zondag 11 oktober 2015

Ironie in Helsinki

Oh ironie. Ben ik op 'zakenreis', vind ik eindelijk nog wat tijd om te bloggen ... Mijn voornemen om er weer eens goed in te vliegen met Olijfje, is faliekant de mist ingegaan. Ik heb me blijkbaar toch weer een beetje 'mispakt' en mezelf en de rest voorgelogen dat het dit jaar beter zou gaan. Mooi niet, dus. En zowel mijn oudste als mijn ongeboren dochter herinnerden mij daar fijntjes aan de voorbije twee weken.

Mijn lief vraagt of ik dat stoer vind, zo hard werken, of ik er misschien iets mee hoop te bewijzen? Nee dus, het mag echt wel eens gaan veranderen. Ik weet alleen niet hoe. We hadden het er onlangs over met een paar collega's: zouden we dit van onze partner aanvaarden? Zoveel werken, zoveel koken en kinderzorg naar de wederhelft doorschuiven? Nee, hoegenaamd niet. Ik werk samen met heel gemotiveerde collega's, die er alles voor doen om het goed te doen, maar te veel is gewoon te veel, zoals hier veel beter staat.

En als je het grotere plaatje uit het oog verliest, begin je te twijfelen aan je efficiëntie, aan je vermogen om af te bakenen, goed te plannen, maar daar gaat het allemaal al lang niet meer over. Het gaat niet over verliezen in details, over een te grote drang om het perfect te doen, over de beste willen zijn en het beste voor je studenten willen. Het is gewoon te veel. Structureel te veel.

Als je in het weekend een tiental uur vrijkoopt van je lief die al zoveel op zich neemt, als je drie à vier avonden tot middernacht doorwerkt en daarna nog niet het gevoel hebt dat je meer dan het hoogst noodzakelijke gedaan hebt, zit er structureel iets grondig fout. Weekendwerk en avondwerk horen bij de job, dat weten we maar al te goed, maar als je met dat weekendwerk en avondwerk erbij niet eens een beetje rondkomt, klopt er iets niet.

Als collega's die 80% werken wat werk van je overnemen omdat ze heel goed beseffen hoe dringend het is, en weten dat je er zelf alles aan doet om het rond te krijgen, dan ben je structureel onderbemand en overbevraagd. Als collega's die 100% werken maar geen kinderen of lief hebben, nog wat meer op hun kar laden dan ze al deden, en jij dan nog steeds aan iedereen begrip moet vragen voor werk dat nog op de plank ligt en eigenlijk tegen gisteren, eergisteren of de week voordien al af had moeten zijn, dan loopt er iets grondig mis.

Het werk dat verdeeld wordt over alle collega's in 100 en 80 en 50 procenten neemt elk jaar toe, want het aantal beschikbare lesgevers volgt niet. En je doet je job graag, het werk is vlakbij, het wordt goed betaald, en het is vooral zinvol werk, dus je neemt het allemaal maar aan, maar je beseft dat het zo niet hoort. De taart wordt netjes verdeeld onder alle werkers, maar dat de taart elk jaar een beetje groter wordt, lijkt niemand te zien. Of ja, wij zien het wel, de leidinggevenden vragen begrip en roeien met de riemen die er zijn, maar de overheid blijft blind en bespaart maar door.

Als je dan ook thuis moet zeggen dat je probeert af te bakenen, dat je echt niet méér doet dan het hoogst noodzakelijke, maar dat het hoogst noodzakelijke al zo'n berg is, dat je heus wel weet dat dit niet de normale gang van zaken is, of hoort te zijn, zit je gekneld. Zo gekneld dat 80% werken geen optie is, want dat verschil zou je niet eens voelen, alleen in je portemonnee. 80% werken doen mijn collega's alleen om zonder schuldgevoel het weekend werkvrij te kunnen houden en met een beetje geluk een woensdagnamiddag, maar van echte 100%'en en 80%'en is er al lang geen sprake meer.

Gelukkig krijg ik een fijne collega bij van november tot juli, die halftijds (en meer) aan de slag gaat om mijn drie maanden zwangerschapsverlof en drie maanden (voltijds/halftijds) ouderschapsverlof op te vangen. Het moet mijn overbelaste eerste semester en mijn iets minderbedeelde tweede semester wat compenseren en zou mij wat meer tijd moeten laten voor het nieuwe onderzoeksproject waarvoor ik deze week in Helsinki zit, maar hopen op meer vrije tijd durf ik voorlopig niet. Ik zou me wel eens kunnen vergissen.

En zo kwam het, onder meer, dat Thelma vruchteloos op moeder of vader bleef wachten in de opvang, en uiteindelijk meegegeven is met een heel bereidwillige papa en diens twee bloedjes. Voor haar gelukkig geen traumatische ervaring, want ze wil bijna altijd zo lang mogelijk blijven in de opvang, en vroeg 'Nu al?!' toen ik haar in zeven haasten kwam 'redden', maar mijn moederhart heeft toch meer dan twee tellen stilgestaan en mijn hoofd is aan het denken gegaan.

Het zat zo. Mijn moeder gaat Thelma altijd halen op woensdagmiddag, maar was die dag op reis vertrokken naar Hongarije. Ik had Thelma netjes ingeschreven in de opvang, maar had dat enkel in mijn persoonlijke agenda gezet. In de gemeenschappelijke agenda stond 'H&I op reis', maar uit gewoonte reed Bernard op woensdagavond toch naar mijn ouderlijk huis om daar vooral géén Thelma aan te treffen.

Toen hij uit de badkamer riep dat hij Thelma ging halen, had ik nog vanuit mijn bureau geroepen of ik het niet moest doen (dan had ik toch een beetje frisse lucht binnen, zo dacht ik), maar hij wist dat ik druk doende was en zag niet goed waarom we zo plotseling de rollen zouden omkeren. Een dik uur later vond ik het tijd om toch eens naar beneden te gaan en niet te wachten tot ze me zouden roepen voor het eten, maar mijn verbazing was groot, en sloeg om in verbijstering, toen ik Bernard niet beneden aantrof, maar in een auto zónder Thelma zag aankomen.

Waar is Thelma? Waar is ze? WAAR IS THELMA? Had hij ze afgezet thuis om naar de winkel te gaan, was er iets gebeurd, en had ik dat niet gemerkt? Ik zag dat Bernard kwaad was, wist dat mijn ouders weg waren, wist dat de opvang al een uur gesloten was, dus ik kon maar niet bedenken waar ze zou kunnen zijn. Bernard zweeg, want hij was kwaad. Maar was ze dan? Vertel het mij!

Bernard had iets voor zessen telefoon gekregen van de opvang dat Thelma nog niet was opgehaald. Hij stond ondertussen al in Gentbrugge met de sleutel in zijn hand, toen hij tegelijk besefte dat Thelma daar onmogelijk kon zijn. De begeleiders van de opvang hadden mij al gebeld, maar hadden geen gehoor gevonden. Bernard probeerde mij daarop ook te bellen om snel nog langs de school te gaan, maar enkel mijn voicemail bleek paraat. Mijn iPhone kreeg immers net zijn halfjaarlijkse update en was zo onbereikbaar als wat.

Hij liet de vaste lijn minutenlang rinkelen, maar ik moet zo in mijn werk verzonken zijn geweest dat ik die niet heb gehoord. Bernard kreeg ondertussen ook telefoon van de bereidwillige papa die aan mijn deur stond, aanbelde, maar niemand thuis vond. Ook dat had ik niet gehoord, en er speelde nochtans geen muziek in mijn bureau. Ik was er zo op gebrand om nog zoveel mogelijk werk af te krijgen voor ze thuis waren, dat ik van de buitenwereld afgesloten leek. Geen gsm, geen vaste lijn, geen deurbel die me kon bereiken.

Tom, de bereidwillige vader, was dan maar weer naar zijn eigen huis getrokken om de drie kinderen allemaal een boterham te geven, Bernard was door zoveel onbereikbaarheid van mijn kant in zeven haasten teruggereden, en ik was me van geen kwaad bewust. Toen ik wist hoe de vork aan de steel zat, ben ik op mijn beurt naar Thelma gerend, die het gelukkig allemaal een fijne verrassing vond zo op een doordeweekse avond. Ook Tom had alle begrip, maar ten huize Olijfje is er toch nog een duchtig woordje over gesproken.

En nu zijn er ruwweg twee opties: 1) een nieuwe deurbel met parlofoon installeren, een vast toestel op de tweede verdieping zetten, mijn iPhone niet updaten overdag, duidelijker communiceren wie waarheen gaat en dubbelchecken of het in de agenda staat, of 2) een beetje meer uit mijn ivoren toren a.k.a. werkhol komen en op aarde nederdalen. We hebben ten node voor het eerste gekozen in de hoop de discussie ten gronde nog wat te kunnen uitstellen tot betere tijden, maar beter is het er voorlopig nog niet op geworden.

Meer zelfs, mijn ongeboren dochter heeft mij er op haar beurt aan herinnerd in de vorm van harde buiken en ongemakken allerhande. Omdat ik in september nog eens af en toe ging liggen overdag, dacht ik dat dat misschien de reden was voor mijn achterstand op werkvlak. Ik heb de voorbije week daarom geen uur laten voorbijgaan en klopte makkelijk dagen van 9 uur 's ochtends tot 12 uur 's nachts -- en dan nog sloeg ik enkel mijn pc dicht uit principe, niet omdat ik klaar was met wat er op de planning stond, laat staan dat ik wat op de zaken vooruit had kunnen lopen.

Ik zit toch vooral voor mijn pc, da's toch ook rusten? Niet dus. En ik volg toch anderhalf uur zwangerschapsyoga op dinsdag en anderhalf uur mindful bevallen met Bernard op donderdag? Niet genoeg. De hele voorbije week vraag ik me al af of de elastiek van mijn broek te hard spant, of dit nu harde buiken zijn die pijn doen en dus om rust vragen (maar ik zit toch neer?), of mijn andere broek nu ook al te hard spant, of ik te ver gefietst heb zaterdag met Thelma in de Follow-me, tot ik donderdagavond pas echt heb beseft dat ik gewoon wat meer moet liggen tussendoor. Dat is waar je lijf om vraagt en je zwangere lijf moet je gehoorzamen.

Op vrijdag was het zelfs nog erger: buikkrampen op de fiets, buikkrampen tijdens het lesgeven, buikkrampen tijdens het eten. Ik overwoog zelfs even om de volgende dag niet naar Helsinki te vertrekken als het niet beterde, en mijn moeder spelde mij duchtig de les. Gelukkig bleken het darmkrampen van darmen die nu op plaatsen zitten waarvan ik de locatie nooit eerder had vermoed. Ik ben dus goedgemutst en geheel pijnvrij vertrokken, heb een prima vlucht achter de rug en vond tussen mijn bezoekjes aan oude vrienden die hier wonen en het werkoverleg de volgende dagen tijd om wat te rusten én weer eens te bloggen.

woensdag 9 september 2015

It's a ...

Ik was u nog een en ander verschuldigd. We krijgen er nog een meisje bij! Thelma wilde eigenlijk graag een jongen, naar analogie van haar nichtje Louise met broertje Leon, maar toen ik in Zuid-Frankrijk naar haar toezwom (ik kreeg aan de rand van het zwembad de resultaten van de NIPT en het geslacht te horen) en zei dat ze een zusje kreeg, was ze lichtjes verbaasd maar reuzeblij. Louise zette het meteen op een huilen, want zij zit in de fase dat ze alles wil wat Thelma wil, en was prompt haar eigen fantastische broer vergeten. Gelukkig niet voor lang.

Thelma is zich al helemaal aan het voorbereiden op mee-moederen. Ze wil een draagdroek van de Sint en wil na onze structurele echo op 22 weken plotseling gynaecoloog worden. Toch haalbaarder dan paardenruiter -- een toekomstdroom waarvoor we nu al met de voorbereidingen zouden mogen beginnen, willen we op latere leeftijd geen kinderdromen aan diggelen slaan!



zondag 23 augustus 2015

Enter: the world

Thelma is steeds meer bezig met de wereld rondom ons. Ze pikte vroeger wel al eens iets op van de radio, maar nu blijft het hangen en stelt ze er ook steeds meer vragen over. Toen ik haar dinsdag ging ophalen bij mijn vader, zat ze ostentatief triest voor het raam met een speelgoedleeuw in de handen. Toen ik met gebaren en gespeeld verbaasd vroeg wat er aan de hand was, schoot ze in slow motion met haar wijsvinger het leeuwtje dood en trok ze een nog triester en theatraler gezicht.

'De leeuw is doodgeschoten, snif snif'. Mijn vader had haar naar aanleiding van de volgens hem licht geniale strip in Humo (opgezette leeuwenkop aan de muur zonder tanden met tandartspatiënt op de voorgrond met dierlijk gebit) verteld van Cecil de leeuw die door de Amerikaanse tandarts een kopje kleiner was gemaakt. Ik heb er geen vegetarisch lesje van gemaakt dat wij ook dieren doden, maar heb haar verdriet beaamd en ben maar doorgegaan op het positieve nieuws dat meer en meer vliegtuigmaatschappijen nu geen jachttrofeeën meer willen vervoeren. En ik heb besloten dat de Humo en het Knuffelbos toch nog beter even gecensureerd worden.

En daarna kwam de ontvoering van het Duitse meisje voor losgeld en haar uiteindelijke moord op het radionieuws in de auto. Je wil een kind dat onheil nog besparen, vandaar dat we bij het televisiejournaal altijd onze vinger op de afstandsbediening houden, maar je wil het tegelijk ook een beetje waarschuwen, zorgen dat ze niet in smoesjes trapt van vreemden en zich echt verweert. En het principe blijven huldigen dat ze oud genoeg zijn voor een antwoord als ze zelf de vraag stellen. Het blijft een moeilijke evenwichtsoefening. In dit geval nog meer omdat ontvoeringen al bij al uitzonderlijk zijn, ook al komt het soms akelig dichtbij, en omdat je weet dat statistisch gezien bekenden soms de grootste boosdoeners zijn.

En Thelma is al zo vaak bezig met dieven en inbrekers, wellicht door haar prille ervaringen in Zuid-Afrika, en alles wat ze er nadien nog over hoorde. Daarbij komt nog dat ons bootje tijdens onze vakantie is gestolen vanop het bedrijventerrein van mijn lief: het was net helemaal opgeknapt, met een vloertje in restjes tropisch hardhout toe. De motor zat er gelukkig niet op, maar triest bleef het wel. Een projectje van een dik jaar, dat eindelijk af was. Ik ging er al vanuit dat het ooit wel zou gestolen worden, maar dan op het water, omdat je hier op de Muide toch zoveel over diefstallen hoort, maar je hoopt toch dat iedereen eens met zijn fikken van andermans gerief blijft.

Vrijdagnacht was ik nog getuige van een fietsdiefstal toen ik de gordijnen van onze slaapkamer wou dichttrekken. Ik heb nog geroepen, maar net op dat moment hadden twee jongeren de vintage elektrofiets van mijn buurman al losgerukt van de paal. De politie stond hier na mijn oproep toevallig binnen de minuut, zijn met schijnwerpers de buurt afgegaan, maar zonder resultaat. Ik heb een verklaring afgelegd, maar veel zal het allemaal niet baten. Bezit maakt onvrij, zullen we maar denken.

donderdag 6 augustus 2015

YES

Mijn NIPT is normaal, zo mailde mijn gynaecologe een uurtje geleden. Oef! Ik ben opgelucht en blij en opgelucht en blij. Dat het wat voeten in de aarde gehad heeft tot nu toe, is een understatement (zie hieronder) en daar kwam vanmorgen nog wat geharrewar bij. Na alle heisa van de voorbije weken werd ik vandaag tijdens het ontbijt al opgejaagd door mijn tafelgenoten of er nog geen mail was, of er nu nog altijd geen mail was, of ik niet zelf zou bellen, of ik nu echt niet zelf zou bellen, of ik misschien niet durfde zelf te bellen? En of ik me dan niet eens goed kwaad zou maken?

Ik draalde, want de secretaresse had me verzekerd dat ze meteen zou mailen als de resultaten er waren, en er waren opnieuw nog maar net twee weken verstreken ... Groepsdruk zorgde er echter voor dat ik toch belde -- met het gekende antwoord. Er was nog geen fax aangekomen (en ook geen brief dus) en mijn gegevens lagen klaar om me meteen te mailen als er iets binnenrolde. De resultaten konden twee à drie weken op zich laten wachten, dus ik hoefde ook helemaal niet zelf te bellen. Bekende info dus.

Terug aan de ontbijttafel vroeg iedereen waarom ik me niet eens kwaad had gemaakt. Dat ik over me heen liet lopen. Maar wat heeft het nu voor zin om een lieve secretaresse kwaad toe te spreken en zich te laten verontschuldigen, als die zelf geen enkele fout heeft gemaakt? Hopen dat zij die kwaadheid doorgeeft aan de gynaecologe en zij op haar beurt aan het labo? Geen enkele zin had ik daarin en ik werd zelf al kwader en kwader dat ik mezelf zo onder druk had laten zetten.

De enige die een kwade mail verdiende, was het labo dat me sinds de vergissing, zo ergens rond 17 juni, nog niets had laten weten. Dat het ongehoord was, en hoogst onprofessioneel om daar geen enkele duiding noch excuses over aan te bieden. Ik heb het relaas dus nog eens omstandig uit de doeken gedaan in een mail aan het labo met mijn gynaecologe in cc, en gevraagd op welke manier het labo denkt die fout recht te zetten. En daarmee is de kous nu eventjes af.

Een uur later kreeg ik al een mail van mijn gynaecologe dat mijn NIPT normaal was (met dubbel uitroepteken) en dat ze hoopte dat ik nu van dat goede nieuws kon genieten. Wat ik ook volop doe, aan het zwembad met een krant en een tonic sin gin. Of ik nu een dochter of zoon krijg, was het laatste van mijn zorgen, maar groepsdruk heeft er weer maar eens voor gezorgd dat ik toch nog een mailtje heb gestuurd ... En nu naar buiten, terug de zon in!

NIPT

En toen koos ik dus voor NIPT, de Niet-Invasieve Prenatale Test die een punctie vervangt. Waarom weet ik niet echt. Ik ben 36 en Bernard 45, maar een echt risico is dat niet bij een tweede kind. Gewoon omdat het kan? En omdat het 99,8% zekerheid geeft? Al is ook dat relatief, want je moet een papier ondertekenen dat je goed beseft dat niet het hele DNA van je ongeboren kleintje wordt ontrold, maar alleen die drie chromosomatische afwijkingen. En het geslacht, als je dat wil.

We kozen 'ja' omdat we geen echt tegenargument hadden, en de nieuwe gynaecologe vond het ook geen slecht idee nu die test er was, vandaar. Maar ... Wat meer zekerheid moest bieden, heeft tot vandaag net minder zekerheid geboden. De eerste bloedafname gebeurde op een doordeweekse donderdag op 11,5 weken. Zes dagen later kreeg ik een telefoontje dat er niet genoeg foetale cellen in het staal zaten. Geen nood, gebeurt wel vaker, en ik ging die woensdag meteen terug voor een tweede staal, op 12,5 weken.

De resultaten laten normaal gezien zo'n 2 à 3 weken op zich wachten. Twee weken na het tweede bloedstaal vergat ik te bellen, ook al had mijn lief me daar nog lief aan herinnerd. Maar ja, 2 à 3 weken zijn tot nader order nog altijd meer dan twee weken, dus ik zou wel ergens tussen de 2 à 3 weken even bellen, en verwachtte eigenlijk zelf een telefoontje van de gynaecologe in de tussentijd. Ondertussen was ik dus een goeie 15 weken ver.

Op exact drie weken dacht ik eraan om zelf toch eens te bellen. Bleek dat mijn gynaecologe net sinds een dag of zes op reis was, en dat nog voor iets meer dan twee weken ... Dat zou de teller op 17 weken brengen, wat ik toch wel wat veel vond. Ik belde dus naar het ziekenhuis of daar geen resultaten waren aangekomen. Nee dus, want ik had het bloedstaal in de privépraktijk afgeleverd. Ik kon eens proberen bij een van de twee gynaecologen die mijn gynaecologe verving, je wist maar nooit.

Na twee dagen kon ik de vervangende gynaecologe bereiken. De secretaresse kon me ook daar verzekeren dat ze niets had ontvangen. Om het wachten wat te verzachten, raadde ze me aan om rechtstreeks naar het UZ te bellen en te vragen om de resultaten nog eens door te sturen naar het thuisadres van de vervangster. Zo gezegd, zo gedaan. Helaas belde ik op een vrijdag en was de post net weg. Ze zou het meteen in orde brengen en op maandag met de post meegeven. We klokken af op 16 weken.

Als de post haar werk correct deed en de brief vertrok op maandag, zou die op dinsdag aankomen. Ik kon meteen ook dinsdag bellen, en wat bleek: het UZ had geen staal. Geen staal. Huh? Zouden ze nu weer te weinig staal gehad hebben en me dit keer niet hebben gebeld? Zou mijn staal verloren zijn gegaan? De secretaresse kon me niet veel meer aanraden dan bij mijn eigen gynaecologe ten rade te gaan en ze kon me wel al melden dat die laatste al op vrijdag bereikbaar was in het ziekenhuis. Nog drie keer slapen dus.

Dat was echt typisch ik: ervan uitgaan dat alles wel in orde is en dus niet op exact twee weken bellen, toen mijn gynaecologe blijkbaar aan haar laatste werkdag bezig was, maar gewoon nog even aanmodderen. Ik begon me nu toch echt een beetje zorgen te maken. Ik ben meestal de kalmte zelve, maar het zou toch eens ... Stel dat die resultaten niet goed waren, of dat het staal effectief verloren was, dan zouden er weer twee à drie weken bijkomen. En als ik dan nog voor een onderbreking moest kiezen, dan zat ik al op 19 weken. En was ik bovendien op reis, wat de teller op 20 à 21 bracht. En dan nog een verplichte punctie, en weer twee weken wachten op resultaten ...

Nu ja, vooruitlopen had geen zin, en wanhopen nog minder, en er zat niets anders op dan gewoon nog een paar dagen te wachten en dan uitleg te vragen. De telefoon van de afdeling gynaecologie leek wel de hele voormiddag bezet of onderbemand, maar uiteindelijk kon ik toch iemand bereiken. Die kon me vriendelijk melden dat mijn gynaecologe daar inderdaad was geweest, maar ondertussen alweer naar huis vertrokken was. Ik kon dus het best naar de privépraktijk bellen. Maar daar stond natuurlijk nog steeds het antwoordapparaat met de out of office klaar!

Nog een dag wachten ging niet lukken, en ik bedacht me ineens dat ik via-via het e-mailadres had van mijn gynaecologe. Ik heb het hele relaas dus per mail uit de doeken gedaan en kreeg een uur later al telefoon. Dat het labo waarnaar het staal wordt opgestuurd voordat het naar het UZ gaat in eerste instantie ook van niets wist. Dat mijn gynaecologe erop had aangedrongen om toch nog eens goed te zoeken en dat ze dan uiteindelijk een buisje gevonden hadden op mijn naam. Dat het andere buisje blijkbaar naar Frankrijk was gestuurd, omdat ze niet alleen met het UZ maar ook met een Frans ziekenhuis samenwerken ...

Ik vroeg of dat staal nog bruikbaar zou zijn, maar ik kon al bevroeden van niet. Mijn gynaecologe was er het hart van in. Ze had dat nog nooit meegemaakt. Ze liet de resultaten ook altijd naar de patiënte zelf sturen als ze in die periode op reis was, maar aangezien ze mijn resultaten de dag voor haar verlof nog verwachtte, had ze dat in mijn geval niet gevraagd. Dat die brief er niet was de dag voor haar verlof, had natuurlijk ook geen belletje doen rinkelen, en de rest van de saga staat hierboven beschreven ... Er zat dus ook volgens haar niets anders op dan een nieuw staal af te staan.

Ik zou de dag nadien meteen langsgaan, maar de tijd werd wat krap (typisch ik) en ik belde voor ik vertrok (slim). De secretaresse zei me dat ik helemaal niet zelf hoefde te komen: het labo zou de week nadien aan huis komen om het goed te maken. Ook goed. Ze zouden me zelf bellen voor een afspraak. Nog beter. Maar aangezien ik maandagnamiddag nog steeds geen telefoon had gekregen en dinsdag de nationale feestdag was en ik vrijdag al op reis vertrok, belde ik maar zelf. Een afspraak op woensdag ging niet meer, maar donderdag kon wel nog. Donderdag dus. Bijna achttien weken.

Mijn lief vond donderdag te laat. Wat als er nog iets tussenkwam? Hij had gelijk en ik belde dus of ik toch niet zelf kon komen. Geen probleem, maar niet op maandag, want op dinsdag is er geen post. Ook niet op dinsdag, want nationale feestdag. Woensdag dus. Ik moest in de buurt zijn, maar de tijd werd wat krap (typisch ik), dus ik heb het dan toch maar op donderdag gehouden. Ik lag nog maar een paar uur in bed, want Gentse feesten, ah ja, maar ik heb toch maar mooi een alcoholloos staal afgestaan.

En morgen zijn er dus opnieuw twee weken gepasseerd en ben ik bijna twintig weken ver. En als alles goed gaat, haha, krijg ik een mailtje (!) met de resultaten. Dat we dat in deze postmoderne tijden nog mogen meemaken! En dan hoop ik maar dat alles in orde blijkt ... En dan kunnen we hier in de Provence misschien nog eentje drinken op dat jongetje/meisje (schrappen wat niet past) van twintig weken oud. Als dat niet NIPT is.

woensdag 15 juli 2015

Thelmataal (31)

  • Ik zie, ik zie ... wat jij niet ziet, en het is: een papa!
  • Maar mama, 'Billie' is toch een rare naam ... Je hebt 'bil' en dan 'ie' erbij. En wij hebben een bil! Wij hebben dat!
  • (ik:) Wat vind je mooie namen? (Thelma:) Kaka, Bambi, Roodkapje.
  • Maar mama, is dat niet vervelend, superheld zijn? Zo met dat touwtje rond je nek?
  • Ik voel mij zo'n beetje 's morgens.
  • Haha, Studio In Pizza!
  • Mijn leven wordt altijd maar erger! (ze valt de hele tijd op dezelfde knie)
  • Mijn mama is niet zwanger! (tegen de kapster bij Fred & Ginger, toen ze nog niet mocht vertellen dat ik zwanger was)
  • Er zit geen baby in mijn mama haar buik! (tegen Anneke van de opvang)
  • Als ik een baby in mijn buik zou hebben, zou ik de sla vijf keer wassen!
  • (wijst dwingend naar de aardbeien:) Gezond voor de baby!
  • Mag jij dat wel drinken, koffie?
  • Maar jij mag blijven zitten hoor, met die baby in je buik!
  • (ik:) Wil jij dat doen? (Thelma:) Jaa, zeker, omdat jij zwanger bent!
  • Als jullie uit elkaar gaan, ga ik bij mama wonen, want met al dat gezeur bij papa ... (haar eigen gezeur waar Bernard niet tegen kan)
  • Ik zie helemaal dwazig! (met Bernards bril op)
  • (ik:) Wat vind je een mooie naam voor een jongen? (Thelma:) Hans.

zaterdag 11 juli 2015

Vijf!

En toen werd mijn dochter vijf! En kreeg ze vier feestjes! Ze heeft samen met drie andere juli-jarigen een ontbijt gegeven in de klas, vierde afgelopen zondag feest met de familie, kreeg moeder zover om op haar verjaardag naar Plopsaland te gaan en nodigde vandaag vijf vriendjes uit om een waterpistolengevecht te houden in de tuin, waterballonnen van de wasdraad te prikken, wat muffins, bananen en ijs te eten en heel veel te spelen.

En toen besloot ik ook om de draad van deze blog weer op te nemen in de toekomst. Bijna vakantie, bijna een jaar in mijn nieuwe job, helemaal ingewijd in alle vakken die door onze expertisegroep gegeven worden, met daarbovenop de stagebegeleiding, bachelorproeven en mijn rol als taalcoach ... Ik mag volgend jaar voor de volle 100% blijven en deel niet in de kaalslag waardoor het hele hoger onderwijs getroffen wordt, ik geef twee vakken minder, dus daar moet wel wat blogtijd uit te distilleren zijn!

Ik ben noodgedwongen de fakkel aan het doorgeven van het tijdschrift waarvan ik hoofdredacteur was, want het was niet meer gezellig te combineren, en al neem ik volgend academiejaar een nieuw onderzoek op voor 20%, drukker dan het voorbije anderhalf jaar kan het op professioneel vlak niet worden. Hoop ik. Want ik heb ook echt meer tijd nodig thuis ... Er komt immers ... een broertje of zusje aan voor Thelma! Lang verwacht, en al zestien weken intensief gekoesterd. Vandaar dus de buffer die ik langzaam maar zeker inbouw.

Vandaar ook: een hybride post met allerlei nieuws. En als kers op de taart, een nagelnieuw portret van mijn origineel, lief, stoer, enthousiast, bij momenten dramatisch en eigenzinnig Schoon Kind:


woensdag 4 maart 2015

Thelmataal (30)

  • [wiebelt met haar ballon:] 'Mijn ballon hebt er zin in!'
  • [Thelma:] 'Zo zielig, er is een roodborstje tegen het raam gevlogen, en: dood. Weet je welke vogel het was?'
    [ik:] 'Een roodborstje?' [Thelma:] 'Ja, zo met rode borstjes.'
  • [beeldspraak] 'Ik heb zoveel dorst, straks valt mijn keel eruit! Dan ben ik het enige meisje op school zonder kéél!'
  • [de relativiteit van vier jaar zijn:] 'Vroeger had ik een goed geheugen.'
  • 'Ik lust roodborstthee.'
  • [nog aan het dromen:] 'Elke keer als het opstaantijd is, leer ik jou boomklimmen.'
  • 'Moet ik het muzikaal heel mooi maken?'
  • [metataal:] 'Vraag jij mij soms af wat ik wil zeggen?'
  • [over de hoestbacterieën in haar longen:] 'Moeten die beestjes dan zelf ook hoesten?'
  • [Thelma:] 'Vind jij al mijn kleren mooi?' [ik:] 'De meeste' [Thelma:] 'En de minste?'
  • 'Ze spelen ijswockey.'
  • [ik:] 'Zo'n mooie tekening!' [Thelma:] 'Ik heb mij geconcerteerd.'
  • [man met Beatle-coupe:] 'Die lijkt op hoe de Beables eruit zien!'
  • [filosofisch:] ''t Is zo donker dat ik niet meer weet wie ik ben.'
  • [neptelefoongesprek; ik:] 'Wanneer spreken we dan af?'
    [Thelma:] 'Maar we zijn juist aan het afspreken!'
  • 'Wat is een Hamsterdam?'
  • [poëzie bij het opstaan:] 'De uil is de nacht kwijt.'

dinsdag 11 november 2014

Thelma leest!

Maar het zal deze blog niet zijn ... Sjonge-jonge, wat een laag debiet de laatste tijd. Schuldig voel ik me niet, maar jammer is het wel. Al weet ik dat er beterschap komt. Mijn nieuwe job neemt nu al mijn tijd, de rest probeer ik aan Thelma en Bernard te besteden, ik ben weer 10% gastprof aan de UGent, nog hoofdredacteur van een tijdschrift en wil het liefst ook af en toe eens volleyballen. Maar vrienden, geen nood, ik kom terug!

Maar deze mijlpaal wou ik toch nog vermelden: Thelma is min of meer aan het lezen geslagen en meteen ook aan het schrijven. Gek is het niet echt, aangezien ze op haar 2,5 al tien letters kon lezen en op haar derde het hele alfabet. Ze was ook spontaan beginnen te spellen (W-I-N-T-ER bijvoorbeeld) en doet dat nog altijd heel vaak, maar vroeg is het natuurlijk wel, zo net aan het begin van de tweede kleuterklas.

Bernard reed met haar door de stad en ze vroeg: 'Papa, T-O-T-A-L, wat is dat?' en nu leest ze TOTAL met gemak. Idem voor GENT, STAD, VIS. Bernard wou op zijn verlanglijstje een hoofdtelefoon met ingebouwde radio, en Thelma schreef SANTENS, want daar kun je die halen. VOILA.

woensdag 8 oktober 2014

Blog meets blog

Ik hoef al bijna zelf geen blog meer bij te houden! Behalve de verhalen vanop De Vuurtoren, waarvan de link permanent hiernaast in de linkerkolom staat ('Lees- en kijkvoer'), is er ook een blog van de MOS-werkgroep (Milieu Op School), waar Thelma af en toe eens figureert. Ik kan dus lustig recycleren in deze tijden van temporele schaarste!

zondag 5 oktober 2014

Klassieker

Wat ik nog vergeten was - en wat op 11 augustus 2014 meteen een instant klassieker werd:
"Was je handjes maar in het toilet."
zei ik nietsvermoedend tegen Thelma.

maandag 22 september 2014

Thelmataal (29)

Ik zou nog steeds wat willen vertellen over onze vakanties in Cadzand en La Roche, over mijn nieuwe job (lector Nederlands in de bachelor kleuteronderwijs!), over Thelma die vorig weekend (13/09/2014) heeft leren fietsen, maar 5 nieuwe vakken, 7 bachelorstudenten, 25 stagestudenten én een deelopdracht als taalcoach van de opleiding zorgen ervoor dat ik me nu volop in het nieuwe werk smijt.

Maar een portie Thelmataal moest ik dringend eens serveren:
  • [tijdens de Wereldbeker:] 'Maar mama, wanneer komen de voetballers een vlag aan ons huis hangen?'
  • [als het echt heel veel is, is het:] 'Honderdduizend miljoen tachtig veertig vijftig zeven achtig eenentien!'
  • [Thelma telt:] 'Honderd plus honderd is tweeënhonderd.' [Bernard:] 'Plus honderd is driehonderd.' [Thelma:] 'Neuh! Dat bestaat niet!'
  • [ik:] 'Jij kunt al alles: zonder tuut slapen, zonder pamper ...' [Thelma:] 'Behalve snoeien.' [ik:] 'Snoeien? Bedoel je bomen snoeien?' [Thelma:] 'Ja, dat kan ik nog niet hè?'
  • [ik:] 'Nee, pakjes van Mega Mindy verkopen ze daar niet.' [Thelma:] 'En wel Mega Toby?' [ik:] 'Nee, ook niet. Wil je dat?' [Thelma:] 'Ja. Maar wel de maat van papa.'
  • 'Op mijn school heeft ReyhanNur een keer met krijt op zijn nagels gevingerd als nagellak.'
  • [over voetballers:] 'Die hebben lapknieën!'
  • 'Steen op jou!' [na diverse bedreigingen van Bernard het grote kindjesmonster] 
  • 'Met allemaal kleine bedjes?' [ik vertel over studenten die mondeling examen historische Nederlandse letterkunde komen doen, m.a.w. een verhaal vertellen over alle boeken die toen geschreven zijn en hoe de wereld er toen uitzag]
  • 'Ik ga onder het deken zitten en dan denk jij dat daar iemand zit en dat is ook waar!'
  • [roept naar boven:] 'Mama, ik ga je verrassen!' (pauze) 'Verrassen is onderaan aan de trap staan!' (pauze) 'Ik sta onderaan aan de trahap!'
  • [raadseltje:] ''t Is zwart en geel gestreept en heeft een stick op zijn poep!' (een wesp)
  • 'Ik vond het géén leuke dag. 't Was niet mijn dagje.'
  • [ze ligt bij mij in bed en hoort mijn wekker:] 'Waarom doet mijn geluid tik tak tik tak en jouw tokke tikke tokke tikke?'
  • [zomaar aan het ontbijt:] 'Ben je blij dat mijn hart nog klopt?' (en toen stond het mijne bijna stil)
  • 'Hebben apen een staart?' [ik:] 'Sommige wel.' [Thelma:] 'Ik had twee keer gelijk! Apen hebben een staart, apen hebben geen staart.'
  • 'Ik heb alleen het kruis van Jezus gezien, niet Jezus die eraan is genaaid, da's goed hè?'
  • [na vier uur wandelen zeg ik:] 'Amai, ik ben wel heel trots op jou: zoveel gewandeld, zonder zeuren, zonder huilen!' [Thelma:] 'Maar ik was wel moe hè!' [ik:] 'Ja, 'tuurlijk, iedereen was moe hè.' [Thelma:] 'Met al dat gebabbel!'
  • [in het bijzijn van twintig vrienden:] 'Mama, jij mag naast papa zitten, want jullie zijn toch verliefd?'
  • [tegen mij over Diego van Dora:] 'Da's een schoon manneke hè!'
Thelma doet niets liever dan toneeltjes spelen. En ze heeft ook niets liever dan mama en papa die een toneeltje spelen waarin zij plots weg blijkt te zijn. Het liefst honderd keer per dag.
  • ik: 'Waar is Thelma?'
  • Bernard: 'Ze zit nu op het vliegtuig naar Canada.'
  • ik: 'Echt? Amai, en heeft ze dan haar kleren mee?'
  • Bernard: 'Jaja, één onderbroek.'
  • ik: 'Aha, en is ze dan zelf naar het station gegaan en het vliegveld?'
  • Bernard: 'Ja.'
  • ik: 'En heeft ze al een ticket?'
  • Bernard: 'Ja, ze heeft een cent op zak.'
  • ik: 'En heeft ze vooraf gegeten?'
  • Bernard: 'Jaja, boterhammen met choco.'
  • [Thelma, vanonder een kussen:] 'En kaas!'