieuwsgierige kippen, hupse konijntjes, eenden, een troep landschildpadden ... Ik weet niet wie het allemaal het leukst vond: Thelma of ik. Er stond ook eten klaar voor de dieren: een emmer maïs die we aan eender welke dieren mochten geven, en een kom sla met aubergines voor de biggen. Thelma was aanvankelijk niet zo happig om mee te doen, omdat de mannetjeskalkoen toch iets te parmantig voorbijliep en zo'n zwart zwijntje tot halverwege haar benen kwam, maar toen een klein kleutertje van een jaar of drie haar op sleeptouw nam, was ze vertrokken.
'Het Pablootje' noemde ze hem, omdat hij haar deed denken aan het zoontje van vrienden uit Gent, maar eigenlijk heette hij Duncan. Een lief mannetje dat maar wat graag andere kinderen zijn boerderijtje toonde. Bruin vel, zwart piekhaar, vuile botten en een snotneus. Hij sprak een mengeling van Afrikaans en universele kleutertaal en leek helemaal niet op de witte maar getaande man die hem af en toe optilde. 'He's not our real child', vertrouwde de boer ons toe, 'his mother left him here'. Zijn moeder was een prostituee die hem niet meer hoefde, zijn vader was onbekend. Sinds december had het koppel hem bij zich en de procedure voor adoptie was in gang gezet. 'So we're old people with a young child now', voegde boer Bruce er nog aan toe, want hij had blijkbaar al twee dochters die het huis uit waren, en zelfs al een kleinkind.
Hij had grootse plannen met de boerderij. Ongeveer een jaar geleden hadden ze de boel overgenomen van een oude vrouw die de dieren nogal verwaarloosde. Ze kregen nu veel scholen over de vloer, soms tot 250 kinderen per keer, ze lieten hen vrij spelen met de dieren of op de speeltuin, lieten hen elk om beurt over het meertje glijden met de stoeltjeslift, of een rit maken met de pony die al vijftien jaar lang kinderen vervoert. Een mak beest dat Duncan gewillig achternaliep. Bruce ging ook nog een terrarium maken met wat slangen en andere reptielen, een klein terrasje om iets te kunnen drinken en zijn dochter, die lerares is, zou er het jaar nadien een play group beginnen voor kinderen van achttien maanden tot vijf jaar, waar Duncan bij kon aansluiten.
Het was een wonderlijke plek voor een kind om op te groeien, zei ik, en ik bewonderde hun keuze om dat jochie te adopteren, ook al waren ze ondertussen al aan kleinkinderen toe. Het was een ontzettend warme man, 'and Duncan was wonderful', zo zei hij. Misschien wat overenthousiast of bazig als hij andere kinderen 'zijn' dieren toonde, maar verder een echt schatje. En vlak voor we de auto instapten om naar huis toe te gaan, toen we wat geld gedoneerd hadden om zijn project te steunen en Bernard een uitnodiging op zak had om samen eens te gaan vissen, zei hij dat ze hun enige zoon waren verloren in een auto-ongeluk. Dertien was hij, en Duncan maakt een beetje van dat gemis goed. 'My wife feels very blessed having another son', en ik kon alleen maar zielsgelukkig zijn voor dat jochie om in zo'n nest te mogen opgroeien.
donderdag 20 september 2012
Gesetteld in Potch
Hoewel we ons hier sinds dag twee al thuis voelen, door die mix van nieuw en vertrouwd, krijgen we het steeds meer naar onze zin in Potch. Er is een zekere routine in onze handelingen geslopen. Ik loop bijna niet meer tegen mijn collega's aan als we gaan lunchen en ik de weg voorspel naar een nieuw eethuis, ik weet welke kant van de stad ik uitmoet om met een omweg van slechts een klein halfuur weer thuis te raken, ik weet wat er lekker is in welke supermarkten en waar je vooral geen melk moet kopen, en ik weet al beter wat je zoal te drinken kunt kiezen bij een lunch, zonder uit gewoonte de sparkling water te vragen die ze vreemd genoeg nooit hebben.
Een heel aangename karaktertrek van de Zuid-Afrikanen die we tot nu toe hebben ontmoet, is de gastvrijheid die bij hen blijkbaar ingebakken zit. We zijn op drie weken tijd al twee keer op een braai (Zuid-Afrikaanse BBQ) uitgenodigd, één keer op een verjaardagsfeest en één keer op een etentje. En we hebben nog een uitnodiging op zak! Alsof het de normaalste zaak is dat je buren of collega's die je nog maar een paar dagen kent, meteen bij je thuis vraagt voor een etentje, of je huurders gewoon verwacht op je 'verjaardagspartijtjie' (spreek uit 'partijkie') voor je 68ste verjaardag ... Onze zes maanden zijn dus met een blitzstart begonnen, waardoor we niet de spreekwoordelijke eerste maand nodig hebben om ons met fijne mensen te omringen.
De braais en feestjes verlopen ook heel informeel: iedereen zit met een bord op schoot in een tuinstoel of in een zetel voor tv. Je draagt gewoon je jeans, T-shirt en sandalen, geen gedoe met fancy dresses of gestreken hemden, en je bedient je lekker zelf van eten, wijn of bier. En dat is ook zo tof aan ons huis: we wonen dan wel in bij een gerenommeerde academica die hoge functies heeft bekleed, ze houdt van drukte, van leven, van een peuter in huis en ze kijkt niet op van het speelgoed dat rondslingert of de meningen die onze mini soms luid verkondigt. We werden op haar feest voorgesteld aan haar hele familie, maar evengoed aan de voormalige hoofdredacteur van de South African Journal of Science of een bariton uit een bekend orkest.
Werken aan de NWU lijkt ook goed op werken aan een universiteit of hogeschool in België. Je bent vrij om te beginnen en stoppen wanneer je wil zolang je onderzoek maar resultaten oplevert. Ik moet dus niet van 7 tot 15.30 uur werken, zoals ik eerst een beetje had gevreesd, maar deel mijn dag zelf in. Ik kom net als de meeste collega's tussen acht en half negen aan en werk tot een uur of vijf, want iets na zessen is het al donker en je wil toch nog een beetje zon meepikken. Gelukkig is het nu al warm genoeg om na zonsondergang op het terras te blijven zitten, want werken als het stralend weer is, knaagt zelfs in Zuid-Afrika een beetje. De universiteitsgebouwen zijn hier bovendien zo goed tegen de zon beschermd, dat het behoorlijk fris is in mijn bureau en ik met mijn fleece aan de studenten gadesla, die zich in shorts en topjes tegoed doen aan de 25 à 30 graden van dit moment.
Mijn onderzoek is ook eindelijk echt uit de startblokken geschoten, al dacht ik gisteren een vondst te hebben gedaan en bleek dat wellicht toch ijdele hoop. De ups and downs van archiefonderzoek ... Zes maanden is eigenlijk echt kort voor dergelijk exploratief onderzoek, maar ik vertrouw erop dat er toch genoeg materiaal te rapen zal vallen voor minstens twee artikels. Waaruit die precies zullen bestaan, is voorlopig nog een raadsel. Mijn Zuid-Afrikaanse promotor toont zich wel erg betrokken en wil elke week de voortgang van mijn onderzoek bespreken. Ik voel me dus een beetje een eerstejaarsdoctoraatsstudent, maar weet dat er ten minste één iemand is die vol ongeduld op het resultaat wacht ... Tussendoor werk ik nog een artikel over ouder onderzoek af en help ik een special issue redigeren, en ik heb net de laatste hand gelegd aan een hoofdstuk in een Nederlands boek en de inleiding van een Engelstalig boek dat ik mee op de markt breng.
Bernard trekt de wijde natuur in als ik aan het werk ben en Thelma op school zit. Hij is gisteren zes uur gaan jagen op gigantische katvissen in een hele brede rivier bij Schoemansdrift en heeft ondanks zijn pet en factor 30 toch een behoorlijke zonnesteek opgelopen. Verbrand is hij niet, maar hij was echt wel gaargekookt. Niet alleen van de zon in de lucht, maar blijkbaar ook van de reflectie in het water. Zijn haken en lijnen om op karpers of Zuid-Afrikaanse yellow fish te vissen zijn overigens ook te licht voor die monsters van soms wel twee meter lang, dus hij is zonder echte vangst naar huis gekomen, maar wel vol adrenaline van de spannende duels. Ben benieuwd naar zijn foto's als hij echt zo'n reus weet te vangen -- of als het hem een keer lukt om het aapje of de varaan die hij gezien heeft op de gevoelige plaat vast te leggen. (Bernard laat zijn vissen overigens meteen weer vrij na de vangst en roept niet de hele familie bij elkaar om elk om beurt eens met de vis te pronken.)
Thelma begint ook langzaam aan haar routine te wennen, hoewel ze zich bij momenten wel behoorlijk laat gelden. Klassiek blijkbaar dat kindjes die naar school gaan en zich daar van hun tofste, liefste en zelfstandigste kant tonen, thuis ook van alles te zeggen willen hebben. Thelma is meestal een suikerzoet schatje, maar soms gaat ze hoegenaamd niet akkoord met de orde van de dag. Als ze niet uit de winkelkar wil, als ze nog moe is en weer in haar kleine bedje wil, als we haar uiteindelijk weer in dat kleine bedje leggen, als ze in de autostoel moet of haar kleren moet aandoen, als ze in het grote bed wil dutten en dat mag niet, als ze niet wil slapen en nog een tweede keer naar beneden wil, als we door de voordeur binnengaan terwijl er ook een zijdeur is ... Ze wil vooral haar eigen zin en voor compromissen is er *geen* plaats.
Crises, scènes, onmetelijke drama's, waarbij niets haar nog kan troosten. Een stuk chocolade dat we ten einde raad hebben beloofd, wordt stante pede de grond op gekeild, haar fles wordt de kamer door gegooid, de afspraak om na een hoogst uitzonderlijk extra verhaaltje te gaan slapen, klinkt als het grootste onrecht ooit, elke vraag krijgt als antwoord 'nee!' ... De klassiekers kortom. Gelukkig kenden we die al van thuis, of we zouden ons hier behoorlijk schuldig beginnen te voelen ... Ze stelt het ook echt goed op school, krijgt nu toch warm eten mee voor 's middags en fruit voor na haar dutje, dus van die vitaminenkwesties en lunchbox worries zijn we ook weer af. Ze slaapt er wel maar een dik uur in plaats van de twee à drie uur thuis, dus je kunt het 's avonds zien dat ze een hele dag naar school is gegaan. Gelukkig zijn er de dins- en donderdagen en de weekends om weer helemaal bij te slapen. En uitgebreid in bad te gaan ...
Thelma heeft nog één week school en dan is er een week vakantie voor het vierde kwartaal begint. Het is dan ook Aardklop in Potch, met theater, muziek en allerlei andere optredens over de hele stad. De laatste avond voor de vakantieweek is er op Thelma's school een sleepover of 'uitslaapfunksie': een feestje met overnachting waarbij de peuters en kleuters samen avondeten, een 'nagmars' (nachtwandeling) met 'flitslig' (zaklamp) maken, een 'middernagfees' bijwonen en dan om acht uur in hun eigen klasje gaan slapen ... Ik dacht eerst dat het een grapje was, zo'n logeerpartijtje voor tweejarigen, maar heb nu het hele foldertje gelezen en de juffen doen er alles aan om de moeders en vaders toch maar te overtuigen:
Update: toch even overlegd met de juf en zij vond Thelma zelf nog wat te klein ... Bovendien is 'teambuilding' met de andere kleuters voor Thelma geen must, omdat zij in maart 2013 alweer in België is. Maar naar het 'aandete', de 'nagmars' en het 'middernagfees' kan ze wel, en samen ontbijten de volgende dag mag ook.
Een heel aangename karaktertrek van de Zuid-Afrikanen die we tot nu toe hebben ontmoet, is de gastvrijheid die bij hen blijkbaar ingebakken zit. We zijn op drie weken tijd al twee keer op een braai (Zuid-Afrikaanse BBQ) uitgenodigd, één keer op een verjaardagsfeest en één keer op een etentje. En we hebben nog een uitnodiging op zak! Alsof het de normaalste zaak is dat je buren of collega's die je nog maar een paar dagen kent, meteen bij je thuis vraagt voor een etentje, of je huurders gewoon verwacht op je 'verjaardagspartijtjie' (spreek uit 'partijkie') voor je 68ste verjaardag ... Onze zes maanden zijn dus met een blitzstart begonnen, waardoor we niet de spreekwoordelijke eerste maand nodig hebben om ons met fijne mensen te omringen.
De braais en feestjes verlopen ook heel informeel: iedereen zit met een bord op schoot in een tuinstoel of in een zetel voor tv. Je draagt gewoon je jeans, T-shirt en sandalen, geen gedoe met fancy dresses of gestreken hemden, en je bedient je lekker zelf van eten, wijn of bier. En dat is ook zo tof aan ons huis: we wonen dan wel in bij een gerenommeerde academica die hoge functies heeft bekleed, ze houdt van drukte, van leven, van een peuter in huis en ze kijkt niet op van het speelgoed dat rondslingert of de meningen die onze mini soms luid verkondigt. We werden op haar feest voorgesteld aan haar hele familie, maar evengoed aan de voormalige hoofdredacteur van de South African Journal of Science of een bariton uit een bekend orkest.
Werken aan de NWU lijkt ook goed op werken aan een universiteit of hogeschool in België. Je bent vrij om te beginnen en stoppen wanneer je wil zolang je onderzoek maar resultaten oplevert. Ik moet dus niet van 7 tot 15.30 uur werken, zoals ik eerst een beetje had gevreesd, maar deel mijn dag zelf in. Ik kom net als de meeste collega's tussen acht en half negen aan en werk tot een uur of vijf, want iets na zessen is het al donker en je wil toch nog een beetje zon meepikken. Gelukkig is het nu al warm genoeg om na zonsondergang op het terras te blijven zitten, want werken als het stralend weer is, knaagt zelfs in Zuid-Afrika een beetje. De universiteitsgebouwen zijn hier bovendien zo goed tegen de zon beschermd, dat het behoorlijk fris is in mijn bureau en ik met mijn fleece aan de studenten gadesla, die zich in shorts en topjes tegoed doen aan de 25 à 30 graden van dit moment.
Mijn onderzoek is ook eindelijk echt uit de startblokken geschoten, al dacht ik gisteren een vondst te hebben gedaan en bleek dat wellicht toch ijdele hoop. De ups and downs van archiefonderzoek ... Zes maanden is eigenlijk echt kort voor dergelijk exploratief onderzoek, maar ik vertrouw erop dat er toch genoeg materiaal te rapen zal vallen voor minstens twee artikels. Waaruit die precies zullen bestaan, is voorlopig nog een raadsel. Mijn Zuid-Afrikaanse promotor toont zich wel erg betrokken en wil elke week de voortgang van mijn onderzoek bespreken. Ik voel me dus een beetje een eerstejaarsdoctoraatsstudent, maar weet dat er ten minste één iemand is die vol ongeduld op het resultaat wacht ... Tussendoor werk ik nog een artikel over ouder onderzoek af en help ik een special issue redigeren, en ik heb net de laatste hand gelegd aan een hoofdstuk in een Nederlands boek en de inleiding van een Engelstalig boek dat ik mee op de markt breng.
Bernard trekt de wijde natuur in als ik aan het werk ben en Thelma op school zit. Hij is gisteren zes uur gaan jagen op gigantische katvissen in een hele brede rivier bij Schoemansdrift en heeft ondanks zijn pet en factor 30 toch een behoorlijke zonnesteek opgelopen. Verbrand is hij niet, maar hij was echt wel gaargekookt. Niet alleen van de zon in de lucht, maar blijkbaar ook van de reflectie in het water. Zijn haken en lijnen om op karpers of Zuid-Afrikaanse yellow fish te vissen zijn overigens ook te licht voor die monsters van soms wel twee meter lang, dus hij is zonder echte vangst naar huis gekomen, maar wel vol adrenaline van de spannende duels. Ben benieuwd naar zijn foto's als hij echt zo'n reus weet te vangen -- of als het hem een keer lukt om het aapje of de varaan die hij gezien heeft op de gevoelige plaat vast te leggen. (Bernard laat zijn vissen overigens meteen weer vrij na de vangst en roept niet de hele familie bij elkaar om elk om beurt eens met de vis te pronken.)
Thelma begint ook langzaam aan haar routine te wennen, hoewel ze zich bij momenten wel behoorlijk laat gelden. Klassiek blijkbaar dat kindjes die naar school gaan en zich daar van hun tofste, liefste en zelfstandigste kant tonen, thuis ook van alles te zeggen willen hebben. Thelma is meestal een suikerzoet schatje, maar soms gaat ze hoegenaamd niet akkoord met de orde van de dag. Als ze niet uit de winkelkar wil, als ze nog moe is en weer in haar kleine bedje wil, als we haar uiteindelijk weer in dat kleine bedje leggen, als ze in de autostoel moet of haar kleren moet aandoen, als ze in het grote bed wil dutten en dat mag niet, als ze niet wil slapen en nog een tweede keer naar beneden wil, als we door de voordeur binnengaan terwijl er ook een zijdeur is ... Ze wil vooral haar eigen zin en voor compromissen is er *geen* plaats.
Crises, scènes, onmetelijke drama's, waarbij niets haar nog kan troosten. Een stuk chocolade dat we ten einde raad hebben beloofd, wordt stante pede de grond op gekeild, haar fles wordt de kamer door gegooid, de afspraak om na een hoogst uitzonderlijk extra verhaaltje te gaan slapen, klinkt als het grootste onrecht ooit, elke vraag krijgt als antwoord 'nee!' ... De klassiekers kortom. Gelukkig kenden we die al van thuis, of we zouden ons hier behoorlijk schuldig beginnen te voelen ... Ze stelt het ook echt goed op school, krijgt nu toch warm eten mee voor 's middags en fruit voor na haar dutje, dus van die vitaminenkwesties en lunchbox worries zijn we ook weer af. Ze slaapt er wel maar een dik uur in plaats van de twee à drie uur thuis, dus je kunt het 's avonds zien dat ze een hele dag naar school is gegaan. Gelukkig zijn er de dins- en donderdagen en de weekends om weer helemaal bij te slapen. En uitgebreid in bad te gaan ...
| Thelma net uit bad |
Thelma heeft nog één week school en dan is er een week vakantie voor het vierde kwartaal begint. Het is dan ook Aardklop in Potch, met theater, muziek en allerlei andere optredens over de hele stad. De laatste avond voor de vakantieweek is er op Thelma's school een sleepover of 'uitslaapfunksie': een feestje met overnachting waarbij de peuters en kleuters samen avondeten, een 'nagmars' (nachtwandeling) met 'flitslig' (zaklamp) maken, een 'middernagfees' bijwonen en dan om acht uur in hun eigen klasje gaan slapen ... Ik dacht eerst dat het een grapje was, zo'n logeerpartijtje voor tweejarigen, maar heb nu het hele foldertje gelezen en de juffen doen er alles aan om de moeders en vaders toch maar te overtuigen:
Vir baie van ons kleuters sal dit 'n wonderlike maar onbekende ervaring wees, maar ouers wees verzeker dit gaan beslis 'n ervaring wees, wat hulle nooit sal vergeet nie. Ouers ons wil graag elke kleuter daardie aand by die skool hê. Moet asseblief nie dat die klein probleempies soos bednatmaak hulle weerhou van hierdie wonderlike ondervinding nie. Vir elke probleempie zal ons 'n oplossing hê. Ons onderwyseresse is bereid om enige iets te doen om dit moontlik te maak dat elke Asjassie by ons kan slaap. Mammas ons weet goed julle is die groot "sondebokke" wat skugter gaan wees om julle kleuters vir ons te leen. Ons sal baie mooi na hulle kyk, want onthou ons is net so lief vir al ons Asjassies. Dus vra ons asseblief, wees positief en moedig die kleuters wel aan.Ik herinner me hoe ik destijds heb gezaagd en gezaagd om naar de jeugdbeweging te mogen tot het me in het derde leerjaar ook eindelijk gelukt is, en hoe ik elk jaar zonder de geringste twijfel mee op kamp wou, dus ik ben ergens wel geneigd om Thelma naar de sleepover te laten gaan. Maar er is natuurlijk een groot verschil tussen een zevenjarig schoolkind en een kleuter van twee ... En toch: Thelma gaat graag op avontuur, er zijn tien ouders die helpen, de juffen hebben ervaring, weten hoe fijn de kinderen het vorig jaar vonden en bellen meteen mocht er toch iets niet pluis zijn. Ik twijfel dus nog. Of ik zelf zou kunnen slapen weet ik niet, maar ik zou in elk geval niets drinken om meteen in mijn auto te kunnen springen om haar op te halen, mocht het toch niet lukken met dat slapen buitenshuis ...
Update: toch even overlegd met de juf en zij vond Thelma zelf nog wat te klein ... Bovendien is 'teambuilding' met de andere kleuters voor Thelma geen must, omdat zij in maart 2013 alweer in België is. Maar naar het 'aandete', de 'nagmars' en het 'middernagfees' kan ze wel, en samen ontbijten de volgende dag mag ook.
woensdag 12 september 2012
School!
Thelma is voor het eerst naar school geweest, voor echt! Op 9/11 en exact op de dag dat ze twee jaar en twee maanden is geworden. Toegegeven, ze was in haar fantasie al honderd keer naar school geweest. Af en toe zei ze immers: 'Thelma is weg!', om even later terug te komen met de mededeling: 'Thelma efkes sool geweest'. Sinds de opendeurdag van De Loods en de bijhorende zon en zandbak heeft 'school' wel heel fijne connotaties: vriendjes, een glijbaan en 'zand met schepjes'.
Het was dan ook een gelukkig toeval dat haar nieuwe Zuid-Afrikaanse school Asjassies ook een zandbak had. De kindjes uit haar klas, de Gansies (in het Afrikaans) of Teddies (in het Engels), zaten er net in en Thelma werd er gezellig bijgezet. We konden de kinderen gadeslaan en zien hoe rustig ze met elkaar speelden, we konden een babbeltje slaan met juf Maryka (spreek uit 'Marijke', of 'Raika' voor de ukkies) en nog wat info krijgen van de directrice. 'Asjassies' betekent zoveel als 'vlegeltjes' of 'deugnieten'. Het enkelvoud 'asjas' is onbetrouwbaar persoon, maar verkleind is het een koosnaam.
We hadden er meteen ook een veel beter gevoel bij dan bij de play group 'Suikerbekkies' waar we eerder waren langsgegaan. Een 'suikerbekkie' is overigens een vogel en geen suikerjunk, voor wie mocht twijfelen ... Zo'n speelgroep is te vergelijken met een onthaalmoeder die thuis kindjes opvangt, zo hadden we ons laten vertellen, en heeft minder structuur en personeel dan een school, maar de groep die wij hebben bezocht, bestond ondertussen uit meer dan vijftig kinderen, uiteraard met de nodige begeleidsters, en er zaten er al vijf te veel ... De speelplaats was te klein, alle leeftijden liepen er door elkaar en het was er pokkedruk.
Niet zo bij Asjassies. Daar zit elke leeftijd in een aparte groep, van drie maanden tot zeven jaar. Het is dus eigenlijk een mix tussen de crèches die wij kennen en de kleuterklas in België, en de middagdutjes voor Thelma's groep zijn nog verplicht. In Zuid-Afrika is het kleuteronderwijs overigens net als in België niet verplicht, maar in tegenstelling tot België is het hier wel betalend, al is dat omgerekend maar 3,5 euro per dag. Duurder dan een Belgische school, maar veel goedkoper dan een onthaalmoeder of crèche uiteraard. Je kunt kiezen tussen half-day (8-12) en full-day (8-16) en voorlopig gaat Thelma op maandag, woensdag en vrijdag een hele dag.
Hoewel Thelma nog maar net twee jaar is en dus best klein om al naar een echte school te gaan, hadden we toch het gevoel dat het een goede keuze was. Ze is mondig, sociaal en ondertussen ook zindelijk, hoewel ze dat op school nog niet echt bewezen heeft en met twee natte pakketjes naar huis is gekomen ... Maar na een week bij mama en papa, en daarna een week bij papa omdat ik al was gaan werken, was het in elk geval duidelijk tijd voor andere input, andere regels en kindjes van haar leeftijd om zich heen. Thelma werd brutaal, hoewel ze dat zelf niet echt besefte, hangerig en soms ont-zet-tend tegendraads.
We hielden ons hart al vast wat het ging geven als ze 's ochtends wakker zou worden gemaakt (een van de eerste keren ooit), en dan ook nog eens zonder dralen haar kleren moest aandoen en moest luisteren, maar zie: alle crises bleven uit. Ik heb zelfs nog nooit zo'n blije peuter gezien 's ochtends. Gezwind uit bed toen ze hoorde dat ze naar school mocht, geen gedoe bij het aankleden, brooddoos goedgekeurd, nieuwe rugzak begroet, zonder morren op het potje, de fiets op en het klasje binnen. Even naar oma en opa gebeld met de speelgoedtelefoon en moeder en vader konden beschikken ...
We hebben wel een nieuwigheid geïntroduceerd: ze krijgt haar fles melk meteen na het opstaan, als ze nog in haar pyjama zit en langzaam wakker kan worden. En dat lijkt een gouden zet: de laatste weken stond Thelma telkens vrolijk op, maar sloeg dat in een mum van tijd om toen we haar na een tijdje wilden aankleden. Ofwel lijkt ze op haar moeder (goed om kunnen met grote veranderingen, maar last hebben met kleine wissels en daardoor *lichtjes* geneigd zijn om alles te bestendigen of vertragen), ofwel had ze tegen dan al zo'n honger dat ze helemaal de moed verloor om aan de dag te beginnen.
Wat in dat licht ook heel handig is aan Asjassies, is dat de kinderen op school samen ontbijten. Thelma hoeft dus enkel haar fles te drinken en kan meteen de fiets op, zonder het tijdrovende ontbijt met een boterham die maar niet schuiven wil of cornflakes waar ze eindeloos van kan blijven eten. Bij Victor Carpentier zou dat ook zo zijn geweest, en dat leek me eigenlijk wel een handige zet, maar bij haar toekomstige school De Loods moet ze al gegeten hebben, wat na enig zoekwerk ook wel weer zal lukken.
Wat nu wel nog puzzelen is voor ons, is het eetschema en de brooddozen die we moeten meegeven. Inderdaad: brooddozen. Ze openen de eerste doos rond elf uur en de tweede rond drie uur, want warm eten kan er helaas niet. Thelma is tot nu toe gewoon om rond elf uur 'patatjes' te eten, rond vier uur fruit en een koek, en rond zes uur soep met brood, maar dat wordt dus een beetje omgegooid. Waar en wanneer ze genoeg groenten, fruit, vlees of vis moet halen, is voorlopig nog een beetje zoeken, want we willen haar het liefst ook wat vroeger in bed steken nu ze naar school gaat, en gaan slapen met een volle maag door soep, warm eten en een fles op korte tijd is niet meteen een aanrader denk ik.
We zijn er ook nog helemaal niet uit wat er dan in die twee dozen kan of moet. In die van 11 uur zaten de eerste halve dag twee boterhammen, twee kerstomaatjes, een Babybel en een yoghurt, waar Thelma uiteraard enkel het yoghurtje van heeft opgegeten ... De doos van 's namiddags moet iets substantiëler zijn, maar wat ze daar dan mee bedoelen, weet ik niet. Vandaag was het boterham / banaan / yoghurt in de a.m.-doos, en twee boterhammen / Babybel / stukjes appel in de p.m.-doos. De banaan en de yoghurt waren op, de boterhammen en de appel halfweg en de Babybel-in-stukjes is onaangeroerd gebleven. Tips heel welkom!
Het gemak waarmee je hier een plekje kunt versieren in een school, is dan weer verbazingwekkend als je net uit Gent komt. Geen anderhalf jaar op voorhand scholen bezoeken, geen vingers kruisen voor een plaatsje, geen wachtlijsten. Gewoon op maandag de boel inspecteren en op dinsdag een inschrijfformulier samen met je kind afgeven. Pas op, er is ook wel over nagedacht: ik had van een collega op de NWU gehoord dat haar dochtertje van twee er dolgelukkig was en de school was onafhankelijk daarvan nog eens aangeraden door een ander. Maar dat het dus zo vlot kan gaan en er ook nog eens vanzelf een 'gezonde mix' is, doet mij toch wel even knipperen.
En wat mij ook gaat doen knipperen, is het schoolfeest eind oktober. Het schooljaar loopt hier op z'n eind, de school bestaat dit jaar ook dertig jaar, en naar aanleiding daarvan geven ze een grote show in het auditorium van de North West University. Thelma zal dus over een paar weken al meteen mogen meedoen aan het schooltoneel ... Al zal ze vooral als decorstuk fungeren en zijn de hoofd- en bijrollen al lang verdeeld, ik zal toch met een krop in de keel en plaatsvervangende zenuwen zitten als ik haar zo ver van mij op een echt podium zal zien. Ik neem me nu alvast voor om niet te gaan zwaaien of roepen en braaf op mijn toegewezen stoel te blijven zitten ...
Het was dan ook een gelukkig toeval dat haar nieuwe Zuid-Afrikaanse school Asjassies ook een zandbak had. De kindjes uit haar klas, de Gansies (in het Afrikaans) of Teddies (in het Engels), zaten er net in en Thelma werd er gezellig bijgezet. We konden de kinderen gadeslaan en zien hoe rustig ze met elkaar speelden, we konden een babbeltje slaan met juf Maryka (spreek uit 'Marijke', of 'Raika' voor de ukkies) en nog wat info krijgen van de directrice. 'Asjassies' betekent zoveel als 'vlegeltjes' of 'deugnieten'. Het enkelvoud 'asjas' is onbetrouwbaar persoon, maar verkleind is het een koosnaam.
We hadden er meteen ook een veel beter gevoel bij dan bij de play group 'Suikerbekkies' waar we eerder waren langsgegaan. Een 'suikerbekkie' is overigens een vogel en geen suikerjunk, voor wie mocht twijfelen ... Zo'n speelgroep is te vergelijken met een onthaalmoeder die thuis kindjes opvangt, zo hadden we ons laten vertellen, en heeft minder structuur en personeel dan een school, maar de groep die wij hebben bezocht, bestond ondertussen uit meer dan vijftig kinderen, uiteraard met de nodige begeleidsters, en er zaten er al vijf te veel ... De speelplaats was te klein, alle leeftijden liepen er door elkaar en het was er pokkedruk.
Niet zo bij Asjassies. Daar zit elke leeftijd in een aparte groep, van drie maanden tot zeven jaar. Het is dus eigenlijk een mix tussen de crèches die wij kennen en de kleuterklas in België, en de middagdutjes voor Thelma's groep zijn nog verplicht. In Zuid-Afrika is het kleuteronderwijs overigens net als in België niet verplicht, maar in tegenstelling tot België is het hier wel betalend, al is dat omgerekend maar 3,5 euro per dag. Duurder dan een Belgische school, maar veel goedkoper dan een onthaalmoeder of crèche uiteraard. Je kunt kiezen tussen half-day (8-12) en full-day (8-16) en voorlopig gaat Thelma op maandag, woensdag en vrijdag een hele dag.
Hoewel Thelma nog maar net twee jaar is en dus best klein om al naar een echte school te gaan, hadden we toch het gevoel dat het een goede keuze was. Ze is mondig, sociaal en ondertussen ook zindelijk, hoewel ze dat op school nog niet echt bewezen heeft en met twee natte pakketjes naar huis is gekomen ... Maar na een week bij mama en papa, en daarna een week bij papa omdat ik al was gaan werken, was het in elk geval duidelijk tijd voor andere input, andere regels en kindjes van haar leeftijd om zich heen. Thelma werd brutaal, hoewel ze dat zelf niet echt besefte, hangerig en soms ont-zet-tend tegendraads.
We hielden ons hart al vast wat het ging geven als ze 's ochtends wakker zou worden gemaakt (een van de eerste keren ooit), en dan ook nog eens zonder dralen haar kleren moest aandoen en moest luisteren, maar zie: alle crises bleven uit. Ik heb zelfs nog nooit zo'n blije peuter gezien 's ochtends. Gezwind uit bed toen ze hoorde dat ze naar school mocht, geen gedoe bij het aankleden, brooddoos goedgekeurd, nieuwe rugzak begroet, zonder morren op het potje, de fiets op en het klasje binnen. Even naar oma en opa gebeld met de speelgoedtelefoon en moeder en vader konden beschikken ...
We hebben wel een nieuwigheid geïntroduceerd: ze krijgt haar fles melk meteen na het opstaan, als ze nog in haar pyjama zit en langzaam wakker kan worden. En dat lijkt een gouden zet: de laatste weken stond Thelma telkens vrolijk op, maar sloeg dat in een mum van tijd om toen we haar na een tijdje wilden aankleden. Ofwel lijkt ze op haar moeder (goed om kunnen met grote veranderingen, maar last hebben met kleine wissels en daardoor *lichtjes* geneigd zijn om alles te bestendigen of vertragen), ofwel had ze tegen dan al zo'n honger dat ze helemaal de moed verloor om aan de dag te beginnen.
Wat in dat licht ook heel handig is aan Asjassies, is dat de kinderen op school samen ontbijten. Thelma hoeft dus enkel haar fles te drinken en kan meteen de fiets op, zonder het tijdrovende ontbijt met een boterham die maar niet schuiven wil of cornflakes waar ze eindeloos van kan blijven eten. Bij Victor Carpentier zou dat ook zo zijn geweest, en dat leek me eigenlijk wel een handige zet, maar bij haar toekomstige school De Loods moet ze al gegeten hebben, wat na enig zoekwerk ook wel weer zal lukken.
Wat nu wel nog puzzelen is voor ons, is het eetschema en de brooddozen die we moeten meegeven. Inderdaad: brooddozen. Ze openen de eerste doos rond elf uur en de tweede rond drie uur, want warm eten kan er helaas niet. Thelma is tot nu toe gewoon om rond elf uur 'patatjes' te eten, rond vier uur fruit en een koek, en rond zes uur soep met brood, maar dat wordt dus een beetje omgegooid. Waar en wanneer ze genoeg groenten, fruit, vlees of vis moet halen, is voorlopig nog een beetje zoeken, want we willen haar het liefst ook wat vroeger in bed steken nu ze naar school gaat, en gaan slapen met een volle maag door soep, warm eten en een fles op korte tijd is niet meteen een aanrader denk ik.
We zijn er ook nog helemaal niet uit wat er dan in die twee dozen kan of moet. In die van 11 uur zaten de eerste halve dag twee boterhammen, twee kerstomaatjes, een Babybel en een yoghurt, waar Thelma uiteraard enkel het yoghurtje van heeft opgegeten ... De doos van 's namiddags moet iets substantiëler zijn, maar wat ze daar dan mee bedoelen, weet ik niet. Vandaag was het boterham / banaan / yoghurt in de a.m.-doos, en twee boterhammen / Babybel / stukjes appel in de p.m.-doos. De banaan en de yoghurt waren op, de boterhammen en de appel halfweg en de Babybel-in-stukjes is onaangeroerd gebleven. Tips heel welkom!
Het gemak waarmee je hier een plekje kunt versieren in een school, is dan weer verbazingwekkend als je net uit Gent komt. Geen anderhalf jaar op voorhand scholen bezoeken, geen vingers kruisen voor een plaatsje, geen wachtlijsten. Gewoon op maandag de boel inspecteren en op dinsdag een inschrijfformulier samen met je kind afgeven. Pas op, er is ook wel over nagedacht: ik had van een collega op de NWU gehoord dat haar dochtertje van twee er dolgelukkig was en de school was onafhankelijk daarvan nog eens aangeraden door een ander. Maar dat het dus zo vlot kan gaan en er ook nog eens vanzelf een 'gezonde mix' is, doet mij toch wel even knipperen.
En wat mij ook gaat doen knipperen, is het schoolfeest eind oktober. Het schooljaar loopt hier op z'n eind, de school bestaat dit jaar ook dertig jaar, en naar aanleiding daarvan geven ze een grote show in het auditorium van de North West University. Thelma zal dus over een paar weken al meteen mogen meedoen aan het schooltoneel ... Al zal ze vooral als decorstuk fungeren en zijn de hoofd- en bijrollen al lang verdeeld, ik zal toch met een krop in de keel en plaatsvervangende zenuwen zitten als ik haar zo ver van mij op een echt podium zal zien. Ik neem me nu alvast voor om niet te gaan zwaaien of roepen en braaf op mijn toegewezen stoel te blijven zitten ...
Abonneren op:
Posts (Atom)