't Zijn rare tijden. Verwarrend, paradoxaal. Toch het fin de siècle en onze nieuwe, neoliberale identiteit? Ik zou het haast denken ... Ik heb vrijdag van drie mensen gehoord dat hun relatie verbroken is. Twee collega's met oudere kinderen, één koppel goeie vrienden van mijn leeftijd met een kleintje van drie. In de vorige maanden zijn ook al drie jonge koppels met kinderen tussen twee en zeven jaar uit elkaar gegaan. Onder hen twee mannen die met een collega in zee zijn gegaan, één vriendin die met een collega verdergaat.
Tegelijk word ik op facebook overladen met kersverse foto's en euforie van dichte en verre vrienden die dolgelukkig zijn met hun eerstgeborenen en daarvoor overspoeld worden met welgemeende, overenthousiaste felicitaties. En zie ik vrienden van vroeger reikhalzend uitkijken om hun eerste kleintje in hun handen te houden, naast vriendinnen die net hun derde kindje hebben gekregen of wachten op hun derde bevalling. Behoorlijk verwarrend vind ik dat. Daadkracht tegenover naïviteit, foute keuzes versus soulmates, zoekers tegenover vinders? Of gewoon een kwestie van tijd, vraagt de cynica in mij zich af.
Voor ik zelf een kind had, vond ik het compleet onbegrijpelijk dat een relatie zo snel na een geboorte - want dat is één, twee, drie jaar toch - op de klippen kon lopen. Van de beslissing om samen een kind op de wereld te zetten naar de beslissing om datzelfde kind apart te gaan opvoeden. Ondertussen weet ik dat het allemaal niet zo eenvoudig is, dat een kind een relatie sterk beïnvloedt, karaktertrekken uitvergroot, verschillen aan het licht brengt, het leven verhevigt, vertraagt, en minder ongedwongen maakt. Dat vechten soms niet volstaat of gewoon niet meer lukt, dat de aantrekkingskracht verdwenen kan zijn, en dat er eindeloos veel dingen bij komen kijken. Dat je met twee moet zijn om het te doen slagen. En dat geldt natuurlijk ook als er geen kinderen zijn.
Het blijft toch altijd schrikken. Ik probeer het niet te veroordelen, want zo'n beslissing neem je, meestal dan toch, niet lichtzinnig. Maar ik vraag me af hoelang je allebei, met een kind voor ogen, moet proberen om de relatie weer op de sporen te krijgen, een tijd wat minder aan jezelf en je eigen genot te denken of voluit voor de ander te gaan. Hoelang je ervan uit kunt gaan dat het gevoel van vroeger ergens op gestoeld was of de hoop mag koesteren dat het nog kan terugkomen ... Hoezeer je het besef laat doorwegen dat een nieuw begin met iemand anders het totale geluk niet altijd vergroot, zeker als het nieuwe er na een tijdje weer af is.
Ik ken de cijfers en gevolgen van een scheiding voor kinderen en ik beschouw dat als hun eerste trauma. Ik weet dat een slechte relatie ook traumatisch is voor kinderen, en ik weet ook dat het niet altijd negatieve gevolgen heeft als ouders op een rustige manier met veel gesprekken uit elkaar gaan. Dat het leven geen Valentijn is en je dat ook niet moet voorhouden aan je kinderen. Ik vind ook dat je niet moet samenblijven om de kinderen alleen, dat je jezelf niet moet wegcijferen voor een kind, maar ik blijf het toch altijd verdomd jammer vinden als er een einde komt aan iets wat ooit zo mooi is geweest. De ex-lieven vinden dat allicht evenzeer, dat spreekt.
Ik betrap mezelf ook altijd op de hoop dat het misschien toch weer goed komt, maar de voorbeelden daarvan ken ik enkel uit 'de boekskes'. Ik ken wel drie bevriende koppels, met twee of drie kinderen, die lang voor ze zelf kleintjes hadden een jaar uit elkaar zijn geweest, één koppel zelfs vijf jaar, om daarna weer met elkaar in zee te gaan en aan kinderen te beginnen. Met succes. En ik hoop dus meestal dat het bij een scheiding mét nageslacht ooit ook weer goed komt. En heel wat kinderen van gescheiden ouders hopen dat ook: denk Charlotte Roche, denk Charlotte Vandermeersch.
Ik ken koppels bij wie de nieuwe relaties zo goed zijn dat er geen haar op hun hoofd denkt om nog naar de situatie van vroeger terug te keren. Maar ik vrees dat in evenveel gevallen de nieuwe relatie ook niet altijd rozengeur en maneschijn blijft. En dat de gezinsculturen van nieuw samengestelde gezinnen soms zo verschillen dat ze weer nieuwe problemen en vragen met zich meebrengen. En als er nog een nieuw kindje bijkomt, dat er dan drie 'soorten' kinderen zijn, aan wie de ouders allebei andere dingen te zeggen hebben.
Het kan heel wat beter uitdraaien, daar zie ik ook genoeg voorbeelden van, maar het is minstens een hele periode ellendig. Je in elkaar gehaakte levens uit elkaar halen, een of twee keer een nieuwe thuis creëren, afspraken maken over de verdeling en de aanpak in de toekomst. Leren alleen zijn, wonden likken, de toekomst proberen te schetsen, nieuwe plannen of goede voornemens maken. Ik ben, zoals velen met mij, ervaringsdeskundige op het vlak van stukgelopen relaties, en ik wil er niet aan denken dat ik dat nog eens moet meemaken met een kind erbij. Maar ik weet heel goed dat het kan, dat het steeds vaker voorkomt, en vaker ook met jonge kinderen.
Is het onrust, rusteloosheid, ontevredenheid? Of niet meer naar het goede willen streven? En is het resultaat echt 'opgebrand', 'doodgebloed' of 'uitgedoofd'? Willen we te veel, of willen we niet genoeg? Hebben we te veel keuzevrijheid, die ons genot bezorgt maar geen geluk? Is het collectieve faalangst, angst voor een leven dat niet op alle vlakken perfect is? Met als opties actieve faalangst die je snel doet handelen en beslissen, of passieve faalangst die je in een depressie of eindeloze lethargie doet belanden? Of zijn het geluk en de energie gewoon opgebruikt op een bepaald moment en kan je dat maar beter erkennen?
Soms zie ik ook wel dat het je een heel ander, minder conventioneel leven bezorgt, dat het nieuwe kansen creëert, nieuwe mogelijkheden biedt. Zoals Rika Ponnet aangaf in De Standaard: voor sommige mensen is het idee heel aantrekkelijk om een week alle geneugten van de kinderen te hebben, en een andere week de vrijheid van een kinderloos bestaan, met tijd voor wilde afspraken, onverwachte etentjes, het werk, jezelf ... Maar geef mij, als ik mag kiezen, maar gewoon de banaliteit van het goede leven, zoals Verhaeghe suggereert.
Is het dat wat zoveel jonge ouders missen? Spanning, ontdekkingen, onvoorspelbaarheid? Of de drive om voor die oude bekende te blijven gaan? Is dat vroegere leven dan voorgoed voorbij, en staat de vader of moeder van je kind alle opties in de weg? Zeker als je weet dat kinderen ook opgroeien, zelfstandig worden, minder zorgtijd nodig zullen hebben ... Willen we minder dagelijkse ergernissen, minder vaste afspraken, minder alledaagsheid? En weegt dat verlangen op tegen een kind dat op twee plaatsen moet wonen, nieuwe lieven, nieuwe oma's, nieuwe gewoontes en karaktertrekken moet leren kennen?
Het klinkt belerend, zo'n opsomming van schijnbaar retorische vragen, maar zo is het niet bedoeld. Ik vraag het me allemaal af. Ik wil niets of niemand veroordelen, weet dat elke situatie particulier en onvoorspelbaar is, dat zulke beslissingen meestal niet zomaar genomen worden, dat mensen veranderen en elk hun eigen weg gaan, maar het confronteert me zo hard met de relativiteit van dat alles, van relaties, van geluk. Het jaagt me angst aan, zeker als ik dergelijke verhalen in contrast zie met dat prille geluk van een pasgeboren baby. Omdat het allebei in de beste families voorkomt ...
zondag 12 februari 2012
dinsdag 7 februari 2012
Gebouleverseerd
Thelma is toch een beetje van haar melk de laatste tijd. Hoewel ze zich theoretisch niets van de aanval kan herinneren, moeten het ziekenhuisbezoek en mijn bezorgdheid toch sporen hebben nagelaten. Ze slaapt minder goed, lees: ze is wakker om half zeven en doet middagdutjes van een uur, terwijl ze vroeger tot half acht, en soms half negen of half tien sliep, en dutjes deed van twee à drie uur. Ze komt ook veel meer aan mijn benen hangen en wil voortdurend op mijn arm zitten.
Vanmiddag heeft ze voor het eerst weer lang gemiddagdut, maar ze trok vanavond steeds weer haar beentjes op toen ik haar op de grond probeerde te zetten. Ze is ook angstiger, heeft het moeilijker als ik even naar boven ga om op te ruimen of naar buiten ga om iets uit de auto te halen. Ik gun het haar wel, die extra mamatijd, en ik geniet er ook van, want vermoedelijk is het zo weer voorbij.
Zelf moet ik er ook nog voortdurend aan denken. Gisteren heb ik haar voor het eerst weer opgehaald bij de onthaalmoeder, zaten we voor het eerst weer samen in de auto na een dagje weg, zijn we samen thuisgekomen in een opwarmend huis, aten we soep, lazen we in de zetel een boekje, net zoals toen. Blij dat het allemaal goed verlopen is. En morgen is ons beider bijna-dood-ervaring net een week voorbij, ook een eerste mijlpaal.
Ze doet me ook nog altijd schrikken. Thelma is altijd nogal theatraal geweest, maar als ze nu gekke bekken trekt, of ostentatief hoest, haar ogen samenknijpt, of voor zich uit staart en dan haar keel schraapt, wilde dieren nadoet enzovoort, staat mijn hart af en toe nog een milliseconde stil. Ik weet ondertussen dat het allemaal relatief is, dat het eigenlijk niet ernstig is, maar ik kan nog niet garanderen dat ik haar de volgende keer in alle rust en bedaardheid uit die stuip probeer te halen.
Vanmiddag heeft ze voor het eerst weer lang gemiddagdut, maar ze trok vanavond steeds weer haar beentjes op toen ik haar op de grond probeerde te zetten. Ze is ook angstiger, heeft het moeilijker als ik even naar boven ga om op te ruimen of naar buiten ga om iets uit de auto te halen. Ik gun het haar wel, die extra mamatijd, en ik geniet er ook van, want vermoedelijk is het zo weer voorbij.
Zelf moet ik er ook nog voortdurend aan denken. Gisteren heb ik haar voor het eerst weer opgehaald bij de onthaalmoeder, zaten we voor het eerst weer samen in de auto na een dagje weg, zijn we samen thuisgekomen in een opwarmend huis, aten we soep, lazen we in de zetel een boekje, net zoals toen. Blij dat het allemaal goed verlopen is. En morgen is ons beider bijna-dood-ervaring net een week voorbij, ook een eerste mijlpaal.
Ze doet me ook nog altijd schrikken. Thelma is altijd nogal theatraal geweest, maar als ze nu gekke bekken trekt, of ostentatief hoest, haar ogen samenknijpt, of voor zich uit staart en dan haar keel schraapt, wilde dieren nadoet enzovoort, staat mijn hart af en toe nog een milliseconde stil. Ik weet ondertussen dat het allemaal relatief is, dat het eigenlijk niet ernstig is, maar ik kan nog niet garanderen dat ik haar de volgende keer in alle rust en bedaardheid uit die stuip probeer te halen.
zaterdag 4 februari 2012
Spoed
En zo gaat dat dan. De 100 aan de lijn zegt: 'We gaan toch voor de zekerheid nog een ambulance sturen'. Ik akkoord. De ambulanciers zeggen: 'We gaan jullie toch voor alle zekerheid nog even naar de spoeddienst brengen'. Ik akkoord. De spoedarts zegt: 'We gaan haar toch voor 't zekerste een nachtje hier houden voor observatie'. En ik nogmaals akkoord. Bernard was niet meteen dolenthousiast, maar de arts van dienst voegde daar fijntjes aan toe: 'Dat is het verschil tussen wie het meegemaakt heeft en wie niet'.
En ik kon haar geen ongelijk geven. Ik zou thuis geen oog dicht gedaan hebben (in het ziekenhuis later ook niet, zo zou blijken), want ik zou haar zelf voortdurend hebben willen observeren. En een mama als hartslagmeter en apneumonitor is toch net iets minder efficiënt. Echt tof vond Thelma het niet, drie plakkers op haar lijf met draadjes aan, maar ze heeft ze snel aanvaard. En zo ging het met alles trouwens: aanvankelijk was ze onder de indruk van de spoeddienst en de tafel, en alle mensen die binnenkwamen, maar na een tijdje was ze in haar sas, als er tenminste geen vreemden aan haar lijf zaten.
Best wel gek dat ze al bij al zo goedgezind was tussen de onderzoeken door, want wie komt daar niet allemaal binnen? Eerst een man, verpleger of dokter, die ons naar een spoedhokje leidde en even naar het verhaal vroeg. Dan een vrouw, verpleegster besefte ik achteraf, die ook even kwam piepen en het zuurstof in haar bloed wou meten met zo'n klem op haar vingertje. Paniek! Dan de spoedarts, die Thelma's buik en longen beluisterde, haar oren bekeek en haar keel. Paniek! Geen oorontsteking volgens haar, wel een keelontsteking. Ik mocht weer het hele verhaal doen, moest zeggen hoe lang de aanval heeft geduurd (eigenlijk geen idee), en ze gaf me al de eerste tips voor de toekomst:
Daarna kwam de eerste verpleegster weer binnen om alle spullen voor een baxtertje klaar te leggen, maar gelukkig heeft de kinderarts dat verijdeld. Hij keek weer in haar oren, minutenlang, en vond nu wel een oorontsteking. Over de keelontsteking was ook geen twijfel meer en haar lelijke hoest had hij ook gehoord. De hoest waarvan de huisarts had gezegd dat die erger klonk dan-ie was. De kinderarts beval antibiotica, bloedafname, urinestaal. Lees: wachten op het labo om bloed te prikken, wachten op de verpleegster van pediatrie om een zakje in haar pamper te bevestigen, wachten op de medicatie.
Ik had zelf een boekje meegegrist, maar koekjes deden nog net iets beter hun werk. Het was al lang tijd voor haar fles, maar daar moest ze ook nog even op wachten, want standaard zit dat niet in mijn tas. Ze heeft dan maar de spoeddienst wat verkend, nog wat koekjes gegeten, getekend in mijn agenda, met mijn visbalpen gespeeld, met mijn klantenkaarten en lezerspassen, de tekeningen op het plafond bestudeerd, de plakkaten aan de muur, noem maar op. Bernard was ondertussen nog wat spullen gaan halen om te overnachten, een pot spaghettisaus uit de diepvries, extra speelgoed, maar het wachten bleef duren.
Na de komst van de verplegers van het lab en het bloedprikken, was het wachten op de superverpleegster van de nachtdienst, die ons naar de kamer bracht, de elektrodenplakkers alvast aanmat, het zakje voor de pipi vastplakte, antibiotica gaf en zag hoe vol leven Thelma zat na haar fles. Ze dacht dat ze nog lang niet zou slapen, maar rond kwart voor elf vond ik dat ze er toch wel aan toe was, dansen en springen of niet. En zie, ondanks de draadjes, het gepiep, het rare hoge bed, de slaapzak die niet aan mocht vanwege de koorts, is ze een paar minuten later in slaap gevallen, in een bolletje, met haar beentjes onder zich gekruld.
En ik probeerde hetzelfde, maar de beelden spookten door mijn hoofd, het gezoem van de monitor was te luid en ik werd telkens opgeschrikt door onregelmatig gepiep. Ik ben uiteindelijk rond kwart voor één in slaap gevallen, om rond kwart over twee weer wakker te worden toen ze Thelma's koorts kwamen nemen. Dat is gelukt zonder dat ze klaarwakker werd, en ze is pas bij de derde controle, rond vijf uur echt wakker geworden. En niet voor even.
Ik was zelf na half drie al niet meer in slaap gevallen door een stijve nek en de vreemde geluiden, en heb haar dus maar wat geëntertaind, om haar zo lang mogelijk aan de monitor te houden. Koekjes (opnieuw), boekjes, diertjes en uiteindelijk ook televisie, omdat ik dan toch een beetje kon gaan liggen en ze zelf misschien ook weer zou inslapen. Wat uiteindelijk ook gebeurde, rond zeven uur. Toen de bedrijvigheid op de afdeling al weer zo groot was, dat ze mijn ontbijt kwamen brengen, haar ontbijt kwamen brengen, de monitor kwamen checken, antibiotica kwamen klaarleggen, enzovoort, het bekende verhaal.
Ook typisch, wat ik me nog herinnerde uit Thelma's kraamtijd, is dat de kinderarts net dan binnenkomt als boorling of peuter eigenlijk heel dringend iets anders moest doen. Als pasgeborene lag ze bijvoorbeeld net eventjes goed aan, had ik de aanhappijn verbeten, en kwam de kinderarts langs voor de dagelijkse controle. Nu lag ze net te slapen toen we haar temperatuur moesten meten en kwam de kinderarts binnen toen ze met vereende krachten in slaap was gesust, amper een uurtje middagdut achter de rug had en compleet uitgeteld lag te slapen.
Maar soit, we mogen absoluut niet klagen. Supergoed verzorgd, een korte maar grondige check-up, een blij kind, gerustgestelde moeder, eind goed, al goed. En ik kan nog meer dan vroeger mijn ogen niet van haar afhouden. Ik bewonder, omarm, koester al dat leven. Ik sta versteld van wat ze zegt, wat ze begrijpt, wat ze aangeeft. Ik lach luid, lach stil, glimlach, duw mijn tranen weg. Mijn bloedje, mijn kindje, mijn onmetelijke schat.
En ik kon haar geen ongelijk geven. Ik zou thuis geen oog dicht gedaan hebben (in het ziekenhuis later ook niet, zo zou blijken), want ik zou haar zelf voortdurend hebben willen observeren. En een mama als hartslagmeter en apneumonitor is toch net iets minder efficiënt. Echt tof vond Thelma het niet, drie plakkers op haar lijf met draadjes aan, maar ze heeft ze snel aanvaard. En zo ging het met alles trouwens: aanvankelijk was ze onder de indruk van de spoeddienst en de tafel, en alle mensen die binnenkwamen, maar na een tijdje was ze in haar sas, als er tenminste geen vreemden aan haar lijf zaten.
Best wel gek dat ze al bij al zo goedgezind was tussen de onderzoeken door, want wie komt daar niet allemaal binnen? Eerst een man, verpleger of dokter, die ons naar een spoedhokje leidde en even naar het verhaal vroeg. Dan een vrouw, verpleegster besefte ik achteraf, die ook even kwam piepen en het zuurstof in haar bloed wou meten met zo'n klem op haar vingertje. Paniek! Dan de spoedarts, die Thelma's buik en longen beluisterde, haar oren bekeek en haar keel. Paniek! Geen oorontsteking volgens haar, wel een keelontsteking. Ik mocht weer het hele verhaal doen, moest zeggen hoe lang de aanval heeft geduurd (eigenlijk geen idee), en ze gaf me al de eerste tips voor de toekomst:
- rustig blijven (haha), m.a.w. niet schudden en niet onder water houden (oef)
- zorgen dat ze zich geen pijn kan doen
- trui of kleedjes uitdoen zodat ze afkoelt
- koortsremmer geven
- wachten
- eventueel de 100 bellen
Daarna kwam de eerste verpleegster weer binnen om alle spullen voor een baxtertje klaar te leggen, maar gelukkig heeft de kinderarts dat verijdeld. Hij keek weer in haar oren, minutenlang, en vond nu wel een oorontsteking. Over de keelontsteking was ook geen twijfel meer en haar lelijke hoest had hij ook gehoord. De hoest waarvan de huisarts had gezegd dat die erger klonk dan-ie was. De kinderarts beval antibiotica, bloedafname, urinestaal. Lees: wachten op het labo om bloed te prikken, wachten op de verpleegster van pediatrie om een zakje in haar pamper te bevestigen, wachten op de medicatie.
Ik had zelf een boekje meegegrist, maar koekjes deden nog net iets beter hun werk. Het was al lang tijd voor haar fles, maar daar moest ze ook nog even op wachten, want standaard zit dat niet in mijn tas. Ze heeft dan maar de spoeddienst wat verkend, nog wat koekjes gegeten, getekend in mijn agenda, met mijn visbalpen gespeeld, met mijn klantenkaarten en lezerspassen, de tekeningen op het plafond bestudeerd, de plakkaten aan de muur, noem maar op. Bernard was ondertussen nog wat spullen gaan halen om te overnachten, een pot spaghettisaus uit de diepvries, extra speelgoed, maar het wachten bleef duren.
Na de komst van de verplegers van het lab en het bloedprikken, was het wachten op de superverpleegster van de nachtdienst, die ons naar de kamer bracht, de elektrodenplakkers alvast aanmat, het zakje voor de pipi vastplakte, antibiotica gaf en zag hoe vol leven Thelma zat na haar fles. Ze dacht dat ze nog lang niet zou slapen, maar rond kwart voor elf vond ik dat ze er toch wel aan toe was, dansen en springen of niet. En zie, ondanks de draadjes, het gepiep, het rare hoge bed, de slaapzak die niet aan mocht vanwege de koorts, is ze een paar minuten later in slaap gevallen, in een bolletje, met haar beentjes onder zich gekruld.
En ik probeerde hetzelfde, maar de beelden spookten door mijn hoofd, het gezoem van de monitor was te luid en ik werd telkens opgeschrikt door onregelmatig gepiep. Ik ben uiteindelijk rond kwart voor één in slaap gevallen, om rond kwart over twee weer wakker te worden toen ze Thelma's koorts kwamen nemen. Dat is gelukt zonder dat ze klaarwakker werd, en ze is pas bij de derde controle, rond vijf uur echt wakker geworden. En niet voor even.
Ik was zelf na half drie al niet meer in slaap gevallen door een stijve nek en de vreemde geluiden, en heb haar dus maar wat geëntertaind, om haar zo lang mogelijk aan de monitor te houden. Koekjes (opnieuw), boekjes, diertjes en uiteindelijk ook televisie, omdat ik dan toch een beetje kon gaan liggen en ze zelf misschien ook weer zou inslapen. Wat uiteindelijk ook gebeurde, rond zeven uur. Toen de bedrijvigheid op de afdeling al weer zo groot was, dat ze mijn ontbijt kwamen brengen, haar ontbijt kwamen brengen, de monitor kwamen checken, antibiotica kwamen klaarleggen, enzovoort, het bekende verhaal.
Ook typisch, wat ik me nog herinnerde uit Thelma's kraamtijd, is dat de kinderarts net dan binnenkomt als boorling of peuter eigenlijk heel dringend iets anders moest doen. Als pasgeborene lag ze bijvoorbeeld net eventjes goed aan, had ik de aanhappijn verbeten, en kwam de kinderarts langs voor de dagelijkse controle. Nu lag ze net te slapen toen we haar temperatuur moesten meten en kwam de kinderarts binnen toen ze met vereende krachten in slaap was gesust, amper een uurtje middagdut achter de rug had en compleet uitgeteld lag te slapen.
Maar soit, we mogen absoluut niet klagen. Supergoed verzorgd, een korte maar grondige check-up, een blij kind, gerustgestelde moeder, eind goed, al goed. En ik kan nog meer dan vroeger mijn ogen niet van haar afhouden. Ik bewonder, omarm, koester al dat leven. Ik sta versteld van wat ze zegt, wat ze begrijpt, wat ze aangeeft. Ik lach luid, lach stil, glimlach, duw mijn tranen weg. Mijn bloedje, mijn kindje, mijn onmetelijke schat.
vrijdag 3 februari 2012
Stuipen
Voilà, ik val met de deur in huis. Thelma heeft mij met haar koortsstuipen woensdagavond de daver op het lijf gejaagd. Nooit meer, dank u zeer. Totale paniek met zo'n quasistikkend en quasilevensloos kindje, ik kan het u verzekeren. Ik was alleen thuis, belde de 101 in plaats van de 100 of 112, ben naar buiten gelopen om hulp met haar in mijn armen, en wellicht heeft de koude haar weer bij bewustzijn gebracht.
Alles leek normaal toen ik haar bij de onthaalmoeder ging halen, behalve de twee felrode blosjes op haar wangen, maar dat kon ook van haar wollen kleedje komen of de zon die de kamertemperatuur tot 23° had doen oplopen. Haar eigen temperatuur was nog niet gemeten, maar ze stond te dansen en te zingen van 'nijntjeuh, nijntjeuh, nij-ij-ijntjeuh, kom'. Ik was haar met de auto gaan ophalen en niet met de fiets, want voor zoveel graden onder nul pas ik, zeker met mijn piepke achterop.
Dus dikke jas aan, muts, en de koude auto in, met de verwarming aan, en even in de file gestaan. Was het dat? In elk geval leek er toen nog niets aan de hand. Thuis was het huis nog niet opgewarmd, zo'n 17 graden, dus haar kleedje bleef uiteraard aan. Halfuurtje liedjes gezongen een boekjes gelezen, Petit Gervais'tje in de stoel, een peer na, en even haar koorts gemeten met de voorhoofdsthermometer. Tussen 38,5 en 37,9 graden gaf die aan. Tijd voor een koortsremmer dus.
Ik zette Thelma op de grond, liet haar wat stappen en ze begon te huilen. Niet uit boosheid, niet van de pijn, meer een soort onbehagen. Ik toonde de Nurofen, waarop ze meestal naar me toe komt gesneld, maar ze wou niet. Ik vond toch dat ze iets moest krijgen en nam haar op schoot, maar ze bleef huilen en wou absoluut niet. Ik gaf haar tegen haar wil toch een heel klein beetje, en toen begon het.
Haar hoofd schokte, haar stem haperde, haar lippen trilden alsof er elektriciteit op stond, de Nurofen liep uit haar mondhoek, haar oogjes vielen halfdicht en haar adem stokte. Ik dacht dat ik haar vergiftigd had, of dat ze in iets aan het stikken was, en nam haar in mijn armen mee naar het aanrecht, omdat ik dacht dat ze moest overgeven, maar ze viel helemaal slap en ademde niet meer. Ik ben dan met haar in mijn armen naar de telefoon gespurt om de 100 te bellen, maar ik belde uit gewoonte en paniek de 101. Met antwoordapparaat, want alle medewerkers waren in gesprek!
Ze werd lijkbleek en ook een beetje blauw. Ben dan in paniek naar buiten gelopen met nog steeds een schijndood mensje in mijn armen, om hulp te halen bij de buren, maar die wonen op het eerste, komen altijd traag de deur openen en alles leek nog donker daar. Weer mis dus. Ik kon alleen maar denken 'Ze sterft hier in mijn armen, omdat ik niet weet wat ik moet doen'. Ik prevelde 'kindje, kindje toch' en dacht dat ik ze kwijt was. Dat alle hulp te laat kwam.
En toen zag ik een Combo met Kaat uit de straat, ben ik naar haar toegelopen terwijl ik 'Help, stop, help, help' riep, trok ik het portier open en riep ik 'Ze ademt niet meer, ze ademt niet meer'. Haar eigen bloedjes op de achterbank moeten ook nogal geschrokken zijn. Kaat zei onmiddellijk 'ik bel een ambulance' en ik liep weer naar binnen, nog steeds met Thelma in mijn armen, om mijn sleutels halen en de deur toe te trekken, met het plan om alsnog bij Kaat in de auto te springen en ons naar de spoed te laten brengen.
En gelukkig begon Thelma binnen zachtjes te huilen en naar adem te happen, met haar ogen half gesloten. Ik ben gaan zitten, ben haar blijven observeren met de schrik om mijn hart, hopend dat het niet weer zou beginnen, maar durfde toen al een beetje geloven dat het ergste voorbij was. Ik had ze in elk geval nog even bij me en ze leek weer wat op het kindje dat ik kende.
En toen belde de politie terug en hebben ze me meteen met de 100 doorverbonden, die me vroegen om het hele verhaal te doen, maar al aan de telefoon konden horen dat ze weer bij bewustzijn was, omdat ze wat luider was beginnen te huilen. Oef. Ze gingen toch een ambulance sturen, wat ik alleen maar kon toejuichen. Kaat kon even haar auto gaan parkeren die ze midden op het kruispunt had laten staan, haar kindjes thuis gaan afzetten en mij assisteren. SIS-kaart, sleutels, portefeuille, dekentje voor Thelma, tot de ambulance er was.
Bernard ging gelukkig ook elk moment thuiskomen, even tussendoor, omdat er een gaatje in de tournee was. Hij belde toen Thelma net weer bij bewustzijn kwam en ik kon hem waarschuwen dat hij niet moest schrikken als hij een ambulance zou zien staan. De ambulance kwam aan, Kaat liet me achter in hun handen, en ik heb samen met de ambulanciers Thelma's koorts genomen en die was 38,1°. Niet erg hoog dus, maar koortsstuipen komen blijkbaar vooral als de koorts snel stijgt.
Vreemd wel, want ze leek bij de onthaalmoeder al koorts te hebben. Zou die dan gezakt zijn, om dan weer te stijgen? Geen idee. Thelma kreeg een dekentje om zich heen, want een jas is niet aangeraden bij koorts, en we klommen in de ambulance. Ze huilde de boel bijeen, wat raar is zei de ambulancier, omdat de meeste kindjes zo onder de indruk zijn van die speciale auto dat ze helemaal stil worden.
Thelma heeft nog veel gehuild. Ze haat een thermometer in haar poep en draait zich in duizend bochten om dat te vermijden, ze haat suppo's, ze haat een stethoscoop, ze haat dat oorkijkding, ze haat de spatel om in haar keel te kijken. Ze is meestal ontzettend moedig, maar daarvan wordt ze panisch. Zoals de meeste kindjes misschien, hoewel ze wel haar neus gedwee laat spoelen met fysiologisch water, ze maar heel even huilt als ze een spuitje heeft gekregen, nooit vreemd is geweest en ook niet echt bang is.
Een plakker krijgen nadat ze bloed hadden geprikt, vond ze dan wel weer fijn. De verpleger vroeg of ze een prinses wou, maar dat wou ze niet. Wat zijn dat trouwens, prinsessen? Ik vroeg of hij geen auto had, maar dat bleek er niet tussen te zitten. Winnie de Poeh dan weer wel, en dat was een voltreffer. Voor de eerste keer heb ik een Thelma gezien die glom van trots. En de rest van het verhaal vertel ik morgen.
Alles leek normaal toen ik haar bij de onthaalmoeder ging halen, behalve de twee felrode blosjes op haar wangen, maar dat kon ook van haar wollen kleedje komen of de zon die de kamertemperatuur tot 23° had doen oplopen. Haar eigen temperatuur was nog niet gemeten, maar ze stond te dansen en te zingen van 'nijntjeuh, nijntjeuh, nij-ij-ijntjeuh, kom'. Ik was haar met de auto gaan ophalen en niet met de fiets, want voor zoveel graden onder nul pas ik, zeker met mijn piepke achterop.
Dus dikke jas aan, muts, en de koude auto in, met de verwarming aan, en even in de file gestaan. Was het dat? In elk geval leek er toen nog niets aan de hand. Thuis was het huis nog niet opgewarmd, zo'n 17 graden, dus haar kleedje bleef uiteraard aan. Halfuurtje liedjes gezongen een boekjes gelezen, Petit Gervais'tje in de stoel, een peer na, en even haar koorts gemeten met de voorhoofdsthermometer. Tussen 38,5 en 37,9 graden gaf die aan. Tijd voor een koortsremmer dus.
Ik zette Thelma op de grond, liet haar wat stappen en ze begon te huilen. Niet uit boosheid, niet van de pijn, meer een soort onbehagen. Ik toonde de Nurofen, waarop ze meestal naar me toe komt gesneld, maar ze wou niet. Ik vond toch dat ze iets moest krijgen en nam haar op schoot, maar ze bleef huilen en wou absoluut niet. Ik gaf haar tegen haar wil toch een heel klein beetje, en toen begon het.
Haar hoofd schokte, haar stem haperde, haar lippen trilden alsof er elektriciteit op stond, de Nurofen liep uit haar mondhoek, haar oogjes vielen halfdicht en haar adem stokte. Ik dacht dat ik haar vergiftigd had, of dat ze in iets aan het stikken was, en nam haar in mijn armen mee naar het aanrecht, omdat ik dacht dat ze moest overgeven, maar ze viel helemaal slap en ademde niet meer. Ik ben dan met haar in mijn armen naar de telefoon gespurt om de 100 te bellen, maar ik belde uit gewoonte en paniek de 101. Met antwoordapparaat, want alle medewerkers waren in gesprek!
Ze werd lijkbleek en ook een beetje blauw. Ben dan in paniek naar buiten gelopen met nog steeds een schijndood mensje in mijn armen, om hulp te halen bij de buren, maar die wonen op het eerste, komen altijd traag de deur openen en alles leek nog donker daar. Weer mis dus. Ik kon alleen maar denken 'Ze sterft hier in mijn armen, omdat ik niet weet wat ik moet doen'. Ik prevelde 'kindje, kindje toch' en dacht dat ik ze kwijt was. Dat alle hulp te laat kwam.
En toen zag ik een Combo met Kaat uit de straat, ben ik naar haar toegelopen terwijl ik 'Help, stop, help, help' riep, trok ik het portier open en riep ik 'Ze ademt niet meer, ze ademt niet meer'. Haar eigen bloedjes op de achterbank moeten ook nogal geschrokken zijn. Kaat zei onmiddellijk 'ik bel een ambulance' en ik liep weer naar binnen, nog steeds met Thelma in mijn armen, om mijn sleutels halen en de deur toe te trekken, met het plan om alsnog bij Kaat in de auto te springen en ons naar de spoed te laten brengen.
En gelukkig begon Thelma binnen zachtjes te huilen en naar adem te happen, met haar ogen half gesloten. Ik ben gaan zitten, ben haar blijven observeren met de schrik om mijn hart, hopend dat het niet weer zou beginnen, maar durfde toen al een beetje geloven dat het ergste voorbij was. Ik had ze in elk geval nog even bij me en ze leek weer wat op het kindje dat ik kende.
En toen belde de politie terug en hebben ze me meteen met de 100 doorverbonden, die me vroegen om het hele verhaal te doen, maar al aan de telefoon konden horen dat ze weer bij bewustzijn was, omdat ze wat luider was beginnen te huilen. Oef. Ze gingen toch een ambulance sturen, wat ik alleen maar kon toejuichen. Kaat kon even haar auto gaan parkeren die ze midden op het kruispunt had laten staan, haar kindjes thuis gaan afzetten en mij assisteren. SIS-kaart, sleutels, portefeuille, dekentje voor Thelma, tot de ambulance er was.
Bernard ging gelukkig ook elk moment thuiskomen, even tussendoor, omdat er een gaatje in de tournee was. Hij belde toen Thelma net weer bij bewustzijn kwam en ik kon hem waarschuwen dat hij niet moest schrikken als hij een ambulance zou zien staan. De ambulance kwam aan, Kaat liet me achter in hun handen, en ik heb samen met de ambulanciers Thelma's koorts genomen en die was 38,1°. Niet erg hoog dus, maar koortsstuipen komen blijkbaar vooral als de koorts snel stijgt.
Vreemd wel, want ze leek bij de onthaalmoeder al koorts te hebben. Zou die dan gezakt zijn, om dan weer te stijgen? Geen idee. Thelma kreeg een dekentje om zich heen, want een jas is niet aangeraden bij koorts, en we klommen in de ambulance. Ze huilde de boel bijeen, wat raar is zei de ambulancier, omdat de meeste kindjes zo onder de indruk zijn van die speciale auto dat ze helemaal stil worden.
Thelma heeft nog veel gehuild. Ze haat een thermometer in haar poep en draait zich in duizend bochten om dat te vermijden, ze haat suppo's, ze haat een stethoscoop, ze haat dat oorkijkding, ze haat de spatel om in haar keel te kijken. Ze is meestal ontzettend moedig, maar daarvan wordt ze panisch. Zoals de meeste kindjes misschien, hoewel ze wel haar neus gedwee laat spoelen met fysiologisch water, ze maar heel even huilt als ze een spuitje heeft gekregen, nooit vreemd is geweest en ook niet echt bang is.
Een plakker krijgen nadat ze bloed hadden geprikt, vond ze dan wel weer fijn. De verpleger vroeg of ze een prinses wou, maar dat wou ze niet. Wat zijn dat trouwens, prinsessen? Ik vroeg of hij geen auto had, maar dat bleek er niet tussen te zitten. Winnie de Poeh dan weer wel, en dat was een voltreffer. Voor de eerste keer heb ik een Thelma gezien die glom van trots. En de rest van het verhaal vertel ik morgen.
zondag 29 januari 2012
Diepvries
Brr, zo'n heerlijke risotto is na een kort verblijf in de diepvries en een veel te snelle en gedwongen acclimatisatie in de microgolfoven echt niet meer zo heerlijk, zelfs al heb je 'm zelfgemaakt. Ik was alleen met Thelma vandaag, omdat Bernard aan een tournee is begonnen, ik ben rond vijf uur nog snel naar de Maeterlincktentoonstelling gefietst en zag het niet zitten om haar vooraf of daarna nog maar eens uit de fietsstoel te halen om geld af te halen, lekker eten te kopen, brood op de plank te krijgen.
Het doet me denken aan mijn vrijgezellentijd. Daar had ik 's winters geen kleintje dat een dikke trui aanmoest, een fleecepak erboven, een regenjas, muts en sjaal voor ik even naar bakker of bankautomaat kon fietsen, maar ik deed het bij periodes evenmin. Daar had ik geen kleintje over wie ik moest waken toen het 's nachts in zijn bedje lag, en toch ging ik niet nog snel even naar de broodautomaat of nachtwinkel. Ik dacht bij momenten ook niet vooruit, en ik handelde er al helemaal niet naar. Correctie: ik dacht wel vooruit, maar reageerde niet.
En nu dus juist hetzelfde. Weten dat ik morgen geen tijd ga hebben om naar de bakker te gaan, weten dat ik nog maar twee sneden brood heb waarvan Thelma er een krijgt. Weten dat het stukje vlees in de koelkast eigenlijk te weinig was, weten dat de knolselder en savooi te veel tijd vragen voor ze klaar zijn, zeker op zondag na het bad-bed-opruim-ritueel, zo gaat dat met die groenten. En dus snel in de diepvries kijken wat er nog te scoren valt. Appelmoes, spaghettisaus, soep, vegetarische shepherd's pie en risotto.
Het werd dus dat laatste, want die was het best geplaatst om een restje gehaktbrood en veldsla te vergezellen, maar ik denk er al meteen over om die shepherd's pie ook in de vuilnisbak te kieperen om hetzelfde scenario niet herhaald te zien. Bereide gerechten in de diepvries en microgolf, niet meer ten huize Olijfje vanaf nu. Ik ontneem me dan de kortstondige geneugten om niet in actie te schieten als het eigenlijk wel moet, maar ik zou 's avonds tenminste niet met mijn neus op de kwalijke gevolgen van mijn uitstelgedrag gedrukt worden.
En ook niet de volgende ochtend. Misschien toch maar eens van deze kortstondige Aha-Erlebnis gebruik maken, en op een stoel kruipen om de broodmachine van mijn schoonmoeder van de kast te halen, af te stoffen en in gang te steken?
Het doet me denken aan mijn vrijgezellentijd. Daar had ik 's winters geen kleintje dat een dikke trui aanmoest, een fleecepak erboven, een regenjas, muts en sjaal voor ik even naar bakker of bankautomaat kon fietsen, maar ik deed het bij periodes evenmin. Daar had ik geen kleintje over wie ik moest waken toen het 's nachts in zijn bedje lag, en toch ging ik niet nog snel even naar de broodautomaat of nachtwinkel. Ik dacht bij momenten ook niet vooruit, en ik handelde er al helemaal niet naar. Correctie: ik dacht wel vooruit, maar reageerde niet.
En nu dus juist hetzelfde. Weten dat ik morgen geen tijd ga hebben om naar de bakker te gaan, weten dat ik nog maar twee sneden brood heb waarvan Thelma er een krijgt. Weten dat het stukje vlees in de koelkast eigenlijk te weinig was, weten dat de knolselder en savooi te veel tijd vragen voor ze klaar zijn, zeker op zondag na het bad-bed-opruim-ritueel, zo gaat dat met die groenten. En dus snel in de diepvries kijken wat er nog te scoren valt. Appelmoes, spaghettisaus, soep, vegetarische shepherd's pie en risotto.
Het werd dus dat laatste, want die was het best geplaatst om een restje gehaktbrood en veldsla te vergezellen, maar ik denk er al meteen over om die shepherd's pie ook in de vuilnisbak te kieperen om hetzelfde scenario niet herhaald te zien. Bereide gerechten in de diepvries en microgolf, niet meer ten huize Olijfje vanaf nu. Ik ontneem me dan de kortstondige geneugten om niet in actie te schieten als het eigenlijk wel moet, maar ik zou 's avonds tenminste niet met mijn neus op de kwalijke gevolgen van mijn uitstelgedrag gedrukt worden.
En ook niet de volgende ochtend. Misschien toch maar eens van deze kortstondige Aha-Erlebnis gebruik maken, en op een stoel kruipen om de broodmachine van mijn schoonmoeder van de kast te halen, af te stoffen en in gang te steken?
zaterdag 28 januari 2012
Liefde te over
Mijn hart loopt weer over van liefde. Waar moet ik daarmee naartoe? Ik probeer me wat in te houden, want die schoudertjes van Thelma zijn toch nog zo frêle. Maar wat een kind! Ik laat me even gaan. Wat een kind! Eigenzinnig, eigenwijs, lief, origineel, gretig om alles wat we aanbieden.
Eerst Muziek op schoot, waar ze Wollie uit zijn bedje heeft gehaald, 'waai' zei toen Marijke op de fluit speelde, het uitschaterde toen ik haar tijdens een liedje vastgreep. Dan gespeeld met haar 'waw' (de leeuw), de kikker, het 'aapje' (schaap). Geen door-moma-gemaakte-vislasagne gegeten, want wie eet er nu thuis patatjes? Wel appel-koekjes-yoghurt, en daarna een lange middagdut.
En toen haar eerste vergadering ooit: aan tafel met de buren en schepen Balthazar, over de inrichting van het parkje naast de deur. Beetje gebabbeld, beetje gelachen, koekje op schoot, dan in haar eigen stoel, en daarna mee naar buiten in de draagrugzak, wippend, lachend, dansend. Nog wat fruitpap, een halve banaan, boterham met choco, en hupla, klaar voor het Lichtfestival.
Een dik uur zitten genieten van de lichtjes, babbelend over de beer, de visjes (raketten, maar visjes is ook goed) en de sneeuw op Post Plaza, verwonderd door de semi-kathedraal op de Botermarkt, en dan een lekker flesje in de BoHo. Met chips na, want ook Thelma begint de kleine geneugten van een cafébezoek te kennen. Drinken, eten, dansen.
En weer flink het fleecepak aan, het regenpak, de rugzak in. Blij, vrolijk, goedgemutst. Wiebelend, zingend, draaiend met haar handen. Thuis nog koekje eten, extra 'weshje' drinken, boekje kijken, tandjes poetsen, blij met de beer, het tuutje en het doekje die in haar bed lagen te wachten. Een droomkind, zoveel is zeker. En het wordt alleen maar beter.
Eerst Muziek op schoot, waar ze Wollie uit zijn bedje heeft gehaald, 'waai' zei toen Marijke op de fluit speelde, het uitschaterde toen ik haar tijdens een liedje vastgreep. Dan gespeeld met haar 'waw' (de leeuw), de kikker, het 'aapje' (schaap). Geen door-moma-gemaakte-vislasagne gegeten, want wie eet er nu thuis patatjes? Wel appel-koekjes-yoghurt, en daarna een lange middagdut.
En toen haar eerste vergadering ooit: aan tafel met de buren en schepen Balthazar, over de inrichting van het parkje naast de deur. Beetje gebabbeld, beetje gelachen, koekje op schoot, dan in haar eigen stoel, en daarna mee naar buiten in de draagrugzak, wippend, lachend, dansend. Nog wat fruitpap, een halve banaan, boterham met choco, en hupla, klaar voor het Lichtfestival.
Een dik uur zitten genieten van de lichtjes, babbelend over de beer, de visjes (raketten, maar visjes is ook goed) en de sneeuw op Post Plaza, verwonderd door de semi-kathedraal op de Botermarkt, en dan een lekker flesje in de BoHo. Met chips na, want ook Thelma begint de kleine geneugten van een cafébezoek te kennen. Drinken, eten, dansen.
En weer flink het fleecepak aan, het regenpak, de rugzak in. Blij, vrolijk, goedgemutst. Wiebelend, zingend, draaiend met haar handen. Thuis nog koekje eten, extra 'weshje' drinken, boekje kijken, tandjes poetsen, blij met de beer, het tuutje en het doekje die in haar bed lagen te wachten. Een droomkind, zoveel is zeker. En het wordt alleen maar beter.
donderdag 26 januari 2012
Ticket
We hebben een ticket voor Carpentier! Mijn initiële angst over te veel niet-GOK-ouders op de Muide is dus overbodig gebleken. Wat zeg ik, het zijn er zelfs maar elf, vier broertjes en zusjes inbegrepen ... We moeten Thelma nu inschrijven voor 7 februari en daarna kunnen we haar nog aanmelden voor scholen die geen voorrang geven, De Loods met name. Nog even tijd om wat voort te twijfelen dus!
Ik wou wel nog wat reacties meegeven die ik op facebook en per e-mail gekregen heb naar aanleiding van mijn vorige post, waarbij het opvalt dat grote scholen met veel GOK'ertjes er zeker niet slechter uitkomen, wat het allemaal niet simpeler maakt:
Ik wou wel nog wat reacties meegeven die ik op facebook en per e-mail gekregen heb naar aanleiding van mijn vorige post, waarbij het opvalt dat grote scholen met veel GOK'ertjes er zeker niet slechter uitkomen, wat het allemaal niet simpeler maakt:
- De grappigste: 'Elaba. Dat blonde jongentje is mijn allerliefste neefje dat zijn tante is gaan bezoeken in Chili. Inderdaad moeilijke keuze. Als het jou gerust mag stellen, ik ken wel enkele niet-yuppies ook op De Loods. Over de kwaliteit ga ik me niet uitspreken, want elke ouder en elk kind heeft z'n wensen/noden. En daarvoor ken ik beide scholen niet genoeg.'
- Mijn antwoord-met-blos: 'Haha! Dat verandert alles! Voel ik me nu betrapt! Ik ken ook veel niet-yuppies op De Loods hoor, zeker en vast. En zoals ik schreef, zo'n schoolbezoek zegt eigenlijk maar weinig, maar wel net genoeg om je vooroordelen en vooringenomenheid (positief of negatief) even te counteren.'
- De perfecte tegenzet voor mijn rationeel en cerebraal geraas: 'Volg uw buikgevoel. Thelma is een slim en sociaal kindje. Die past probleemloos in eender welke school. Ik vind dat de kwaliteit van een school veel afhangt van de leerkrachten. Als die leuk en boeiend zijn, zijn hun klasjes en lessen dat ook.'
- De lotgenote: 'Dag mama, hier toch een paar bedenkingen na eigen onderzoek:
- kleinschalig lijkt leuk, maar ons bezoek aan een kleinschalige school heeft ons toch helemaal niet overtuigd... zoals een directrice van een grote school (met alle middelen en héél véél ruimte!) ons zei: de wereld is groot (en klein leek me daar vooral: sukkelachtig en naïeverig)
- het gemeenschapsonderwijs volgt in de praktijk sowieso Freinet (omzendbrief in Gent van Freya?)'
- De ervaringsdeskundige: 'Ik was vroeger ook heel erg voor alternatieve (freinet)scholen. Door een speling van het lot (én vooral het feit geen keuze te hebben) zijn onze jongens uiteindelijk op een eerder "klassieke" school beland, die ook nog eens overspoeld is door zogenaamde GOK-kindjes. En ik ben héél tevreden. Omdat de leerkrachten boordevol engagement zitten, omdat de andere "niet-GOK-ouders" een heel hechte groep vormen én omdat A. en S. zelf de grootste pleitbezorgers van hun school zijn. Ik denk dat je gelijk hebt, wanneer je schrijft dat de "klassieke" scholen al lang niet meer zo klassiek zijn als vroeger.'
donderdag 19 januari 2012
Thelmataal (4): Woordenvloed
Een maand geleden zei Thelma haar eerste zin: 'ap aan'. Ik dacht dat het een toevalstreffer was, zo'n twee weken voor ze anderhalf zou worden, maar zie: het was geen toeval. De zinnen vliegen ons hier om de oren:
- 'ha nie': het gaat niet, kijk dan toch, ik heb nog niet eens geprobeerd, maar het gaat niet!
- 'kaka nie': ook al ruikt het hier verschrikkelijk, ik heb géén kaka gedaan!
- 'mama ook': bij voorkeur tijdens het neusjespoelen met fysiologisch water (waarop ik tot een lichte vorm van sadomasochisme overga -- tot ik ontdekte dat ze vooral mijn reactie grappig vond, die ik nu dus af en toe eens fake)
- 'papa ape': papa slaapt, doet een dutje, sluit even zijn ogen voor een korte meditatie ...
- 'toel uit': haal mij uit die stoel; ook wel 'papa uit': hij moet het doen, en niemand anders, en liefst ook nu.
- 'babap in': geef je mij nog wat appelsiensap?
- 'waker nie': de beer heeft geen traan meer op zijn wang, de kikker huilt ook niet, de haas evenmin, en de wangen van varken zijn ook droog.
- 'waai daan': dat vervelende geluid is ineens gestopt, de soep is gemixt, de opgevoerde rotbrommer is gepasseerd, het vliegtuig is overgevlogen ...
- 'daan kaka', ook wel 'kaka uit': er zit niets in mijn pamper, 't was maar voor te lachen!
- 'oene aan': oké, het is winter, maar doe toch maar mijn crocs ...
- 'boekje kyke': lees mij nog een vierde keer dat verhaaltje voor.
- 'weh bajje': de bal is weg (en ik kom duidelijk uit Hent).
- 'waashe pope': je wast mijn poep.
- 'ma nie': sorry dat ik altijd mijn fles omdraai in de sofa, dat maakt zulke leuke vlekken! En oeps, mijn beker op zijn kop, dat mag evenmin.
zaterdag 14 januari 2012
Visitatiepraat
Gisteren is Bernard ook op schoolbezoek geweest bij de twee dichtste buurtscholen die zowel kleuter- als basisonderwijs aanbieden: De Loods en Victor Carpentier. Mijn oorspronkelijke shock over de 110/79-verhouding is ondertussen gaan liggen, want het ziet er echt naar uit dat zij-die-nu-luisteren-naar-de-benaming-"niet-GOK'ers", wij dus, meer dan genoeg gaan hebben met de 30 voorrangsplaatsen bij Victor Carpentier, tenzij er veel geïnteresseerde ouders niet naar de infoavonden zijn geweest. Tel daar nog eens een paar van de 18 plaatsen uit De Loods bij en het waren misschien wel zorgen om niets ...
Bernard sms'te mij na zijn bezoekjes: 'Effe sloganesk, later meer: Carpentier is echt, De Loods een glazen stolp.' Zijn gevoel kwam overeen met wat ik een paar weken eerder had ervaren, al was het bij hem veel sterker. Vooraf leek De Loods de absolute nummer 1: een school waar ze vroeger voor kampeerden, freinetonderwijs, kleinschalig, 55% niet-GOK ... Maar na de twee schoolbezoeken moeten we dat oordeel toch een klein beetje bijstellen. Wij in elk geval, want de mama die vorige keer mee met mij op rondleiding was, vond een paar klasjes in Carpentier druk en een beetje onderkomen, en een vervangende kleuterjuf piepjong. Ook de vriendjes van bij de onthaalmoeder, Noor en Ramon, gaan wellicht allebei naar De Loods. En vrienden uit de buurt zijn razend enthousiast. Ik durf mijn oordeel dan ook niet goed baseren op zo'n momentopname.
De rondleiding door de directrice van De Loods was voor ons niet echt een topper, vergeleken bij de ongedwongenheid bij Carpentier. We vonden de directrice nogal negatief over het traditionele onderwijs. Alsof kinderen daar verplicht zijn om een opstel over de eerste sneeuw te schrijven als het niet gesneeuwd heeft, alsof ze daar geen inbreng toelaten van de actualiteit of de leerlingen zelf, alsof alle leerkrachten daar een jaar vooraf het hele leerplan al van naaldje tot draadje invullen. Het traditionele onderwijs is toch al lang niet meer zo traditioneel als zij het voorstelt? Ze werken toch ook met speel- en leerhoeken, met gediversifieerd onderwijs, projectwerk enzovoort? Er zullen uiteraard nog verschillen zijn, maar ik hou niet van zo'n negatieve stereotypering van de concurrentie.
Ik vond haar ook nogal stroef in haar omgang met de andere juffrouwen. 'Wil jij eens iets vertellen aan de nieuwe ouders, Vanessa?' 'Maar Jeanine, goh, wat moet ik dan vertellen?' 'Dat kan toch niet zo moeilijk zijn, Vanessa.' (lange stilte) Een groot verschil met de directrice Nora van Carpentier, die heel ongedwongen met haar collega's omging, de kindjes allemaal aansprak, en zelf lovend sprak over haar collega-directrice bij De Loods. Daar hou ik van. Ze vond het wel jammer dat De Loods eenmalig 12 extra plaatsen heeft moeten creëren, omdat ze de concurrentie vreest, maar wou verder geen kwaad woord kwijt over de school.
Wat er natuurlijk ook niet echt goed aan deed, was dat een blond gastje in De Loods als eerste zin tegen Bernard zei: 'Ik ben van de vakantie naar Chili geweest', en een ander jongetje Bernard terechtwees met de woorden: 'Luister maar naar de juffrouw, ze is iets aan 't uitleggen'. Het was Bernard ook opgevallen dat alle 'witjes' met elkaar speelden, en alle 'zwartjes' apart, hoewel dat bij mijn bezoek niet zo was. In Carpentier kan zoiets al bijna niet, met zijn 40% kinderen van Turkse origine, 40% van 89 andere origines en 20% piepkes van Belgische makelij.
De andere ouders dachten er bij Bernards bezoek net zo over: Carpentier vonden ze rock-'n-roll, De Loods leken yuppies ... Het komt ook door het koffie-met-cakemoment bij Carpentier elke vrijdag van 8 tot 9, waar een heel ongedwongen sfeer hangt, het komt door de vrienden die daar actief lobbyen, maar vooral door de directrice en leerkrachten die we (heel even) bezig hebben gezien. Het moeilijke is dat de sfeer op de rondleiding ons erg aansprak, maar dat het natuurlijk om de hele schoolloopbaan van Thelma gaat. Zij moet zich in de eerste plaats goed voelen in de school die wij voor haar kiezen. En dan zeggen de waarden van Freinet mij heel veel, al weet ik dat Carpentier ook een warme school is met ontzettend veel enthousiaste leerkrachten.
Een sympathieke directrice zegt natuurlijk niet alles en het welbevinden van je kind hangt af van juf tot juf of meester, maar het schoolbezoek heeft wel even mooi mijn eigen vooroordelen en vooringenomenheid blootgelegd. Als ik de scholen niet had bezocht, zou mijn keuze voor Carpentier wellicht een negatieve zijn geweest, omdat er in De Loods geen plaats was, maar nu ligt dat anders. Ik kan voor elk even veel positieve en negatieve punten opsommen en dan is dat enkel nog maar gebaseerd op een bezoekje van twee uur. Ik ken de scholen au fond niet en ken eigenlijk ook mijn piepke nog niet voldoende om te kunnen beslissen. Of ja, ik vermoed dat ze zich in beide scholen wel goed zal voelen, omdat er misschien ook niet zulke grote verschillen tussen zijn als ik aanvankelijk dacht. Ik heb zelf op een kleine school gezeten in Gent met protestants onderwijs en ik ben daar ontzettend gelukkig geweest. Ik weet er nog veel van, er was geen grote prestatiedruk, iedereen kende iedereen en we zeggen elkaar nog altijd goeiedag op straat. Dat zoek ik ook voor Thelma.
Het is een beetje l'embarras du choix waarmee ik jullie op een mooie zaterdag verveel, want de scholen lijken aan elkaar gewaagd. De klassen zijn in beide scholen licht en ruim, behalve één kleiner klasje in Carpentier, er is een grote speelplaats en een tuin, er zijn vergelijkbare opvangmogelijkheden in de vakanties, het eten wordt geleverd door dezelfde traiteur, er zijn milieuprojecten, fruitmomenten, klasblogs, de kleintjes kunnen slapen tussen de middag, en we kennen in elke school wel een paar kinderen die er nu heel tevreden zijn. Het is sterker dan mezelf, dat hele afwegen en vergelijken. Ik was weer maar eens van plan om één klein paragraafje te bloggen, en zie, ik ben vertrokken en ik doe zelfs nog even voort. Zou het dat zijn waardoor ik ooit een doctoraat heb kunnen schrijven? Ik vrees van wel.
Het zijn allebei buurtscholen, de ene nog meer in de buurt (De Loods) dan de andere (Carpentier). De Loods is freinetonderwijs, waar ik de voordelen goed van besef, Carpentier is gemeenschapsonderwijs. Carpentier is drie keer zo groot als De Loods, maar het schoolgebouw is navenant en de kleuters, lagere leerjaren en hogere leerjaren krijgen apart speeltijd. Carpentier is verder, maar de weg ernaartoe is rustiger en veiliger. Carpentier heeft dubbel zoveel GOK-kindjes, maar ook dubbel zoveel ondersteuning. En Carpentier heeft meer ervaring met gediversifieerd onderwijs, met hun kleine en grote 'sterklas', iets waar De Loods misschien nog meer aan zal moeten wennen als volgend jaar de 30/70-voorrangsregel in elke school verplicht is.
Wat ook nog verschilt, is de ouderwerking. In De Loods is er al een heel gestructureerde ouderwerkgroep, met voorzitter, penningmeester, secretaris enzovoort, en bij Carpentier is dat allemaal nog maar net vorm aan het krijgen. De directrice smeekt om geëngageerde ouders die de boel wat mee willen helpen sturen, en geeft hen daarbij alle vrijheid. Er is dus wellicht veel ruimte voor eigen inbreng, wat ik eigenlijk wel zie zitten, maar het is natuurlijk niet uitgesloten dat er in De Loods ook veel ruimte is voor inbreng.
Maar weet je wat de grootste lol van allemaal is: eigenlijk hebben we wellicht niet te kiezen. Als we net te ver van De Loods wonen (en we wonen op exact 500 meter wandelafstand) om een van de 18 plaatsjes te krijgen, zijn al mijn hersenspinsels een maat voor niets. Thelma is dus in elk geval al aangemeld voor Carpentier, wordt na 23 januari ook effectief ingeschreven, en pas als we na 21 maart ook te horen krijgen dat we plaats hebben in De Loods, moet er definitief gekozen worden: uitschrijven in Carpentier en hup naar De Loods, of met een groep ouders van School-in-Zicht blijven zitten waar we zaten. Wordt dus nog eens vervolgd!
Bernard sms'te mij na zijn bezoekjes: 'Effe sloganesk, later meer: Carpentier is echt, De Loods een glazen stolp.' Zijn gevoel kwam overeen met wat ik een paar weken eerder had ervaren, al was het bij hem veel sterker. Vooraf leek De Loods de absolute nummer 1: een school waar ze vroeger voor kampeerden, freinetonderwijs, kleinschalig, 55% niet-GOK ... Maar na de twee schoolbezoeken moeten we dat oordeel toch een klein beetje bijstellen. Wij in elk geval, want de mama die vorige keer mee met mij op rondleiding was, vond een paar klasjes in Carpentier druk en een beetje onderkomen, en een vervangende kleuterjuf piepjong. Ook de vriendjes van bij de onthaalmoeder, Noor en Ramon, gaan wellicht allebei naar De Loods. En vrienden uit de buurt zijn razend enthousiast. Ik durf mijn oordeel dan ook niet goed baseren op zo'n momentopname.
De rondleiding door de directrice van De Loods was voor ons niet echt een topper, vergeleken bij de ongedwongenheid bij Carpentier. We vonden de directrice nogal negatief over het traditionele onderwijs. Alsof kinderen daar verplicht zijn om een opstel over de eerste sneeuw te schrijven als het niet gesneeuwd heeft, alsof ze daar geen inbreng toelaten van de actualiteit of de leerlingen zelf, alsof alle leerkrachten daar een jaar vooraf het hele leerplan al van naaldje tot draadje invullen. Het traditionele onderwijs is toch al lang niet meer zo traditioneel als zij het voorstelt? Ze werken toch ook met speel- en leerhoeken, met gediversifieerd onderwijs, projectwerk enzovoort? Er zullen uiteraard nog verschillen zijn, maar ik hou niet van zo'n negatieve stereotypering van de concurrentie.
Ik vond haar ook nogal stroef in haar omgang met de andere juffrouwen. 'Wil jij eens iets vertellen aan de nieuwe ouders, Vanessa?' 'Maar Jeanine, goh, wat moet ik dan vertellen?' 'Dat kan toch niet zo moeilijk zijn, Vanessa.' (lange stilte) Een groot verschil met de directrice Nora van Carpentier, die heel ongedwongen met haar collega's omging, de kindjes allemaal aansprak, en zelf lovend sprak over haar collega-directrice bij De Loods. Daar hou ik van. Ze vond het wel jammer dat De Loods eenmalig 12 extra plaatsen heeft moeten creëren, omdat ze de concurrentie vreest, maar wou verder geen kwaad woord kwijt over de school.
Wat er natuurlijk ook niet echt goed aan deed, was dat een blond gastje in De Loods als eerste zin tegen Bernard zei: 'Ik ben van de vakantie naar Chili geweest', en een ander jongetje Bernard terechtwees met de woorden: 'Luister maar naar de juffrouw, ze is iets aan 't uitleggen'. Het was Bernard ook opgevallen dat alle 'witjes' met elkaar speelden, en alle 'zwartjes' apart, hoewel dat bij mijn bezoek niet zo was. In Carpentier kan zoiets al bijna niet, met zijn 40% kinderen van Turkse origine, 40% van 89 andere origines en 20% piepkes van Belgische makelij.
De andere ouders dachten er bij Bernards bezoek net zo over: Carpentier vonden ze rock-'n-roll, De Loods leken yuppies ... Het komt ook door het koffie-met-cakemoment bij Carpentier elke vrijdag van 8 tot 9, waar een heel ongedwongen sfeer hangt, het komt door de vrienden die daar actief lobbyen, maar vooral door de directrice en leerkrachten die we (heel even) bezig hebben gezien. Het moeilijke is dat de sfeer op de rondleiding ons erg aansprak, maar dat het natuurlijk om de hele schoolloopbaan van Thelma gaat. Zij moet zich in de eerste plaats goed voelen in de school die wij voor haar kiezen. En dan zeggen de waarden van Freinet mij heel veel, al weet ik dat Carpentier ook een warme school is met ontzettend veel enthousiaste leerkrachten.
Een sympathieke directrice zegt natuurlijk niet alles en het welbevinden van je kind hangt af van juf tot juf of meester, maar het schoolbezoek heeft wel even mooi mijn eigen vooroordelen en vooringenomenheid blootgelegd. Als ik de scholen niet had bezocht, zou mijn keuze voor Carpentier wellicht een negatieve zijn geweest, omdat er in De Loods geen plaats was, maar nu ligt dat anders. Ik kan voor elk even veel positieve en negatieve punten opsommen en dan is dat enkel nog maar gebaseerd op een bezoekje van twee uur. Ik ken de scholen au fond niet en ken eigenlijk ook mijn piepke nog niet voldoende om te kunnen beslissen. Of ja, ik vermoed dat ze zich in beide scholen wel goed zal voelen, omdat er misschien ook niet zulke grote verschillen tussen zijn als ik aanvankelijk dacht. Ik heb zelf op een kleine school gezeten in Gent met protestants onderwijs en ik ben daar ontzettend gelukkig geweest. Ik weet er nog veel van, er was geen grote prestatiedruk, iedereen kende iedereen en we zeggen elkaar nog altijd goeiedag op straat. Dat zoek ik ook voor Thelma.
Het is een beetje l'embarras du choix waarmee ik jullie op een mooie zaterdag verveel, want de scholen lijken aan elkaar gewaagd. De klassen zijn in beide scholen licht en ruim, behalve één kleiner klasje in Carpentier, er is een grote speelplaats en een tuin, er zijn vergelijkbare opvangmogelijkheden in de vakanties, het eten wordt geleverd door dezelfde traiteur, er zijn milieuprojecten, fruitmomenten, klasblogs, de kleintjes kunnen slapen tussen de middag, en we kennen in elke school wel een paar kinderen die er nu heel tevreden zijn. Het is sterker dan mezelf, dat hele afwegen en vergelijken. Ik was weer maar eens van plan om één klein paragraafje te bloggen, en zie, ik ben vertrokken en ik doe zelfs nog even voort. Zou het dat zijn waardoor ik ooit een doctoraat heb kunnen schrijven? Ik vrees van wel.
Het zijn allebei buurtscholen, de ene nog meer in de buurt (De Loods) dan de andere (Carpentier). De Loods is freinetonderwijs, waar ik de voordelen goed van besef, Carpentier is gemeenschapsonderwijs. Carpentier is drie keer zo groot als De Loods, maar het schoolgebouw is navenant en de kleuters, lagere leerjaren en hogere leerjaren krijgen apart speeltijd. Carpentier is verder, maar de weg ernaartoe is rustiger en veiliger. Carpentier heeft dubbel zoveel GOK-kindjes, maar ook dubbel zoveel ondersteuning. En Carpentier heeft meer ervaring met gediversifieerd onderwijs, met hun kleine en grote 'sterklas', iets waar De Loods misschien nog meer aan zal moeten wennen als volgend jaar de 30/70-voorrangsregel in elke school verplicht is.
Wat ook nog verschilt, is de ouderwerking. In De Loods is er al een heel gestructureerde ouderwerkgroep, met voorzitter, penningmeester, secretaris enzovoort, en bij Carpentier is dat allemaal nog maar net vorm aan het krijgen. De directrice smeekt om geëngageerde ouders die de boel wat mee willen helpen sturen, en geeft hen daarbij alle vrijheid. Er is dus wellicht veel ruimte voor eigen inbreng, wat ik eigenlijk wel zie zitten, maar het is natuurlijk niet uitgesloten dat er in De Loods ook veel ruimte is voor inbreng.
Maar weet je wat de grootste lol van allemaal is: eigenlijk hebben we wellicht niet te kiezen. Als we net te ver van De Loods wonen (en we wonen op exact 500 meter wandelafstand) om een van de 18 plaatsjes te krijgen, zijn al mijn hersenspinsels een maat voor niets. Thelma is dus in elk geval al aangemeld voor Carpentier, wordt na 23 januari ook effectief ingeschreven, en pas als we na 21 maart ook te horen krijgen dat we plaats hebben in De Loods, moet er definitief gekozen worden: uitschrijven in Carpentier en hup naar De Loods, of met een groep ouders van School-in-Zicht blijven zitten waar we zaten. Wordt dus nog eens vervolgd!
dinsdag 10 januari 2012
Oudejaar 2011
Hoe meer zielen, hoe meer vreugd, zo zit ik wel een beetje ineen. Een oudejaarsweekend met 24 vrienden en 14 ukkies is dus echt mijn kopje thee. Ik geniet van die gezellige drukte, van de kinderen die een jaar ouder zijn en elkaar herontdekken, van de lange wandelingen, het ontbijten samen, het koken, het feesten, de hilariteit bij momenten.
24/14 lijkt ook drukker dan het is, omdat de verhouding voortdurend wisselt. Afgezien van het uur van de wolf, waarop alle kindjes samen ineens veel te moe zijn om te gaan slapen, doen er ook nog een aantal een middagdut, gaan de stoersten mee met de grote tour, zijn er een paar op kinderwandeling en kunnen geïnteresseerde volwassenen zelf in hun uppie op wandel om de kindervreugd te ontvluchten. En aangezien de oudste pas vijf is, is rond acht uur de rust al weergekeerd.
Vorig jaar was ons eigen piepke nog maar zes maanden en vond ik achteraf dat ik bijna al mijn quality time aan haar had gespendeerd, maar dit jaar had ze met haar bijna anderhalf de perfecte leeftijd om bij de rest aan te sluiten. Ze is nog steeds de jongste van de hoop, aangezien er in 2011 geen kindjes zijn bijgekomen in deze vriendenkring, maar er is wel een nieuw meisje onderweg (of is ze er ondertussen, Ellen?) en er is bij anderen ook nog wat kroost gepland, zo heb ik uit goede bron vernomen.
Thelma is echt een must-have voor in je bagage op zo'n weekend: nooit verlegen, graag op onderzoek uit, met een big smile in de draagrugzak, blij met fruitsap en een rietje, uren zoet met andermans speelgoed ... Ze heeft vrijwel niet gehuild, behalve de laatste nacht toen ze met een gigantische snotneus zat en niet wou slapen, ze deed haar middagdutjes als gewoonlijk, sliep zelfs een paar keer tot half tien. We hebben ook echt ons kroost gesoigneerd: ik heb ze omgetoverd tot leeuwen, prinsessen en zeerovers, ze hebben met Ellen koekjes gebakken en kregen een kinderfeestjes met chips en koekjes tot acht uur 's avonds! Wowie.
En we hebben uiteraard onszelf ook getrakteerd op champagne, blini's met zalm, kaviaar en vodka, kaasschotels, een vegetarische curry, een wilde stoofschotel, verfijnde stoemp à la Meus, lange herfstige wandelingen, poker, limbo, tequila, en feesten tot een gat in de nacht. Niet tot 's ochtends, dat was vorig jaar, wel tot een uur of vier. Dit jaar zijn wel allemaal een jaartje ouder en kijken wel al stilletjes uit naar het leegstaande hotel in de Ardennen, dat we voor 2012 aan de haak hebben geslagen.
24/14 lijkt ook drukker dan het is, omdat de verhouding voortdurend wisselt. Afgezien van het uur van de wolf, waarop alle kindjes samen ineens veel te moe zijn om te gaan slapen, doen er ook nog een aantal een middagdut, gaan de stoersten mee met de grote tour, zijn er een paar op kinderwandeling en kunnen geïnteresseerde volwassenen zelf in hun uppie op wandel om de kindervreugd te ontvluchten. En aangezien de oudste pas vijf is, is rond acht uur de rust al weergekeerd.
Vorig jaar was ons eigen piepke nog maar zes maanden en vond ik achteraf dat ik bijna al mijn quality time aan haar had gespendeerd, maar dit jaar had ze met haar bijna anderhalf de perfecte leeftijd om bij de rest aan te sluiten. Ze is nog steeds de jongste van de hoop, aangezien er in 2011 geen kindjes zijn bijgekomen in deze vriendenkring, maar er is wel een nieuw meisje onderweg (of is ze er ondertussen, Ellen?) en er is bij anderen ook nog wat kroost gepland, zo heb ik uit goede bron vernomen.
Thelma is echt een must-have voor in je bagage op zo'n weekend: nooit verlegen, graag op onderzoek uit, met een big smile in de draagrugzak, blij met fruitsap en een rietje, uren zoet met andermans speelgoed ... Ze heeft vrijwel niet gehuild, behalve de laatste nacht toen ze met een gigantische snotneus zat en niet wou slapen, ze deed haar middagdutjes als gewoonlijk, sliep zelfs een paar keer tot half tien. We hebben ook echt ons kroost gesoigneerd: ik heb ze omgetoverd tot leeuwen, prinsessen en zeerovers, ze hebben met Ellen koekjes gebakken en kregen een kinderfeestjes met chips en koekjes tot acht uur 's avonds! Wowie.
En we hebben uiteraard onszelf ook getrakteerd op champagne, blini's met zalm, kaviaar en vodka, kaasschotels, een vegetarische curry, een wilde stoofschotel, verfijnde stoemp à la Meus, lange herfstige wandelingen, poker, limbo, tequila, en feesten tot een gat in de nacht. Niet tot 's ochtends, dat was vorig jaar, wel tot een uur of vier. Dit jaar zijn wel allemaal een jaartje ouder en kijken wel al stilletjes uit naar het leegstaande hotel in de Ardennen, dat we voor 2012 aan de haak hebben geslagen.
zondag 8 januari 2012
The Frog Song
Dat is hier een regelrechte hit ten huize Olijfje. Puur jeugdsentiment, dat ook. Ik herinner me nog dat ik zat te popelen tot die clip nog eens getoond werd in een of ander hitprogramma, nadat ik het nummer een of twee keer had gezien. Magisch vond ik het, het nummer en de beelden. Het was zoiets waarvan je dacht dat je het nooit meer te zien zou krijgen later, tenzij je het, weet ik veel, ooit op video zou vinden.
Thelma is al een hele tijd stapelzot van kikkers, wellicht sinds ze van Ponnekeblom zes minimagneetjes in kikkervorm heeft gekregen. We wilden haar er eerst niet mee laten spelen omdat ze zo petieterig waren, dan enkel als we erbij waren, en nu is het een teken van ons bodemloos vertrouwen in haar dat ze ze niet gaat opeten. Ze haalt ze samen met papa van de dampkap, hangt ze daarna op de lamp in de woonkamer, of steekt ze in een metalen potje. Dolle pret, dat spreekt. En 'kwaak, kwaak, kwaak', dat was het signaal waarmee het spel elke keer begon.
Ik kon dus al lichtjes vermoeden dat de onderstaande hit een hit ging worden, toen een jeugdvriendin het clipje postte op facebook. En er is blijkbaar een opgekuiste versie van gemaakt, met een wat knullige intro met een beer en onze Paul in zijn jonge jaren en een kaderverhaaltje dat ik nog nooit gezien had. Maar elke keer als ik dus aan mijn computer zit, komt er een kwakend kindje op mij af dat verwoede pogingen doet om op mijn schoot te belanden en met pretoogjes en bijna open mond naar het clipje zit te kijken.
En dat het de perfecte nieuwjaarsboodschap verkondigt, 'We all stand together', is in deze revolutionaire tijden ook mooi meegenomen, niet? Ik hoop voor iedereen die wat extra geluk nodig heeft op een 2012 dat mooier is dan het jaar ervoor.
Thelma is al een hele tijd stapelzot van kikkers, wellicht sinds ze van Ponnekeblom zes minimagneetjes in kikkervorm heeft gekregen. We wilden haar er eerst niet mee laten spelen omdat ze zo petieterig waren, dan enkel als we erbij waren, en nu is het een teken van ons bodemloos vertrouwen in haar dat ze ze niet gaat opeten. Ze haalt ze samen met papa van de dampkap, hangt ze daarna op de lamp in de woonkamer, of steekt ze in een metalen potje. Dolle pret, dat spreekt. En 'kwaak, kwaak, kwaak', dat was het signaal waarmee het spel elke keer begon.
Ik kon dus al lichtjes vermoeden dat de onderstaande hit een hit ging worden, toen een jeugdvriendin het clipje postte op facebook. En er is blijkbaar een opgekuiste versie van gemaakt, met een wat knullige intro met een beer en onze Paul in zijn jonge jaren en een kaderverhaaltje dat ik nog nooit gezien had. Maar elke keer als ik dus aan mijn computer zit, komt er een kwakend kindje op mij af dat verwoede pogingen doet om op mijn schoot te belanden en met pretoogjes en bijna open mond naar het clipje zit te kijken.
En dat het de perfecte nieuwjaarsboodschap verkondigt, 'We all stand together', is in deze revolutionaire tijden ook mooi meegenomen, niet? Ik hoop voor iedereen die wat extra geluk nodig heeft op een 2012 dat mooier is dan het jaar ervoor.
dinsdag 3 januari 2012
Vakantie
Ik wou absoluut nog een blogberichtje schrijven voor we op eindejaarsweekend vertrokken, maar het is er niet meer van gekomen, wat overigens geheel te voorspellen was. Als kerstavond op een zaterdag valt en je werkt tot en met vrijdag, moet je kerstcadeaus shoppen tot je naar het ouderlijke feesthuis vertrekt, en als je daar dan ook nog eens blijft slapen, en tegen 's middags naar het grootouderlijke feesthuis vertrekt, schiet er al niet veel tijd meer over.
Als er bovendien vrijdag de 23ste in het park aan de overkant nog eens een winterdrink was waar je zelf mee verantwoordelijk voor bent, en die verantwoordelijkheid zich uitbreidt naar de twee omgewaaide tenten en de duizend witte servetten in het rond, en als je dan na de opkuis spontaan voorstelt aan de hele bende om gezellig in ons huis verder te komen winterdrinken en als dat dan een beetje uitloopt tot iets te vroeg in de ochtend, snap je dat er niet zoveel tijd rest.
Bernard had gelukkig het grootste deel van de ravage 's nachts opgeruimd, maar toen ik opstond met Thelma was de sigarettenlucht nog manifest aanwezig, om van de andere sporen niet te spreken. We roken normaal niet in huis, en ik al helemaal niet, maar hoe gaat dat? Er was al iemand vol in onze kamerplant gevallen toen die licht beschonken de andere gasten wou passeren, het hele huis stond al vol met vette prints van modderzolen, er was ook al eenzelfde iemand op onze fietskar gevallen onder het afdak buiten, waardoor het vlagje nu gehalveerd is, dus dan ben je al wat lakser als het om één sigaretje binnen gaat. En één pakje ook.
Op maandag had ik dus wel wat kunnen schrijven, maar mijn slaaptekort en het 'licht huishoudelijk werk' dat ik me had voorgenomen en blijven voornemen ben, hebben me dat vermoedelijk verhinderd. Ik herinner me iets van half één 's middags en nog steeds in pyjama, maar iets echt productiefs van die dag kan ik me niet meer voor de geest halen, tenzij de eerste rij van mijn nieuw gehaakte sjaal (die ondertussen wel rond mijn nek hangt te blinken).
Komt daar nog eens bij dat ik 33-jarig was op dinsdag en we ook een hele dag uithuizig zijn geweest: ontbijt met Thelma in Julie's House, Thelma naar oma, bezoekje bij vrienden om de eerste rij van mijn haakwerk te showen, SMAK, Fnac, apéro op café, eten bij Chez René, Vooruit, Pink Flamingo's. Tof dat het was. En lekker vroeg naar bed, dat dus ook weer net niet.
De volgende dag had ik beloofd om mijn tiener-/studentenkamer op te ruimen bij m'n ouders. Dat was nog steeds niet gebeurd, dus de vraag van mijn moeder klonk een beetje als een ultimatum. Het was een mengeling van oude cursussen Germaanse / literatuurwetenschap / lerarenopleiding, waarin ik een beetje heb zitten snuisteren, van lange liefdesbrieven, waarin ik een beetje langer heb zitten snuisteren, van oude boeken, kattenbelletjes, foto's en brol allerhande [over één brolletje waarschijnlijk later ook meer]. Ik zit ondertussen halfweg, dus morgen of overmorgen komt er nog zo'n dagje aan ...
En de volgende dag wilden we al 's middags naar ons jaarlijkse oudejaarsweekendje vertrekken, deze keer in Teuven [uiteraard later meer daarover]. Vier dagen, vier nachten, geen beddegoed, kussens of dekens, regenweer voorspeld. Dat was dus alles bijeengrissen, nog wat valiezen van carpoolers in ontvangst nemen, Thelma eten geven en entertainen, snel wegwerppampers en voorraad Nan Pro 3 kopen, en dus mijn iPod niet meer kunnen updaten, al mijn T-shirts en onderlijfjes vergeten, en al zeker geen blogje meer kunnen posten.
Als er bovendien vrijdag de 23ste in het park aan de overkant nog eens een winterdrink was waar je zelf mee verantwoordelijk voor bent, en die verantwoordelijkheid zich uitbreidt naar de twee omgewaaide tenten en de duizend witte servetten in het rond, en als je dan na de opkuis spontaan voorstelt aan de hele bende om gezellig in ons huis verder te komen winterdrinken en als dat dan een beetje uitloopt tot iets te vroeg in de ochtend, snap je dat er niet zoveel tijd rest.
Bernard had gelukkig het grootste deel van de ravage 's nachts opgeruimd, maar toen ik opstond met Thelma was de sigarettenlucht nog manifest aanwezig, om van de andere sporen niet te spreken. We roken normaal niet in huis, en ik al helemaal niet, maar hoe gaat dat? Er was al iemand vol in onze kamerplant gevallen toen die licht beschonken de andere gasten wou passeren, het hele huis stond al vol met vette prints van modderzolen, er was ook al eenzelfde iemand op onze fietskar gevallen onder het afdak buiten, waardoor het vlagje nu gehalveerd is, dus dan ben je al wat lakser als het om één sigaretje binnen gaat. En één pakje ook.
Op maandag had ik dus wel wat kunnen schrijven, maar mijn slaaptekort en het 'licht huishoudelijk werk' dat ik me had voorgenomen en blijven voornemen ben, hebben me dat vermoedelijk verhinderd. Ik herinner me iets van half één 's middags en nog steeds in pyjama, maar iets echt productiefs van die dag kan ik me niet meer voor de geest halen, tenzij de eerste rij van mijn nieuw gehaakte sjaal (die ondertussen wel rond mijn nek hangt te blinken).
Komt daar nog eens bij dat ik 33-jarig was op dinsdag en we ook een hele dag uithuizig zijn geweest: ontbijt met Thelma in Julie's House, Thelma naar oma, bezoekje bij vrienden om de eerste rij van mijn haakwerk te showen, SMAK, Fnac, apéro op café, eten bij Chez René, Vooruit, Pink Flamingo's. Tof dat het was. En lekker vroeg naar bed, dat dus ook weer net niet.
De volgende dag had ik beloofd om mijn tiener-/studentenkamer op te ruimen bij m'n ouders. Dat was nog steeds niet gebeurd, dus de vraag van mijn moeder klonk een beetje als een ultimatum. Het was een mengeling van oude cursussen Germaanse / literatuurwetenschap / lerarenopleiding, waarin ik een beetje heb zitten snuisteren, van lange liefdesbrieven, waarin ik een beetje langer heb zitten snuisteren, van oude boeken, kattenbelletjes, foto's en brol allerhande [over één brolletje waarschijnlijk later ook meer]. Ik zit ondertussen halfweg, dus morgen of overmorgen komt er nog zo'n dagje aan ...
En de volgende dag wilden we al 's middags naar ons jaarlijkse oudejaarsweekendje vertrekken, deze keer in Teuven [uiteraard later meer daarover]. Vier dagen, vier nachten, geen beddegoed, kussens of dekens, regenweer voorspeld. Dat was dus alles bijeengrissen, nog wat valiezen van carpoolers in ontvangst nemen, Thelma eten geven en entertainen, snel wegwerppampers en voorraad Nan Pro 3 kopen, en dus mijn iPod niet meer kunnen updaten, al mijn T-shirts en onderlijfjes vergeten, en al zeker geen blogje meer kunnen posten.
Abonneren op:
Posts (Atom)